Naar de content

Logé in kindermaag

Yutaka Tsutsumi, M.D. Professor Department of Pathology Fujita Health University School of Medicine

In Nederland zijn maar weinig kinderen besmet met de maagbacterie Helicobacter pylori. In veel Afrikaanse en Aziatische landen is dat aantal veel hoger. Jonge kinderen met ouders uit die landen blijken nu ook vaker besmet te zijn dan peuters met een Nederlandse achtergrond. Infectie kan maagklachten of maagzweren veroorzaken en in ernstige gevallen zelfs maagkanker. Vooral bij allochtone kinderen zouden artsen hierop alert moeten zijn, vindt kindergastro-enteroloog Nel Mourad-Baars.

14 april 2007

“De voedingsgewoontes en leefsituatie bepalen voor een belangrijk deel de kans op besmetting met Helicobacter pylori”, vertelt Nel Mourad-Baars (Kindergeneeskunde). “De infectie doe je doorgaans heel jong op. Waarschijnlijk krijg je hem meestal van je ouders via speeksel of ontlasting. In veel niet-Westerse landen is een heel groot percentage van de bevolking besmet. Dat komt door factoren als een slechtere hygiëne, crowding, dat wil zeggen veel mensen die op een kleine oppervlakte wonen, en de gewoonte om voedsel voor de baby vóór te kauwen.”

Vijf keer zo hoog

Mourad wilde weten in welke mate de huidige generatie jonge kinderen in Nederland besmet is met Helicobacter pylori. Hiervoor onderzocht ze bloedmonsters van ruim zesduizend twee- tot vierjarigen die het consultatiebureau bezochten. In totaal bleek 1,2 procent van de kinderen antilichamen tegen de maagbacterie in het bloed te hebben. Onder kinderen met minimaal één ouder van buitenlandse komaf bleek het besmettingspercentage echter vijf keer zo hoog: 2,6 procent was besmet, tegen 0,5 procent van de kinderen met twee Nederlandse ouders, zo schrijven Mourad en collega’s in het maartnummer van het European Journal of Gasteroenterology & Hepatology.

Voor de kindergastro-enteroloog waren dit geen onverwachte resultaten, gezien de hogere besmettingsgraad onder de ouders van de allochtone kinderen. “In sommige Afrikaanse landen, zoals Somalië, kan het percentage volwassenen dat besmet is oplopen tot 80 à 100 procent. In landen als Turkije is de prevalentie iets lager, maar toch nog steeds hoog, meer dan 50 procent is daar besmet. In Nederland is van de volwassen bevolking ook nog een behoorlijk percentage besmet: ongeveer 50 procent. Maar onder de jeugd is dat dus veel minder. En aangezien de meeste mensen niet op latere leeftijd besmet raken, zou de bacterie uiteindelijk in Nederland helemaal kunnen verdwijnen. Naarmate de omstandigheden in ontwikkelingslanden verbeteren, zal de Helicobacter pylori daar ook minder gaan voorkomen”, voorspelt ze.

Lichte ontsteking

Wie eenmaal besmet is en zich niet laat behandelen, houdt de bacterie meestal voor de rest van zijn leven bij zich. “Hij kan jaren symptoomloos in de maag verblijven. Je hebt dan vaak wel continu een lichte ontsteking in de maag en uiteindelijk kan de bacterie toch klachten geven. Bovenbuikklachten zoals brandend maagzuur, eten opboeren en maagzweren komen veel voor. Sommige stammen van de bacterie kunnen zelfs leiden tot maagkanker. Mensen met chronische bovenbuikklachten zouden dan ook op de bacterie gecontroleerd moeten worden”, aldus Mourad. Volgens cijfers van het RIVM wordt ongeveer 70 procent van alle maagzweren veroorzaakt door een infectie met Helicobacter pylori. Dit inzicht is relatief jong. In 1983 toonden Barry Marshall en Robin Warren het aan met een beroemd experiment waarvoor zij in 2005 de Nobelprijs ontvingen. “Barry Marshall infecteerde zichzelf met de bacterie om te kijken wat er gebeurt. Hij kreeg meteen een flinke maagontsteking, die overging na het slikken van antibiotica. Zo toonde hij aan waartoe de bacterie in staat is. Nog altijd vertelt hij daar in geuren en kleuren over op congressen.”

Deze ontdekking heeft het denken over maagzweren radicaal veranderd en het aantal maagoperaties dat nodig is flink verminderd. “Vroeger dachten we dat de klachten van gastarbeiders, die veel last hadden van hun maag, tussen de oren zaten. Er werd gedacht dat het door stress en heimwee kwam, maar het bleek dus een infectieziekte te zijn!”

