Naar de content

Thuis met een enkelband of ouderwets achter tralies?

Pixabay, ErikaWittlieb via CC0

Gedetineerden die hun straf thuis met een enkelband uitzitten komen minder vaak opnieuw in de gevangenis terecht dan veroordeelden die hun straf achter tralies doorbrengen. Elektronisch toezicht door middel van een enkelband is hiermee een mogelijk alternatief voor korte gevangenisstraffen. Dit blijkt uit onderzoek van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), de Universiteit Leiden en het Belgische Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC).

17 februari 2016

In veel Europese landen is het aantal personen dat in de gevangenis zit de laatste decennia fors gestegen. Een Nederlandse gedetineerde kost de staat ongeveer 200 euro per dag aan huisvesting, bewaking en verzorging. Het gegroeide aantal gedetineerden brengt dan ook hoge kosten met zich mee. In verschillende landen zoekt men naar goedkopere alternatieven voor het traditionele verblijf achter tralies.

Elektronisch toezicht waarbij de gedetineerde thuis zit met een enkelband is zo’n alternatief. Het is goedkoper, maar werkt een enkelband wel even goed als gevangenisstraf om herhaald crimineel gedrag te voorkomen? Ja, een enkelband werkt misschien zelfs beter, zo blijkt nu uit onderzoek van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), de Universiteit Leiden en het Belgische Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC).

Hoe werkt elektronisch toezicht?

Wanneer een gedetineerde zijn straf onder elektronisch toezicht uitzit, krijgt hij of zij een enkelband om met daarin een zendertje. Met dit zendertje kan op elk gewenst tijdstip worden nagegaan of de gedetineerde zich op de afgesproken tijdstippen in zijn of haar opgegeven verblijfplaats bevindt.

Gedetineerden met een enkelband hoeven niet altijd verplicht de hele dag in hun eigen huis te blijven. Zo is het mogelijk dat de gedetineerde tijdens zijn of haar straf naar therapie of naar het werk gaat, of de kinderen naar school brengt.

Afhankelijk van de dagelijkse bezigheden van de gedetineerde wordt een tijd afgesproken wanneer hij of zij weer thuis moet zijn. Als een gedetineerde niet op de afgesproken tijd weer thuis is, dan kan hij of zij alsnog worden opgesloten in de gevangenis.

Wat zijn de voor- en nadelen van elektronisch toezicht?

Een voordeel van elektronisch toezicht is dat het goedkoper is dan het opsluiten van veroordeelden in de gevangenis. Omdat de veroordeelde de straf thuis uitzit, zijn minder cellen nodig en ook minder gevangenispersoneel.

Een ander voordeel is dat een gedetineerde met een enkelband gewoon naar het werk kan blijven gaan en zijn of haar partner en kinderen kan blijven zien. Zolang mensen werk hebben of getrouwd zijn maken zij zich minder vaak schuldig aan crimineel gedrag. Veroordeelden die hun straf in de gevangenis uitzitten daarentegen, lopen een groot risico hun baan of hun relatie kwijt te raken omdat ze zo lang van huis zijn.

Een nadeel van de enkelband is dat deze de gedetineerde niet alleen in staat stelt om te blijven werken of zijn of haar partner te blijven zien, hetzelfde geldt ook voor eventuele criminele vrienden. Hierdoor bestaat de kans dat gedetineerden met een enkelband juist vaker opnieuw in de fout gaan dan gedetineerden die hun straf uitzitten in de gevangenis.

Een ander mogelijk nadeel van elektronisch toezicht is dat het dragen van een enkelband door de gedetineerde minder als ‘straf’ wordt ervaren dan een reguliere gevangenisstraf. Het vooruitzicht bij herhaald crimineel gedrag opnieuw te worden bestraft werkt dan misschien minder afschrikwekkend dan wanneer de veroordeelde een reguliere gevangenisstraf heeft ondergaan.

Hoe kom je er achter of elektronisch toezicht werkt?

Als je wilt weten of elektronisch toezicht beter, slechter of even goed werkt als gevangenisstraf, dan moet je eigenlijk een experiment uitvoeren. Je zou dan bijvoorbeeld door het opgooien van een dobbelsteen kunnen bepalen wie een enkelband krijgt (bijvoorbeeld bij een even aantal ogen) en wie de gevangenis in gaat (bij een oneven aantal).

Als je een dobbelsteen gooit, is vooraf de kans om een enkelband te krijgen voor iedere veroordeelde even groot. Achteraf kan daarom elk verschil in herhaald crimineel gedrag volledig worden toegeschreven aan welk type straf een veroordeelde daadwerkelijk heeft ondergaan.

In de praktijk is de kans op elektronisch toezicht niet voor iedere gedetineerde gelijk. Als een gedetineerde al vaker veroordeeld is tot een gevangenisstraf bijvoorbeeld, of een ernstig misdrijf heeft gepleegd, is de kans op reguliere gevangenisstraf groter. Gedetineerden die voor het eerst zijn veroordeeld, of een minder ernstig feit hebben gepleegd, hebben juist een grotere kans om een enkelband te krijgen. Hierdoor kun je niet zomaar iedereen die elektronisch toezicht kreeg opgelegd vergelijken met alle veroordeelden die hun straf in de gevangenis uitzaten.

