Je leest:

Seksloos bijzonder succesvol

Seksloos bijzonder succesvol

Auteur: | 12 mei 2013

Het raderdiertje kan jaren uitgedroogd in een soort slaaptoestand verkeren, heeft al miljoenen jaren geen seks gehad en weet parasieten op een slimme manier van zich af te schudden. Klein als hij is, is dit bodemdiertje bijzonder succesvol.

Naam: Raderdiertje Stam: Rotifera Uiterlijk: Langwerpig met een kop met ronddraaiende cilia en een voet om zich mee vast te kunnen zetten. Lengte: De meeste soorten zijn slechts 200 tot 500 micrometer lang Dieet: Omnivoor en er zitten zelfs kannibalistische soorten bij. Eerst omschreven: door John Harris in 1696. Antoni van Leeuwenhoek beschreef in 1703 voor het eerst de cryptobiose bij de diertjes. Bijzonder: Raderdiertjes kunnen in de meest extreme omstandigheden overleven als ze in slaap zijn en sommige soorten hebben geen seks.

Raderdiertjes zijn microscopisch kleine waterdiertjes die in vochtige aarde, meertjes, rivieren, op korstmossen, andere mossen, boomstammen, rotsen, bladresten en zelfs op kreeftachtigen kunnen leven. In een vochtige bodem kunnen tot wel twee miljoen raderdiertjes per vierkante meter leven! Omdat ze zo klein zijn en nauwelijks harde delen bevatten, zijn er nauwelijks fossielen van ze te vinden. Toch zijn is de soort Habrotrocha angusticollis in 6000 jaar oud veen in Canada gevonden. De oudste fossielen raderdiertjes zaten in Dominicaans barnsteen uit het Eoceen.

Roterende kroon

Klein als ze zijn behoren ze toch tot het dierenrijk. Ze hebben een compleet spijsverteringsstelsel, van mond tot kont. De meeste soorten zijn slechts 200 tot 500 micrometer lang. Slechts enkele soorten, zoals Rotaria neptunia worden langer dan een millimeter. Het raderdiertje dankt zijn naam aan de cilia die als een kroon rondom zijn mond staan en die razendsnel rond kunnen draaien. Hierdoor stroomt water de mond in waar het raderdiertje zijn voedsel uit filtert. Dat voedsel wordt door zijn kaken vermalen. In zijn langwerpige lichaam liggen naast het verteringsstelsel ook zijn voortplantingsorganen. Raderdiertjes hebben een klein brein van waaruit een aantal zenuwen door zijn lichaam lopen. Ze hebben meestal twee korte antennes en tot vijf ogen. Aan het andere uiteinde van zijn lichaam bevindt zich de voet waarmee hij zich vast kan zetten aan objecten in het water.

Goede poetsers

Als je zelf zo klein bent mag je voedsel ook niet al te groot zijn om naar binnen gefilterd te worden. De meeste raderdiertjes zijn omnivoor, maar sommige soorten zijn ware kannibalen en lusten ook wel een hapje van vriend of vriendin. Voor de rest eten ze graag rottend organisch materiaal, bacteriën, eencellige algen en ander fytoplankton. Daarom worden ze ook ingezet om het water in aquaria schoon te houden.

Sinantheria socialis raderdiertjes vormen soms een kolonie. Hier op een blad.

Opmerkelijke seks

Raderdiertjes kennen een aantal opmerkelijke seksvormen. Sommige soorten bestaan alleen uit vrouwtjes die klonen van zichzelf baren, ook wel maagdelijke voortplanting genoemd. Ondanks dat ze daardoor allemaal nagenoeg hetzelfde zijn, leven de soorten al meer dan 80 miljoen jaar. Andere soorten produceren twee soorten eitjes: de helft van de eitjes wordt een vrouwtje en de andere helft ontwikkelt tot een verbasterd mannetje dat niet eens in staat is zichzelf te voeren (seksuele dimorfie). Deze individuen paren en het bevruchte eitje ontwikkelt zich in het raderdiertje. Het mannetje blijft lang genoeg leven om sperma te produceren dat eitjes kan bevruchten. Die bevruchte eitjes worden sterke zygotes die kunnen overleven als het water om hen heen verdwijnt. Wanneer de condities weer beter zijn ontwikkelen ze tot vrouwtjes.

