Je leest:

Nieuw onderzoek verwijst mega-tsunami van La Palma naar verre toekomst

Nieuw onderzoek verwijst mega-tsunami van La Palma naar verre toekomst

Het vulkanische eiland La Palma (Canarische eilanden) is veel stabieler dan in het algemeen wordt aangenomen, hebben onderzoekers van de TU Delft ontdekt. Het duurt nog op zijn minst 10 000 jaar voordat de zuidwestelijke flank van het eiland in zee zou kunnen vallen en een mega-tsunami veroorzaken. Dat stelt professor Jan Nieuwenhuis in de septembereditie van Delft Integraal.

De bevindingen van de TU Delft zouden een geruststelling moeten zijn voor bewoners van de Atlantische kusten van de VS, Afrika en Europa. Zes jaar geleden stelden geologen dat La Palma zo instabiel is dat een van zijn flanken bij een vulkaanuitbarsting in zee zou kunnen storten. Dit zou een mega-tsunami veroorzaken met golven van honderden meters hoogte. Steden als New York, Boston, Lissabon en Casablanca zouden daarbij volgens de wat pessimistischere voorspellingen grotendeels van de aardbodem worden weggevaagd.

De veronderstelde ontwikkeling van de verwoestende vloedgolven in de Atlantische Oceaan die zouden ontstaan door het instorten van de vulkaanwand van de Cumbre Vieja op het Canarische eiland La Palma. Gelukkig zal het volgens de Delftse professor Jan Nieuwenhuis niet snel zo ver komen. bron: Steven N. Ward klik op de afbeelding voor een grotere versie

Niet groot genoeg…

Uit het nieuwe onderzoek van de TU Delft blijkt echter dat de vulkaan Cumbre Vieja op La Palma gewoonweg niet groot genoeg is om uit elkaar te vallen…althans nog niet. In een geheel nieuw type onderzoek modelleerden de wetenschappers de binnenkant van de flank en simuleerden vervolgens verscheidende vulkaanuitbarstingen en ‘stoomexplosies’. In iedere simulatie bleef de vulkaanflank stevig op zijn plek.“Dit is simpelweg een erg stabiel eiland”, zegt teamleider professor Jan Nieuwenhuis in de septembereditie van Delft Integraal, het wetenschapsmagazine van de TU Delft.

Volgens de berekeningen van Nieuwenhuis, zou de kracht van ongeveer 600 miljoen straaljagermotoren nodig zijn om de flank uit elkaar te trekken. Dit komt overeen met 12.000 tot 28.000 miljard Newton. Dat is veel meer dan bij een vulkaanuitbarsting op La Palma kan worden verwacht, concluderen de onderzoekers.

Alleen onder zeer extreme omstandigheden zou de flank instabiel kunnen worden, heeft Nieuwenhuis berekend. Daarvoor zou extreme regenval tijdens een buitengewoon krachtige uitbarsting nodig zijn of een andere zeer onwaarschijnlijke combinatie van omstandigheden. “Met wat we nu weten, moeten er zoveel dingen tegelijk misgaan dat een ramp zeer, zeer onwaarschijnlijk lijkt”, zegt Janneke van Berlo, die recent afstudeerde bij prof. Nieuwenhuis.

Het Canarische eiland La Palma, waarbij de (krater van de) vulkaan Cumbre Vieja heel duidelijk te zien is.

De wetenschappers berekenden dat (op zijn minst) 10.000 jaar wachten de beste manier is om een aardverschuiving te creëren. De Cumbre Vieja vulkaan wordt immers steeds groter en hierdoor worden de flanken minder stabiel. “Een combinatie van substantiële verticale groei en uitbarstingskrachten zal waarschijnlijk een instorting veroorzaken. Om de vereiste groei te bereiken, is een tijdsbestek nodig in de ordegrootte van 10.000 jaar”, stelt Van Berlo.

…en stabieler dan gedacht

Op het eerste gezicht lijkt La Palma nu al niet al te stevig in elkaar te zitten. Stukken van zijn flanken zijn op zijn minst twee keer eerder verloren gegaan in prehistorische tijden. En tijdens de laatste eruptie, in 1949, verscheen er een twee kilometer lange scheur aan de top van de zuidwestelijke flank van de Cumbre Vieja. De Delftse researchers wijzen er echter dat deze scheur het resultaat is van een onschuldig fenomeen, bijvoorbeeld kleine lokale verzakkingen. Bovendien leveren de oude ineenstortingen juist goede aanwijzingen dat La Palma op dit moment stabiel is: de ineenstortingen vonden plaats toen La Palma veel hoger was dan nu; respectievelijk op zijn minst 2000 meter en 2500-3000 meter.

Zelfs als de vulkaanflank instabiel zou worden, verdwijnt hij zeer waarschijnlijk niet met een grote plons in de oceaan. “Natuurlijk gaat de flank niet in één stuk naar beneden. Hij zal eerst in stukken opbreken”, zegt Nieuwenhuis. “En hij zou zeer wel eerst een klein beetje naar beneden kunnen schuiven en dan in een meer stabiele configuratie blijven liggen, net zoals onze dijken vaak doen bij een verschuiving.”

“De instorting zal geen snelle en plotselinge gebeurtenis zijn,” benadrukt Nieuwenhuis. “Het zal meer lijken op een locomotief die op stoom komt. De eerste meter verschuiving zou enkele dagen moeten duren.”

Dit artikel is een publicatie van TU Delta.
© TU Delta, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 20 september 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.