Een ‘quasi’-experiment biedt uitkomst

Ook zonder echt experiment kun je het effect van elektronisch toezicht echter schatten. Je maakt dan gebruik van een quasi-experiment, oftewel een onderzoek dat dicht in de buurt komt van een echt experiment (maar het niet is). Bij een quasi-experiment zorg je ervoor dat je alleen gedetineerden met een enkelband vergelijkt met overeenkomstige gevangenisgestraften voor wat betreft criminele geschiedenis, ernst van het gepleegde misdrijf, etc. Dit voorkomt dat je appels met peren aan het vergelijken bent. Op hoe meer punten je beide groepen vergelijkbaar weet te maken, hoe zekerder je kunt zijn dat het eventuele verschil tussen de beide groepen het gevolg is van het type straf.

In onze studie vergeleken we ruim 900 Belgische gedetineerden die een enkelband kregen, met een even zo grote groep gedetineerden die hun straf in de gevangenis uitzaten. Beide groepen kwamen vrij in de periode 2003-2005. We zorgden er vervolgens voor dat beide groepen zoveel mogelijk op elkaar leken wat betreft persoonlijke kenmerken (leeftijd, geslacht en nationaliteit), eerdere gevangenisstraffen (leeftijd eerste gevangenisstraf, aantal eerdere gevangenisstraffen, totale lengte van eerdere gevangenisstraffen) en het misdrijf waarvoor ze als laatste waren veroordeeld.

Wat is het effect van elektronisch toezicht?

De resultaten van onze vergelijking laten zien dat veroordeelden die hun straf thuis met een enkelband doorbrachten minder vaak opnieuw een gevangenisstraf dienden uit te zitten dan veroordeelden die hun straf in de gevangenis ondergingen. Het eerste jaar na vrijlating kwam 5% van de gedetineerden met een enkelband opnieuw in de gevangenis, terwijl dit voor de groep gevangenisgestraften 18% betrof. En vijf jaar na vrijlating bestaat dit verschil nog steeds.

Een staafdiagram die het percentage weergeeft van wederopgesloten. Er wordt een vergelijking gemaakt in jaren tussen de gevangenis en een enkelband.

Proportie Belgische veroordeelden die binnen 1 jaar, 3 jaar en 5 jaar opnieuw een gevangenisstraf dienden uit te zitten.

Arjan Blokland, Hilde Wermink, Luc Robert, Eric Maes (NSCR)

Thuis met een enkelband of liever toch ouderwets achter tralies?

Ons quasi-experiment laat zien dat veroordeelden die hun straf thuis met een enkelband uitzitten minder vaak opnieuw in de gevangenis belanden dan veroordeelden die ouderwets achter tralies worden gezet. Om er helemaal zeker van te zijn dat dit het gevolg is van het type straf, is een echt experiment noodzakelijk. Maar zelfs als uit een echt experiment blijkt dat veroordeelden na elektronisch toezicht minder vaak opnieuw in de fout gaan, dan nog geeft dat geen definitief antwoord op de vraag ‘Wat hebben we liever?’.

Met het opleggen van straffen proberen we te voorkomen dat een veroordeelde zich opnieuw schuldig maakt aan crimineel gedrag. Het lijkt er vooralsnog op dat elektronisch toezicht hier beter in slaagt dan een korte gevangenisstraf. Maar dat is niet het enige wat we willen bereiken met het bestraffen van misdadigers. Straffen dienen ook als waarschuwing voor de rest van de bevolking: ‘Kijk wat de gevolgen zijn als je je niet aan de regels houdt!’. Bovendien vinden de meeste mensen dat iemand die zich niet aan de regels houdt straf ‘verdient’ vanwege de ellende die hij of zij voor de slachtoffers heeft veroorzaakt.

Blote benen van een persoon die op het strand ligt. Deze persoon draagt een elektronische enkelband.

Sommigen mensen vinden het dragen van een enkelband geen goed alternatief voor een gevangenisstraf. Zij vinden bijvoorbeeld dat iemand die zich niet aan de regels houdt, straf ‘verdient’ vanwege de ellende die hij of zij voor de slachtoffers heeft veroorzaakt.

Monique

Het antwoord op de vraag of dat ‘thuis op de bank met een enkelband’ dan voldoende straf is om de ellende van de slachtoffers te compenseren, of dat hiervoor een verblijf achter tralies noodzakelijk is, laat zich niet met wetenschappelijk onderzoek beantwoorden; al kun je natuurlijk wel onderzoeken wat Nederlanders hier zoal over denken. Dat antwoord is onderwerp van politiek debat en zal uiteindelijk gegeven moeten worden door de samenleving zelf.

Arjan Blokland is als senior onderzoeker verbonden aan het NSCR, waar hij de ontwikkeling van crimineel gedrag over het leven onderzoekt. Daarnaast is hij bijzonder hoogleraar bij het instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden. Hilde Wermink is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden. Luc Robert en Eric Maes zijn als respectievelijk onderzoeker en senior onderzoeker werkzaam bij het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie te Brussel.

Bron:
Dit artikel is een publicatie van Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR)
ReactiesReageer