Naar de content

Onwaarschijnlijke redders van de ozonlaag

Recensie van de film ‘Ozone hole: how we saved the planet’

NASA Earth Observatory via Wikimedia Commons, publiek domein

Van films over milieuproblemen word je meestal niet vrolijk. Daarom is ‘Ozone hole: how we saved the planet’ zo verfrissend. Het is een optimistisch verslag van hoe onwelkome en heftig bekritiseerde wetenschappelijke inzichten uiteindelijk wel degelijk tot een gezamenlijk, wereldwijd optreden kunnen leiden. Idealisme is niet vereist, politiek leiderschap wel.

6 november 2018

Geen verwoestende overstromingen, uitgedroogde vlaktes of ontheemde mensenmassa’s die je bij de meeste milieurampfilms voor je kiezen krijgt. De film ‘Ozone hole: how we saved the planet’ pakt het anders aan. Interviews met betrokken wetenschappers, beleidsmakers, bestuurders en politici worden afgewisseld met archiefbeelden en uitleg waardoor je een goed beeld krijgt van de totstandkoming van het zogeheten Montrealprotocol: het eerste internationale verdrag dat stoffen verbiedt vanwege de schade aan het milieu.

Het is een optimistisch en vlot gepresenteerd verhaal, waarin de betrokkenen openhartig vertellen over hun ervaringen. Je krijgt een collage gepresenteerd die op een luchtige en aansprekende manier een extreem bedreigende situatie laat zien, waarin de nadruk steeds op de oplossing ligt. Dat maakt Ozone hole echt de moeite waard. Geen alarmistische horrorscenario’s waardoor je als kijker lamgeslagen op de bank achterblijft, maar eindelijk eens een bemoedigend verhaal. We kunnen wél iets doen om ons leefmilieu te beschermen. Dat is de rode draad van deze film. Maar je hebt een lange adem nodig, wetenschappelijke doorzetters en politieke leiders met lef.

Koelkast

Ozone hole’ begint met een historisch overzicht van de ontwikkeling van de moderne koelkast. Een geweldige start, want hier ligt de basis voor een immens en nog steeds actueel probleem: het gat in de ozonlaag. Door zo te beginnen laat de film goed zien dat het heel moeilijk of misschien zelf onmogelijk is om de gevolgen van een technologische ontwikkeling te voorspellen of te overzien. Zeker als die ontwikkeling in eerste instantie alleen maar positieve effecten heeft.

Want toen chemici eind jaren twintig van de vorige eeuw de zogeheten chloorfluorkoolwaterstoffen (CFKs) ontwikkelden was dat gewoon goed nieuws. CFKs bleken zeer geschikt als koelmiddel en bovendien waren ze niet giftig en niet ontvlambaar. Ze vormden zo een fantastisch alternatief voor zeer giftige en brandgevaarlijke gassen die tot dan toe werden gebruikt in de eerste koelkasten. Door de komst van CFKs werden koelkasten, -installaties en airco’s bereikbaar voor de grote massa. In eerste instantie vooral in de Verenigde Staten, maar al snel ook daarbuiten.

Bovendien waren CFKs inzetbaar als drijfgas in spuitbussen. Deodorant, haarlak, insectenverdelgers, schoonmaakmiddelen, parfum en zelfs inhalers voor astmapatiënten – CFKs waren echt overal goed voor. De moderne consument spoot er vanaf de jaren vijftig lustig op los en de productie van CFKs groeide voor de chemische industrie al snel uit tot een lucratieve miljardenmarkt. Er leek geen vuiltje aan de lucht.

Filmpje van de VN over de rol van de ozonlaag

Totdat de Britse chemicus James Lovelock eind jaren zestig wel vuiltjes zag in de lucht bij zijn huis op het Engelse platteland. Het deed hem denken aan de smog boven steden als Los Angeles, maar dat was volgens meteorologen die hij raadpleegde onmogelijk. Lovelock wilde het uitzoeken en wist te regelen dat hij mee mocht op een expeditie naar Antarctica om daar aan luchtmonsters te meten. Toen zijn verrassing trof hij daar CFKs aan. In extreem lage concentraties en volgens hem niet iets om ongerust over te zijn, maar het liet wel zien hoe deze gassen zich verspreidden door de gehele atmosfeer.

UV-straling

De observatie van Lovelock wordt zo’n beetje voor kennisgeving aangenomen. Maar begin jaren zeventig gaan Sherwood “Sherry” Rowland, hoogleraar chemie aan de Universiteit van Californië in Irvine, en zijn postdoc Mario Molina zich serieus verdiepen in het gedrag van de CFKs in de atmosfeer. En dan blijken de fantastische CFKs toch serieuze risico’s met zich mee te brengen. Want als de CFKs zo hoog in de atmosfeer terecht komen, kunnen ze onder invloed van de sterke UV-straling uit elkaar vallen. Er ontstaat een zeer reactief chlooratoom dat makkelijk reageert met ozon, een verbinding van drie zuurstofatomen. Dit ozon vormt de ozonlaag, een beschermende gaslaag hoog in de atmosfeer die veel van de schadelijke UV-straling van de zon afvangt. Schade aan de ozonlaag betekent dat meer UV-straling het aardoppervlak bereikt met ernstige gevolgen voor eigenlijk alles wat leeft.