Ontwaken uit een droge slaap met het DNA van een ander

Bdelloidea, een onderklasse van de raderdiertjes waar zo’n 360 verschillende soorten onder vallen, kunnen uitzonderlijk goed tegen uitdroging. Wanneer de watervoorraden om hen heen opraken, schrompelen ze ineen en kunnen jaren overleven zonder een spatje water in hun lijf. Deze diepe rusttoestand wordt ook wel cryptobiose genoemd en komt bijvoorbeeld ook bij het beerdiertje voor. Tijdens deze, soms jarenlange rust, treedt er membraan- en DNA-schade op waardoor DNA van andere organismen zoals bacteriën, schimmels en zelfs planten, in de cellen terecht kan komen. Zodra de diertjes weer in aanraking komen met water, komen ze weer tot leven en kan het vreemde DNA in het genetisch materiaal van het raderdiertje ingebouwd worden.

Dit raderdiertje moet snel uit zien te drogen nu een schimmel (de oranje/gele draden) dwars door hem heen groeit.

Parasietvrij

Het lange slaapje blijkt ook nog ergens anders goed voor. In 2010 ontdekten wetenschappers dat het uitdrogen helpt om parasieten te verjagen. In hun lab bleek de meest beruchte parasiet van de diertjes, een schimmel, veel slechter tegen uitdroging te kunnen. Door uit te drogen kon de schimmel handig geloosd worden. Als de diertjes zich daarbij ook nog door de wind mee lieten voeren, waren ze de schimmel nog veel sneller kwijt. Een uniek mechanisme, dat ze een evolutionair voordeel geeft, ook al zijn ze seksloos.

Bronnen:

  • European Atlas of Soil Biodiversity, JRC European Commission
  • Eugene A. Gladyshev, Matthew Meselson en Irina R. Arkhipova, Massive Horizontal Gene Transfer in Bdelloid Rotifers, Science 30 May 2008, Vol. 320 no. 5880 pp. 1210-1213, DOI: 10.1126/science.1156407
  • C.G. Wilson & P.W. Sherman, Anciently Asexual Bdelloid Rotifers Escape Lethal Fungal Parasites by Drying Up and Blowing Away, Science, 28 januari 2010
  • Introduction to the rotifera, University of California Museum of Paleontology

1/14

Leven in de ondergrond

Ze hebben geen aaibare vachtjes, imponerende kleuren of glanzende Disney-ogen. Maar wie bodemdieren van dichtbij bekijkt, ontdekt dat ze over een fascinerende schoonheid beschikken. Bovendien zijn ze van onschatbare waarde voor onze ondergrond. Zonder bodemleven geen vruchtbare akkers en weelderige tuinen. Daarom op Kennislink de komende tijd een serie Bodemdiertjes.

1/14

Het raderdiertje

Het raderdiertje kan jaren uitgedroogd in een soort slaaptoestand verkeren, heeft al miljoenen jaren geen seks gehad en weet parasieten op een slimme manier van zich af te schudden. Klein als hij is, is dit bodemdiertje bijzonder succesvol.

Lees verder over het raderdiertje

Wikimedia Commons, CC BY SA 3.0

1/14

De duizend- en miljoenpoot

Hun naam zegt niet zoveel over het aantal poten en de lengte van deze kruipers varieert gigantisch. Maar in welke vorm ook, ze zijn erg nuttig voor onze bodem. Ze recyclen dood plantaardig materiaal en houden planten knagende dieren bij planten weg; een goede zaak voor de koolstofkringloop.

Lees meer over de duizend- en miljoenpoot

1/14

De mol

Bijna blind rent hij door zijn smalle gangenstelsel en graaft met een enorme kracht er nog wat tunnels bij. Als hij een worm tegenkomt sprint hij er op af, verlamt hem en legt hem in de voorraadkamer. Dan heeft hij later ook nog wat.

