Je leest:

Vingerafdrukken

Vingerafdrukken

Auteur: | 1 januari 2007

Het typerende beeld van forensisch onderzoek is dat van de rechercheur die met poeder en een kwastje op zoek gaat naar vingerafdrukken op de ‘plaats delict’. Deze techniek, de dactyloscopie, is nog niet zo erg oud. Wel zijn er inmiddels nieuwe, gevoeliger technieken bijgekomen.

SXC.hu

In 1822 had de Tsjechische fysioloog en anatoom Jan Evangelista Purkinje ontdekt dat lijnen op de vingertoppen een voor iedere persoon uniek patroon vormen. Hij deelde die patronen netjes in groepen in, maar kwam niet op de gedachte dat je ze misschien voor identificatie kon gebruiken. Dat gebeurde pas na de ongelofelijke ontdekking dat het lijnenpatroon van een vingerafdruk al bij de geboorte helemaal compleet is, en tot ver na de dood tot op de kleinste onderdelen precies gelijk blijft.

Het nemen van vingerafdrukken om mensen te herkennen werd uitgeprobeerd in Brits Indië, waar Britse ambtenaren lang niet altijd precies wisten met wie ze te maken hadden. Veel pensioengerechtigde ambtenaren bleken opvallend oud te worden, sommigen leken haast het eeuwige leven te hebben. Men vermoedde dat de familie na de dood van een ambtenaar het overlijden verzweeg. Een familielid die wel wat op de overledene leek kon vervolgens het pensioen innen.

De kleur van chemie

Dit artikel is afkomstig uit het hoofdstuk ‘Chemie op leven en dood’ uit de VU-uitgave De kleur van chemie, een bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren.

Na de invoering van vingerafdrukken als identificatiemiddel werd alleen nog uitbetaald aan bezitters van de juiste vingerafdruk. Nadat in Brits-Indië was gebleken dat deze manier werkte, werd het langzamerhand ook in Europa ingevoerd. In Nederland gebeurde dit in 1907.

Twaalf kenmerken

Tegenwoordig worden in een gevonden vingerafdruk twaalf verschillende kenmerken aangewezen. Als die twaalf kenmerken vastliggen, wordt het voor zeker aangenomen dat deze vingerafdruk wereldwijd maar bij één persoon kan horen.

Het opsporen en vastleggen van een mooie vingerafdruk is een hoog ontwikkelde wetenschap geworden. Een vette vingerafdruk op glas is prachtig met grijs poeder aan te tonen, maar inmiddels is er nog veel meer mogelijk. Er is één plaats in Nederland waar bijna elke vingerafdruk onverbiddelijk aan het licht gebracht kan worden. Dat is het Nederlands Forensisch Instituut in Rijswijk.

Een scan van een vingerafruk is tegenwoordig een steeds vaker gebruikte methode voor biometrische identificatie.

Met scheikundige kleurreacties en laserbestraling zijn haarscherpe vingerafdrukken zichtbaar te maken, ook op plaatsen waar met poeder niets meer te zien is. Een van de scheikundigen bij het Forensisch Instituut is drs. Jan Bijl. Hij werkt al bijna twintig jaar bij het instituut, en laat ons graag een kijkje achter de schermen nemen.

Bijl vertelt: “Bij haast elk ernstig misdrijf dat in Nederland wordt gepleegd worden wel medewerkers van ons ingeschakeld. En omdat elk misdrijf weer anders is, moeten we van de meest verschillende onderwerpen een heleboel weten. Niet alleen van vingerafdrukken, maar ook van wapens, kogels, kruit, bloed, vervalste papieren, vergiftigingen, drugs, glassplinters, verfschilfers enzovoort. Als een politieambtenaar na een aanrijding hier komt met een piepklein verfschilfertje van een onbekende auto die is doorgereden, kunnen we hem vaak binnen een uur vertellen welk merk auto het geweest is, welk type, en ongeveer welk bouwjaar.”

Poederkwast

De eigen specialisaties van Jan Bijl zijn het brand en explosieonderzoek en fraudeonderzoek aan documenten, maar ook over vingerafdrukken weet hij mee te praten. “Vingerafdrukken bestaan uit de zelfde stoffen als gewoon menselijk zweet. In zweet zitten vetten, aminozuren, zouten en vooral water. Vandaar dat een verse vingerafdruk een heel andere samenstelling heeft dan een oude, en dat de afdruk op een andere manier zichtbaar te maken is.”

