Je leest:

Water als bondgenoot in oorlogstijd

Water als bondgenoot in oorlogstijd

Auteur: | 22 juni 2015

Ruim 30 procent van de overstromingen van de afgelopen 500 jaar in Zuidwest-Nederland werden doelbewust veroorzaakt. In oorlogstijd liet men regelmatig stukken land onder water lopen om de vijand tegen te houden of te verjagen. Dat concludeert onderzoeker historische geografie Adriaan de Kraker (Vrije Universiteit Amsterdam).

De Britse minister Attlee bezoekt Walcheren in maart 1945, dat is ondergelopen nadat de dijken in 1944 waren gebombardeerd door de Geallieerden.

Riskante tactiek

Experts wezen in oorlogstijd vaak de plekken aan waar een dijkdoorbraak het maximale effect zou sorteren. Plannen voor het herstel van de dijken na de geplande overstroming ontbraken echter meestal. De dijken bleven daardoor vaak tientallen jaren beschadigd, of werden zelfs helemaal niet meer gerepareerd. De gevolgen van de overstromingen zijn dan ook nog altijd op veel plaatsen zichtbaar in het landschap. Zo zijn getijdengeulen als het Saeftingher Gat, Hellegat, Braakman en Havengat in Zeeuws-Vlaanderen als gevolg van de onderwaterzettingen in de jaren 1580 ontstaan. Door slibafzetting vormden zich dikke vruchtbare kleibodems. Door de lange aanwezigheid van het zoute water trad hier en daar verzilting van de bodem op.

“Een overstroming veroorzaken is een riskante tactiek”, zegt De Kraker. “Het werkt alleen goed in combinatie met een doordacht plan, inclusief snelle reparatie van de dijken en een vergoeding van de veroorzaakte schade aan de gedupeerden. Hier was echter helemaal niets voor geregeld, bleek uit mijn onderzoek.” Als er al geld voor werd vrijgemaakt, zoals bijvoorbeeld na de overstromingen die de Nederlandse rebellen tijdens de Tachtigjarige Oorlog veroorzaakten om de Spanjaarden te dwarsbomen, dan werd dit uiteindelijk vaak ingezet voor militaire doeleinden in plaats van reparatiewerkzaamheden. De Kraker publiceerde zijn bevindingen in het vakblad Hydrology and Earth System Sciences.

De Braakman, een voormalige zeearm van de Westerschelde in Zeeuws Vlaanderen, is ooit ontstaan door een doelbewust veroorzaakte overstroming.
Vanno, via Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0

Steeds strategischer

De Kraker deed zijn onderzoek aan de hand van historische bronnen. Zoals historische kaarten, meldingen over schade aan dijken, rapporten over onderhoud aan de zeewering en correspondentie van mensen die op de een of andere manier bij de overstromingen betrokken waren. Dat men in oorlogen overstromingen als tactiek gebruikte is op zich geen nieuws, zegt De Kraker. Je kunt het in alle geschiedenisboeken terugvinden. De Kraker maakte echter als eerste een systematisch overzicht van de gevolgen van de verschillende soorten overstromingen van de afgelopen 500 jaar. “Maar ook daarvoor was het water al een bondgenoot van de mens in de strijd tegen mogelijke vijanden”, vertelt De Kraker. “Denk maar aan de slotgrachten rond Middeleeuwse kastelen.”

De grootste bewust geplande overstroming uit de studie van De Kraker vond plaats tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Nederlandse rebellen lieten toen, onder leiding van Willem van Oranje, het Vlaamse deel van de Westerschelde onder water lopen om de Spanjaarden dwars te zitten. In 1584 en 1586 werden dijken doorgebroken bij Saeftinghe, Campen en Terneuzen, en kwam uiteindelijk tweederde van Zeeuws-Vlaanderen onder water te staan.

In de loop der tijd werd er steeds strategischer met de tactiek van het ondergelopen land omgesprongen. In de 16e en 17e eeuw was een opgewekte overstroming nog vaak een plotselinge ingeving of noodgreep. In de loop van de 18e eeuw legde men in het Vlaamse deel van Zeeland al speciale infrastructuur aan om het land binnen een paar dagen onder water te kunnen zetten.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het water in Nederland voor de laatste keer als wapen ingezet. In 1944 kwam Walcheren blank te staan door de geallieerden. De Duitsers lieten op 17 april 1945, toen de bevrijding al nabij was, de Wieringermeerpolder nog even vollopen. Ruim achtduizend mensen moesten op zoek naar een veilig heenkomen. Deze laatste onderwaterzetting voor oorlogsdoeleinden in Nederland viel overigens buiten het onderzoeksgebied van De Kraker.

Fragment van polygoonjournaal uit 1945, over de onderwaterzetting van de Wieringermeerpolder. Bron: NPO Geschiedenis, VPRO

Eigen agenda

Voor moderne oorlogen in onze contreien is water als wapen minder geschikt. Een straaljager of bommenwerper laat zich door een ondergelopen polder immers niet tegenhouden. “Toch laat men ook nu nog regelmatig met opzet stukken land onder water lopen”, zegt De Kraker. “Maar dan in het kader van natuurontwikkeling.” De onderzoeker ziet graag dat natuurontwikkelaars hierbij meer gebruik maken van de kennis over de gevolgen van de onderwaterzettingen uit het verleden en zich beter gaan realiseren wat het betekent om cultuurlandschap prijs te geven aan het water.

Als voorbeeld noemt hij de verdedigingslinie die de Vlamingen in de 18e eeuw aanlegden in de zone tussen de dorpjes Sluis en Doel. Enkele gebieden konden daar onder water worden gezet bij dreigend gevaar. Maar juist dit gebied slibte dicht, waardoor de verdedigingslinie uiteindelijk niet meer werkte. “De natuur heeft haar eigen agenda”, zegt De Kraker. “Daar hebben zowel militairen als natuurontwikkelaars rekening mee te houden.”

Het Verdonken Land van Saeftinghe
Saeftinghe kenner, via Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0

Verwaarlozing

Henk Weerts ‎is als onderzoeker fysische geografie en paleogeografie werkzaam bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en was niet betrokken bij het onderzoek. Hij is niet verrast over de bevindingen van De Kraker. “Het getal van 30 procent verbaast mij niet. Neem alleen al de militaire inundaties tijdens de Tachtigjarige Oorlog, waardoor onder andere het Verdronken land van Saeftinghe verloren ging.” Oorlogen veroorzaakten ook indirect overstromingen, merkt Weerts op. Zo zijn de St. Elisabethsvloeden van 1421 en 1422, waarbij de Hoeksche Waard, de Biesbosch en delen van West-Brabant verloren gingen mede veroorzaakt door verwaarlozing van de dijken tijdens de Hoekse en Kabeljauwse Twisten. “Door de oorlog was er geen geld om de dijken te onderhouden.”

Bronnen

  • De Kraker,A., ‘Flooding in river mouths: human caused or natural events? Five centuries of flooding events in the SW Netherlands, 1500–2000’, Hydrology and Earth System Sciences 19 (2015), 2637-2684, doi:10.5194/hess-19-2673-2015
  • ‘Overstromingen als oorlogswapen’ (Persbericht VU Amsterdam )
Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 22 juni 2015

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.