Je leest:

Een dag van spandoeken en tentoonstellingen

Een dag van spandoeken en tentoonstellingen

Auteur: | 21 februari 2017

Wetenschap moeten we verdedigen, nu meer dan ooit. Dat is wat er na vijf dagen AAAS-bijeenkomst vooral blijft hangen. Redacteur Hersenen & Gedrag Mariska van Sprundel houdt een blog bij voor NEMO Kennislink over de grootste wetenschappelijke bijeenkomst van het jaar.

Suzanne Blanchard

Blogs vanaf de AAAS

Van 16 tot 20 februari 2017 vindt in Boston de jaarlijkse bijeenkomst van de American Association for the Advancement of Science, kortweg AAAS plaats. De conferentie focust zich op de laatste ontwikkelingen in wetenschappelijk onderzoek en technologie. Redacteur Hersenen & Gedrag Mariska van Sprundel blogt tijdens de conferentie over hoogtepunten, opmerkelijke zaken en interessante sprekers.

Lees ook de eerdere blogs:

Het zit er alweer op; vanochtend waren de laatste sessies van de AAAS-bijeenkomst. Wetenschappers kwamen hier in eerste instantie bij elkaar om hun onderzoeksresultaten te delen, maar velen refereerden links- of rechtsom aan de impact van Trumps maatregelen op wetenschap en beleid. Andere onderzoekers vielen juist op door hun afwezigheid. Een Soedanese wetenschapper was bang voor problemen met haar visum en besloot niet naar Boston te komen om haar prijs voor excellent onderzoek in ontvangst te nemen. En gisteren verzamelden honderden mensen zich vlakbij het conventiecentrum om te demonstreren tegen de anti-wetenschappelijke houding van de nieuwe Amerikaanse regering.

Botjes uitprinten

Het was niet alleen maar kommer en kwel. Er was bijvoorbeeld ook een meeslepende lezing over het ontstaan van tweevoetigheid. Wanneer, hoe en waarom sprongen onze verre voorouders uit de bomen om op twee benen te gaan lopen? Antropoloog Jeremy DeSilva van Dartmouth College kan zo gepassioneerd vertellen over de ongebruikelijke manier waarop mensen zich voortbewegen, dat ik een uur lang met volle aandacht heb zitten luisteren.

Zondag 19 februari vond in Boston een mars voor de wetenschap plaats.
Mariska van Sprundel voor NEMO Kennislink

Maar, ook DeSilva sloot zijn verhaal af met een serieuze noot. Wetenschappers moeten meer communiceren, betoogde hij, met elkaar en met de maatschappij. Dat is nu belangrijker dan ooit. Als voorbeeld gaf hij de website www.morphosource.org, waar onderzoekers 3D-data over fossielen delen, zodat vakgenoten een replica kunnen uitprinten. Ook scholen en musea met een 3D-printer kunnen de botjes uitprinten voor onderwijs. Het zal niet voor elke onderzoeker even praktisch zijn, maar DeSilva raadt collega’s aan samenwerkingen te zoeken met musea en andere publieksinstellingen.

Shows en tentoonstellingen

Now more than ever.” Die zin bleef maar terugkomen in paneldiscussies en lezingen, of het nu ging om het belang van wetenschapscommunicatie en fundamenteel onderzoek of de rol van journalisten. Nog zoiets, wat juist in deze tijd aandacht verdient, is kinderen leren wat onderzoek inhoudt en welke informatie betrouwbaar is. Schokkend: tachtig procent van de basisschoolkinderen in de Verenigde Staten denkt dat advertenties echte nieuwsberichten zijn. En zeventig procent van de Amerikaanse leerlingen weet niet één naam van een wetenschapper te noemen, volgens educatief psycholoog Julie Coiro van de universiteit van Rhode Island (Verenigde Staten).

De AAAS is alvast met deze taak begonnen: het hele weekend waren er activiteiten in het conventiecentrum voor de jeugd en hun familie, zoals tentoonstellingen, shows en de mogelijkheid met onderzoekers te praten. Terwijl een paar honderd meter verderop de spandoeken de lucht ingingen, was deze wetenschapsdag voor de kinderen gewoon een fijn dagje uit.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 21 februari 2017

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.