Naar de content

Wat is fonetisch schrift?

Een tabel met het internationale fonetisch alfabet. Voor dit alfabet wordt IPA gebruikt, het International Phonetic Alphabet van de International Phonetic Association.
Een tabel met het internationale fonetisch alfabet. Voor dit alfabet wordt IPA gebruikt, het International Phonetic Alphabet van de International Phonetic Association.
IPA voor Wikimedia via CC BY-SA 3.0

Het Nederlandse alfabet bestaat uit 26 letters, waarmee maar liefst 40 klanken moeten worden weergegeven. Het Engels moet met hetzelfde aantal letters zelfs 44 klanken weergeven. Met het fonetisch alfabet kun je precies aangeven hoe woorden uitgesproken (moeten) worden.

26 september 2006

Gewoon schrift is geen weergave van spraak, maar een vorm waarin taal gerealiseerd wordt. Ook spraak is een vorm van taal. Er is een verband tussen ons schrift en onze spraak omdat ze uitingsvormen zijn van dezelfde taal. Maar taal zelf is noch inkt op papier noch trillingen van de lucht. Taal is iets abstracters.

Omdat gewoon schrift taal weergeeft en geen spraak kun je in gewoon schrift niet weergeven hoe taal precies klinkt. Dat kan wel met fonetisch schrift. Fonetisch schrift is ontworpen om alle klanken die in menselijke talen voorkomen te noteren. In fonetisch schrift kun je de uitspraak van een woord zeer nauwkeurig optekenen. Je kunt ook uitspraakverschillen noteren die voor de betekenis van het woord niet van belang zijn. Je kunt het regionaal accent van de spreker aangeven. Je kunt zelfs opschrijven hoe iemand een woord op het ene moment anders uitspreekt dan op een ander moment.

Een tabel met het internationale fonetisch alfabet. Voor dit alfabet wordt IPA gebruikt, het International Phonetic Alphabet van de International Phonetic Association.
IPA voor Wikimedia via CC BY-SA 3.0

Voor fonetisch schrift wordt IPA gebruikt, het International Phonetic Alphabet van de International Phonetic Association, een organisatie van fonetici die al in 1886 is opgericht.

Zie ook:

Terug:

Dit artikel is een publicatie van Rijksuniversiteit Groningen (RUG)