Naar de content

De zoektocht naar een wervel

Pixabay, Publiek domein, CC0

Lukt het fysisch oceanograaf Carine van der Boog (TU Delft) om de benodigde metingen te doen vóór de NICO-onderzoekers in de territoriale wateren van Venezuela belanden?

2 maart 2018

Deel 4 van de NICO-expeditie staat in het teken van wervels in de Caribische Zee. Deze kunnen water bevatten dat warmer en zoeter is dan in de omgeving. Hun diameter is ongeveer 100 kilometer en ze hebben een grote impact op het weer en klimaat in de Caribische Zee en mogelijk ook op gebieden benedenstrooms, zoals de Golf van Mexico. Er is recent nog gesuggereerd dat deze wervels hebben bijgedragen aan de groei van orkanen in het Caribisch gebied.

Helaas is er nog veel onduidelijk over het ontstaan van deze wervels en over de achterliggende mechanismen die daarbij een rol spelen. Deze kennis is hard nodig, omdat we dan beter begrijpen hoe deze wervels reageren op het veranderende klimaat. Ze kunnen bijvoorbeeld sterker worden, afzwakken of zelfs helemaal verdwijnen.

Wervelstructuur

Met behulp van satellieten en oceaanmodellen is er al meer bekend, zoals waar ze ontstaan en hoe snel ze naar het westen trekken. Helaas kunnen satellieten niet onder het wateroppervlak kijken. Hierdoor weten we nog niet hoe goed de oceaanmodellen de wervels weergeven. Tijdens dit deel van de NICO-expeditie gaan we daarom op zoek naar een wervel, met als doel zijn verticale structuur in kaart te brengen.
Om een wervel goed te kunnen meten, is het eerst van belang er een te vinden. Om een goede doorsnede te krijgen moeten we in een rechte lijn door het centrum van de wervel varen en meten.

Daarom begon ons experiment een aantal weken geleden met het analyseren van recente satellietdata en een oceaanmodel analyses. Hiermee konden we de stromingen die op dat moment aanwezig waren in de Caribische Zee in kaart brengen.

Hoogteverschillen in het wateroppervlak. De wervels zijn op dit kaartje te zien als bulten en kuilen. De bulten draaien met de klok mee. De kuilen draaien tegen de klok in.

Carine van der Boog

Duimen maar

De eerste voorspellingen waren ons gunstig gestemd: er ontstond een prachtige wervel (zie de zwarte pijl in het plaatje hierboven) voor de kust van Venezuela die langzaam richting onze startplaats op Aruba kroop! Zou deze wervel de komende weken overleven? En zou hij dichtbij genoeg liggen om te kunnen meten? Tijd om ervoor om te varen hebben we immers niet.

Het duimen begon. Elke ochtend konden we een nieuwe voorspelling downloaden en wisten we steeds iets meer over de route van deze wervel. Heel even leek hij te verdwijnen, maar een aantal dagen voor vertrek liet hij zich weer zien en ging hij met de achtergrondstroming mee naar het westen.

Cor Stevens (bootsman), Sander Asjes (elektrotechnicus) en Femke de Jong (fysische oceanograaf) van het NIOZ. De float die tussen hen in staat, gooien zij in de oceaanwervel. Het apparaat meet vervolgens de temperatuur en dichtheid van het water. Via de satelliet geeft het apparaat de locatie van de wervel door waardoor we weten waar hij naartoe gaat in de Caribische Zee. Zo kunnen we doorgaan met het onderzoek als we zelf weer aan de wal staan.

NICO expeditie

Hulp van overzee

Toen ons vertrek richting Aruba naderde, begonnen we toch wel zenuwachtig te worden. Zou deze wervel te hard gaan en in de territoriale wateren van Venezuela terechtkomen? Als dat zo was, konden we maar een klein deel van de wervel meten aangezien we nog geen toestemming hadden om daar metingen te verrichten. Ook zouden we aan boord maar beperkt kaartjes kunnen downloaden via de satellietverbinding.

Gelukkig hadden wij een extra team in de TU Delft zitten. Daar hebben Caroline Katsman en Adam Candy het hele weekend doorgewerkt om ons de laatste voorspellingen door te geven. Tot onze verbazing remde deze wervel wat af en leek hij heel even stil te hangen bij Aruba. Wat een opluchting!

Vol goede moed voeren we zo snel als we konden richting de wervel. Ook aan boord kregen we continu updates over de locatie en snelheid van de wervel, zodat we onze snelheid en meetstations hierop konden aanpassen. De eerste resultaten zien er hoopvol uit en we wachten op dit moment nog op de metingen van de laatste stations.

_Luister hier een interview terug met Femke de Jong in het radioprogramma FOCUS

ReactiesReageer