Lymfoom

Naast het veroorzaken van maagzweren, wordt de ongewenste maagbewoner ook verantwoordelijk gehouden voor circa 60 procent van de maagkankers. “Door de WHO is de bacterie nu erkend als kankerverwekkend. Vooral het MALT-lymfoom, een bepaald type maagkanker, is heel typisch voor Helicobacter pylori. Maar je kunt het niet omdraaien: niet iedereen met de infectie krijgt een MALT-lymfoom.”

Maagzweren en maagkanker komen op jonge leeftijd zelden voor. “Toch kun je bij pubers soms al behoorlijke afwijkingen in het maagslijmvlies zien. Ze klagen dan over buikpijn en blijken bij onderzoek de bacterie te hebben. Maar dan is de vraag: veroorzaakt die nou de klachten, of hebben ze die bij toeval. Vooral bij allochtone kinderen is dat lastig, want die hebben vaak een intolerantie voor melksuikers, wat ook buikpijn kan geven.”

Betere hygiëne

Wie besmet is met de maagbacterie en vermoedelijk hierdoor maagklachten heeft, kan goed behandeld worden met medicijnen. Een week lang twee antibiotica en een maagzuurremmer overleeft de bacterie doorgaans niet. Mourad raadt behandeling alleen aan bij mensen die klachten hebben. “Voor huisartsen is van belang dat ze alert zijn bij buitenlandse kinderen, zoals kinderen van asielzoekers en adoptiekinderen die uit landen komen waar het grootste deel van de volwassen bevolking besmet is. Bij volgende generaties zal het besmettingspercentage onder hen ook afnemen, want gezinnen krijgen nu minder kinderen, leven minder op elkaar en de hygiëne is beter.” Voor de zekerheid zouden toch alle kinderen met buikklachten én een Helicobacter-infectie met de juiste antibiotica behandeld moeten worden, meent Mourad. “Niet iedereen hoeft uit voorzorg gescreend te worden, maar als je klachten hebt zou ik dat zeker laten doen. Niet iedereen die besmet is, hoeft behandeld te worden. Kinderen die zeker wél behandeld moeten worden zijn degenen die een ouder hebben met een maagzweer of maagkanker. Niet alle stammen van de bacterie kunnen maagkanker veroorzaken, maar de kans is groot dat de kinderen met dezelfde stam geïnfecteerd zijn als hun ouders.”

Zuurremmers afgenomen

Helicobacter pylori is een bijzondere bacterie. “De meeste bacteriën gaan dood in het zure milieu van de maag, maar deze kan er tegen. Hij nestelt zich in het maagslijmvlies en als reactie hierop vormt je maag meer maagzuur. De bacterie maakt echter stoffen aan die de functie van de cellen van de maagwand aantasten. Hierdoor krijg je uiteindelijk minder maagzuur. Dat is juist de ellende, want daardoor hebben mensen ook geen pijn meer, terwijl de bacterie er nog zit. Uiteindelijk kun je zo maagkanker krijgen. De speciale antibioticakuur doodt de bacterie en het maagslijmvlies herstelt zich dan weer. Sinds we de bacterie gericht kunnen uitroeien bij mensen is de hoeveelheid zuurremmers en Rennies die gebruikt wordt, drastisch afgenomen. Maar je kunt ook last hebben van brandend maagzuur zonder de bacterie.”

Mourad gaat verder onderzoek naar verschillende testen die er bestaan voor het aantonen van de permanente logé in de maag. De bloedtest die ze voor dit onderzoek gebruikte is geschikt voor epidemiologisch onderzoek. “Maar het kan zijn dat je nog antilichamen in het bloed hebt, terwijl de besmetting voorbij is. Dat kan in theorie ongemerkt zijn gegaan; bijvoorbeeld als iemand voor een luchtweginfectie antibiotica heeft gekregen. Daardoor kan de maagbacterie ook gedood zijn. Met een ontlastingtest en een ademtest toon je wel een actuele besmetting aan. Ik ga kijken hoe betrouwbaar die testen zijn bij onze eigen populatie kinderen in het LUMC. De gouden standaard is een scopie waarbij je een biopt, een hapje uit de maag neemt en dat kweekt en dan kijkt voor welke antibiotica de bacterie gevoelig is. Maar een maagscopie blijft een flinke ingreep voor kinderen.”

Dit artikel is een publicatie van Cicero (LUMC)