Tetrasoc

“De bekendste manier om een afdruk zichtbaar te maken is met de poederkwast. Daar wordt niet zomaar een verfkwast voor gebruikt, maar een maraboekwast. Vroeger werd die van de veren van een maraboe gemaakt, maar tegenwoordig vaak van andere veren.”

“Ook de poeders zijn heel speciaal. Er zijn witte, zwarte – roet – en allerlei grijze poeders. Om te weten welk poeder het beste resultaat geeft is heel wat oefening nodig. Voor oude vingerafdrukken maakten we vroeger zelf roet met een vlammetje. In een kroesje deden we wat kamfer, en als dat aangestoken wordt krijg je een enorme roetwalm. We hielden het voorwerp er boven, en door de warmte van de vlam werden de vetten van de vingerafdruk zacht en bleef het roet daar plakken.”

“Als je na het roeten het oppervlak voorzichtig met de maraboekwast schoonmaakte, zag je vaak prachtige vingerafdrukken verschijnen. Op donkere voorwerpen deden we iets dergelijks, alleen gebruikten we dan magnesiumlint. Dat geeft een heel fijne witte rook van magnesiumoxide.”

Chemische methodes

Naast de poedermethode beschikt Bijl natuurlijk ook over chemische methodes om een afdruk zichtbaar te maken. “We kunnen bijvoorbeeld met jooddamp werken. Vooral op papier lukt dat soms heel goed. Papier wordt dan boven korreltjes jood gehouden, het jood wordt een beetje verwarmd zodat het sublimeert. De damp lost dan op in het vet van een vingerafdruk. Die kleurt daardoor geelbruin.”

“Ook de zouten in een vingerafdruk zijn aan te tonen. Dat gaat net zo als het ontwikkelen van een ouderwetse foto, alleen ontwikkel je nu een vingerafdruk. Vooral op blank hout werkt dat goed. We doen dan voorzichtig wat zilvernitraatoplossing op het voorwerp, en wachten een tijdje. De stof kan dan reageren met chloride-ionen in een vingerafdruk. Daarbij wordt zilverchloride gevormd. Dat zilverchloride wordt daarna ontleed met een sterke lamp, en bij die fotolyse kleurt het zilver grijszwart, net als bij het ontwikkelen van een foto.”

“Op lastige oppervlakten wordt tegenwoordig een slimme methode gebruikt die enkele jaren geleden bij toeval ontdekt werd. Iedereen weet dat je op moet passen met éénsecondelijm. Die lijm bestaat uit cyanoacrylaat. Onder invloed van vocht lijmt die stof alles aan elkaar – dus ook vingers.”

“Het voorwerp dat we willen onderzoeken op vingerafdrukken doen we in een soort aquariumbak. Daar zetten we een schaaltje met superlijm bij. We verwarmen de lijm zodat de moleculen cyanoacrylaat verdampen. Op de plaats van vochtige vingerafdrukken reageren de cyanoacrylaat moleculen met water en zo ontstaat een laagje lijm.”

“Als de lijm hard geworden is, kunnen we er een foto van nemen of een afgietsel. We hoeven dan niet bang te zijn dat we de afdruk wegvegen, want die is nu keihard en zit muurvast op de ondergrond gelijmd.”

Goud

In een proces is een goede vingerafdruk op de plaats van een misdrijf goud waard. Soms zelfs letterlijk, zo vertelt Bijl: “Gouddamp hecht niet op vingerafdrukken maar wel op vuilniszakken. Als we een vuilniszak vergulden, en van achteren beschijnen, zie je soms haarscherpe vingerafdrukken.”

De meest geavanceerde methoden houdt Bijl achter de hand voor bijzondere gevallen. Maar ook aan de routineafdrukken komt high tech te pas. Die worden heel vaak met laserlicht beschenen zodat ze – net zoals witte kleren in ultraviolet ‘discolight’ – sterk oplichten.

Vrije Universiteit Amsterdam

Het boek ‘De kleur van chemie’ werd in 2007 uitgegeven door de Faculteit der Exacte Wetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam (Afdeling Scheikunde en Farmaceutische Wetenschappen). Het is een geactualiseerde bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren. Ze belichten de rol van de scheikunde op tal van gebieden.

De Kennislinkartikelen uit het hoofdstuk ‘Chemie op leven en dood’:

Dit artikel is een publicatie van VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen.
© VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 januari 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.