Naar de content

Nieuwe MRI-techniek toont drugsschade in brein

Bij recreatieve gebruikers van xtc of speed functioneren bepaalde neurotransmitters in de hersenen anders dan bij mensen die niet aan de drugs zitten. Dit ontdekte promovenda Marieke Schouw, door de veelbelovende techniek farmacologische MRI te gebruiken.

6 juli 2013

Het festivalseizoen is weer aangebroken. Veel jongeren willen de gezelligheid, de zon en de muziek optimaal beleven door er even een pilletje bij te nemen. Zo nu en dan kan dat geen kwaad toch? Het lijkt erop van wel. Steeds meer studies tonen aan dat het recreatieve gebruik van MDMA – de stof in xtc waar je empathisch van wordt – neurotoxisch is, oftewel: giftig voor je brein. MDMA zorgt dat je hersencellen meer serotonine afgeven, een stofje dat in door gespecialiseerde hersencellen wordt gemaakt en je stemming en emotiebeleving beïnvloedt. Als je op regelmatige basis een pilletje neemt kan dat volgens onderzoekers van het AMC resulteren in het afsterven van die serotonine-producerende cellen, vernauwing van bloedvaatjes in de hersenen en vertraagde ontwikkeling van de verbindingen tussen je hersengebieden. En het is nog onduidelijk of deze schade omkeerbaar is.

Diezelfde onderzoeksgroep vermoedt dat dextroamfetamine – een belangrijk bestanddeel van de bekende drug speed – vergelijkbare schade veroorzaakt aan de hersengebieden die dopaminerge produceren, de neurotransmitter die motorische controle, motivatie en beloningsgevoel regelt. Dextroamfetamine verhoogt de afgifte van dopamine tussen je hersencellen, waardoor je het gevoel krijgt mentaal en fysiek nog uren door te kunnen gaan.

Verkenningstocht

Hóe deze drugs schade aanbrengen aan je natuurlijke neurotransmittersystemen is nog onduidelijk, maar misschien heel goed te meten met een jonge, nog vrij onbekende techniek die farmacologische MRI heet. Aan deze verkenningstocht wijdde Marieke Schouw, neurobioloog en radioloog aan het AMC, haar promotieonderzoek.

Deze techniek is een nieuwe variant op ‘de oude’ MRI-toepassingen, en meet de veranderingen in bloedtoevoer naar de verschillende hersengebieden als reactie op de toediening van stofjes, zoals recreatieve drugs en medicijnen. “Het doel van mijn onderzoek was om te onderzoeken of farmacologische MRI een goede techniek is om verstoring van vooral dopamine, maar ook serotonine in mensen vast te stellen,” vertelt Schouw.

Daarvoor heeft de promovenda verschillende kleine studies uitgevoerd. Telkens vergeleek ze de hersenen van gezonde proefpersonen met die van een groep volwassenen die regelmatig op recreatieve basis drugs gebruiken. Ze bracht de drugs in via de aderen van de proefpersonen: op die manier werken deze middeltjes al na een paar minuten.

Andere bloedtoevoer

Als ‘chronische MDMA-gebruikers’ verzamelde Schouw mannen die zo’n 6,5 jaar lang gemiddeld drie pilletjes per maand hadden geslikt. Bij deze groep bleek de bloedtoevoer naar de hippocampus – de hersenstructuur die een sleutelrol speelt bij geheugenvorming en het ophalen van kennis – sterk verminderd vergeleken met gezonde proefpersonen. Dit resultaat sluit aan bij eerder onderzoek dat aantoont dat de hippocampus van chronische drugsgebruikers ook ruim tien procent kleiner is dan bij drugsonthouders, en dat drugsgebruikers slechter scoren op geheugentaken, maar verder geen cognitieve problemen ervaren.

Een lijntje witte poeder op een houten tafel.
Dextroamfetamine Flickr.com

Ook leidde het toedienen van dextroamfetamine tot een structureel verhoogde bloedtoevoer in dopamine-gevoelige gebieden, wat volgens Schouw waarschijnlijk een teken is dat deze drug de dopamine-aanmaak opschroeft. Maar de bloedtoevoer was juist sterk verminderd in verschillende gebieden van de hersenschors, waar je waarnemingen worden geinterpreteerd en geanalyseerd, en je gedrag wordt aangestuurd.

“Deze en meer resultaten laten zien dat farmacologische MRI een goede techniek is om verschillen in neurotransmitter-activiteit in beeld te brengen tussen gezonde controles en groepen van wie deze systemen zijn aangetastdoor het gebruik van drugs”, concludeert Schouw. De promovenda benadrukt dat dit slechts een verkennende studie was: er is vervolgonderzoek nodig om de conclusies hard te maken.
Een doosje medicijnen. Op het doosje staat de tekst: citalopram ratiopharm 20 mg.
Citalopram, een bekende SSRI flickr.com

Toch is ze erg enthousiast. “Nu weten we ook dat deze techniek toegepast kan worden op andere groepen waarvan deze stofjes ook verminderd functioneren, zoals bij de ziekte van Parkinson, ADHD of depressie. Kortom, de opkomst van farmacologische MRI zou wel eens een hoop nieuw licht kunnen werpen op het wat al die medicijnen en drugs nou eigenlijk met onze hersenen doen.