In 1995 wordt de Nobelprijs voor de Chemie uitgereikt aan Mario Molina (links), Sherwood Rowland en de Nederlander Paul Crutzen voor hun onderzoek naar atmosferische chemie en de invloed van chemicaliën op de ozonlaag. Ozone hole: how we saved the planet

Het onderzoek van Rowland en Molina is waar het eigenlijke verhaal van de film begint. We volgen de twee in hun strijd voor erkenning, want hun oproep om CFKs te verbieden leidt tot heftige reacties vanuit zowel de chemische industrie als de academische gemeenschap. Ze laten zich echter niet van de wijs brengen en dankzij het groeiende milieubesef in maatschappij en de anti-autoritaire proteststemming die vanaf de jaren zestig was ontstaan, krijgt hun onderzoek ook veel steun. Enkele jaren later wordt in de Verenigde Staten het gebruik van CFKs als drijfgas verboden, maar als koelmiddel mogen ze nog wel worden ingezet.

Ronald Reagan

De industrie, met chemiegigant DuPont voorop, verzet zich ondertussen hevig tegen nog meer beperkende maatregelen op CFKs. Als in 1980 Ronald Reagan de presidentsverkiezingen wint, lijken verdere milieumaatregelen onhaalbaar. Reagan is ronduit pro-industrie en het milieu staat zeer laag op zijn prioriteitenlijst. Dat hij zal uitgroeien tot een doorslaggevende factor bij het latere verdrag tegen CFKs verwacht op dat moment niemand. Het bewustzijn over het belang van de ozonlaag blijft echter groeien en daarmee ook de ongerustheid over het vernietigende effect van CFKs. In 1985 volgen de eerste internationale afspraken over het beschermen van de ozonlaag, maar concrete maatregelen of acties blijven uit.

Rond dezelfde tijd volgt een dramatische ontdekking die het laatste zetje levert. Het zo gevreesde gat in de ozonlaag blijkt geen toekomstig schrikbeeld meer, maar de realiteit. Britse onderzoekers meten een enorme afname in de dikte van ozonlaag boven Antarctica in de maanden september en oktober. Er is onmiskenbaar iets aan de hand in die laag, maar waarom heeft ruimtevaartorganisatie NASA dat nog niet opgemerkt met de speciaal hiervoor uitgeruste satellieten, vragen de Britten zich af. Wat blijkt, de data uit september en oktober wijken zo ver af, dat ze worden beschouwd als een fout. Ze worden niet meegenomen in de analyse. Als NASA opnieuw de metingen analyseert en alle gegevens meeneemt is de schok groot: het gat is duidelijk zichtbaar.

Het gat in de ozonlaag boven Antartica. De paarse en blauwe zones bevatten de laagste concentraties ozon. De snelle afname van ozon tussen tussen 1979 en 1989 is duidelijk zichtbaar. In 1989 trad het Montrealprotocol in werking. De situatie lijkt inmiddels te stabiliseren, maar het herstel van de ozonlaag zal naar verwachting tot minimaal 2065 duren.

NASA, publiek domein

Schermutselingen

Dat brengt de boel flink in beweging. George Schultz, minister van Buitenlandse Zaken, weet president Reagan ervan te overtuigen dat internationale actie nodig is en dat de VS het voortouw moeten nemen. De achterliggende schermutselingen tussen voor- en tegenstanders van maatregelen in Reagans kabinet worden smakelijk verteld door Schultz en andere direct betrokkenen en vormen een van de meest interessante en geestige episodes in de film. Ook de manier waarop vervolgens de internationale onderhandelingen verlopen is een fascinerend inkijkje in de politiek-achter-de-schermen. Met een opvallende rol voor de Nederlandse oud-minister Laurens-Jan Brinkhorst, destijds vertegenwoordiger van de EEG (de Europese Economische Gemeenschap) bij de Montreal-onderhandelingen.

Uiteindelijk komt in 1987 het Montrealprotocol tot stand, het eerste internationale verdrag dat stoffen verbiedt om het milieu te beschermen. Het gebruik van CFKs moet ‘uitgefaseerd’ worden, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Een wereld zonder koeling is geen optie. Er zijn alternatieven nodig, maar vooral voor ontwikkelingslanden zal die omschakeling (te) hoge kosten met zich meebrengen. Dan komt een andere onverwachte redder ten tonele: Margaret Thatcher, premier van het Verenigd Koninkrijk en bepaald geen milieuactivist en ook geen voorstander van overheidsinmenging.

Thatcher is echter wel overtuigd van de waarde van wetenschap en is zelf opgeleid als chemicus. De feiten spreken wat haar betreft voor zich: uitbanning van CFKs is onvermijdelijk. En dus moeten de rijke landen gewoon meebetalen aan de omschakeling naar alternatieven in arme landen, zo stelt ze onomwonden in een toespraak bij de Verenigde Naties. Het Montrealprotocol kan nu echt in de praktijk worden gebracht. Met resultaat, inmiddels lijkt de ozonlaag zich te herstellen, alhoewel de laatste jaren tekenen van vernieuwde CFKs productie opduiken. Volledig herstel van de ozonlaag wordt verwacht in 2065 – bijna honderd jaar dus nadat de eerste wetenschappelijke zorgen werden geuit. Iets om goed bij stil te staan. De parallellen met de huidige klimaatdiscussie zijn natuurlijk overduidelijk. ‘Als je wacht tot je alles zeker weet, ben je te laat’, zegt een van de geïnterviewden aan het eind van de film. Ozone hole mag dan luchtig van toon zijn, de boodschap is er niet minder serieus om.

InScience 2018

Ozone hole: how we saved the planet wordt op 8 en 10 november vertoond tijdens het InScience filmfestival in Nijmegen. Voor het complete programma: website

NEMO Kennislink recenseerde nog meer films die draaien op InScience 2018:

ReactiesReageer