Lees meer over de mol

1/14

De mijnspin

Een mier loopt nietsvermoedend over de aarde, niet wetende dat daaronder zich het gangenstelsel van het huis van de mijnspin bevindt. Razendsnel rent de mijnspin naar boven, bijt de prooi met haar vlijmscherpe tanden en trekt hem haar huis in.

Lees meer over de mijnspin

1/14

De slijmzwam

Ze hebben uiteenlopende namen van Heksenboter en Bloedweizwam tot Zilveren boomkussen. Ze kunnen zonder hersenen hun weg door een doolhof vinden en zijn zelfs in staat een robot te besturen. De slijmzwam is een intelligentere bodembewoner dan je denkt.

Lees meer over de slijmzwam

1/14

De bodemmijt

Zet op een willekeurige plek in het bos je schep in de grond en je haalt zo honderden mijten omhoog. Deze kleine beestjes hebben een uiteenlopend dieet en verzamelen dat al zuigend, stekend of zagend bij elkaar. En ze zijn ook nog eens reuzesterk.

Lees meer over de bodemmijt

1/14

De loopkever

Veertig procent van alle insectensoorten die we kennen zijn kevers. Sommigen wonen in een grot in de bergen, anderen zitten in een boomtop van het tropisch regenwoud. Soms vormen ze zelf een plaag, soms worden ze juist ingezet om plagen te voorkomen. En klein als ze zijn weten ze zich goed te verweren, dat ondervond Darwin zelfs al tijdens een van zijn reizen.

Lees meer over de loopkever

1/14

De bodemschimmel

Hoewel je bij een schimmel misschien snel aan de groene spikkels op je bedorven appel of brood denkt, zijn er veel meer soorten. De soorten die in de bodem leven bijvoorbeeld. Bodemschimmels kunnen een heel groot deel van de biomassa onder de grond beslaan. Ze komen in alle soorten en maten voor en spelen een hele belangrijke rol in de ecosystemen van de bodem.

Lees meer over bodemschimmels

1/14

De mier

Geen soort zo sterk, geen soort die zo goed samenwerkt. Geen soort met zoveel opmerkelijke eigenschappen. Je vindt ze overal, behalve op de polen. Waar je ook ter wereld even goed om je heen kijkt in het zand zie je ze alweer lopen. Mieren. Soms met tientallen, soms met miljoenen tegelijk. Alhoewel ze soms heel irritant kunnen zijn, zijn ze bovenal bijzonder indrukwekkend.

Lees meer over de mier

1/14

Het beerdiertje

Als een klein bolletje wordt hij meegenomen door de lucht. Zwervend van plek naar plek. Plots komt hij in een plasje water terecht en binnen een paar minuten ontvouwen zich vier paar pootjes onder het dikke bolletje vandaan. Aan ieder pootje zit een klein klauwtje. Oogjes heeft het niet. Met zijn kleine, koddige, bolle lijfje en acht pootjes begint het beerdiertje heel langzaam rond te kruipen. Hij is net wakker geworden na enkele jaren slaap.

Lees meer over het beerdiertje

1/14

De springstaart

In één sprong overbruggen ze met gemak een afstand van zo’n acht centimeter. Geen kunst? Wel wanneer je bedenkt dat springstaarten zelf een lengte van enkele millimeters hebben. Ruim een factor tien verschil, dus. Alleen: wat doen zulke goede springers ondergronds?

Lees meer over de springstaart

Steve Hopkin

1/14

De pissebed

Ze hebben hun naam en hun uiterlijk niet mee, maar pissebedden zijn onmisbaar voor onze bodem. Ze recyclen plantaardig materiaal en dragen zo bij aan de koolstofkringloop. Gezond voor de ondergrond dus, en mogelijk zelfs gezond voor ons!

Lees meer over de pissebed

1/14

De regenworm

Platgetrapt op het trottoir zien we ze weleens, of hulpeloos bungelend in een merelsnavel. Misschien tijdens een middagje spitten in de tuin. Maar we worden vooral indirect met regenwormen geconfronteerd, door het nuttige bodemwerk dat ze verrichten. Door te graven, te ploegen en te composteren zorgen ze voor een vruchtbare ondergrond.

Lees meer over de regenworm

Lees ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 12 mei 2013

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.