Naar de content

Dagboeken van Nazi-ideoloog Rosenberg teruggevonden

Getty Images

In de Verenigde Staten zijn verloren gewaande dagboeken van nazi-ideoloog Alfred Rosenberg teruggevonden. De bijna 400 pagina’s bestrijken de periode van 1936 tot 1944. De dagboeken kunnen belangrijke nieuwe inzichten geven in de geschiedenis van het Derde Rijk, zoals de interne machtsstrijd en beslissingen rondom de Holocaust.

13 juni 2013

Alfred Rosenberg was een van de vertrouwelingen van Adolf Hitler en een belangrijke ideologische wegbereider van de NSDAP, de Duitse Nazipartij. Tijdens de processen van Neurenberg werd hij schuldig bevonden aan oorlogsmisdaden en mede-verantwoordelijk gehouden voor de moord op miljoenen joden tijdens de Holocaust. Rosenberg werd op 16 oktober 1946 opgehangen. De uitgebreide dagboeken die hij in de jaren daarvoor bijhield werden dienden tijdens het proces als bewijsmateriaal.

Na Neurenberg verdwenen de dagboeken echter spoorloos. Vermoed wordt dat ze door Robert Kempner, een van de aanklagers tijdens de processen, meegenomen waren naar Amerika. Nu, bijna 70 jaar later melden onderzoekers van het Amerikaanse Holocaust Memorial Museum in Washington D.C. dat de boeken teruggevonden zijn. Ze bestrijken de periode van 1936 tot de winter van 1944. De meeste van de 400 pagina’s zijn geschreven in Rosenberg’s eigen handschrift. Een groot deel op officieel papier van de NSDAP.

“Als de dagboeken authentiek zijn, zijn ze inderdaad van grote historische waarde,” zegt Willem Melching, historicus en Duitsland-deskundige aan de Universiteit van Amsterdam. “Ze kunnen dan nieuwe inzichten bieden in de ideologie van het Derde Rijk, de interne machtsstrijd en de Jodenvervolging. Maar bij dagboeken is het helaas vaak zo dat ze met kennis achteraf zijn herschreven.”

Een officiële persconferentie over de ontdekking volgt later vandaag, maar sommige details zijn al bekend gemaakt. Zo zijn in de dagboeken een aantal niet eerder bekende passages opgetekend over topontmoetingen tussen Rosenberg, Hitler, Heinrich Himmler en Hermann Göring. Volgens onderzoekers van het Holocaust Memorial Museum geven de dagboeken ook inzicht in conflicten aan de top van het Derde Rijk, onder andere over de de grootschalige roof van kunstschatten door de Nazi’s, die Rosenberg coördineerde.

‘Raciale wereldrevolutie’

Alfred Rosenberg (1893-1946) wordt door historici gezien als een van de belangrijkste ideologen van het Derde Rijk. Rosenberg was een van de eerste leden van de NSDAP en werkte vanaf het begin van Hitler’s politieke loopbaan nauw met hem samen. Toen Hitler in 1923 na de mislukte Bierkeller-putch, in de gevangenis belandde, benoemde hij Rosenberg tot tijdelijk leider van de nazi-beweging.

In 1930 publiceerde Rosenberg Der Mythus des zwanzigsten Jahrhunderts (‘De mythe van de twintigste eeuw’), waarin hij beschrijft hoe volgens hem ooit dominante Arische cultuur ten onder gaat door infiltratie door vreemde rassen, in het bijzonder de joden. Hogere rassen, zoals het Arische, horen van nature te regeren over lagere rassen, zoals Slaven en Joden. Rosenberg schreef dat er in de twintigste eeuw ‘onder de swastika’ een raciale wereldrevolutie zou gaan plaatsvinden.

Waarschijnlijk hebben slechts een handjevol toegewijde lezers zich tot het eind door Rosenbergs oersaaie en moeilijk te volgen proza weten te worstelen. En Hitler zelf beweerde, volgens de belangrijke historicus Richard Evans, dat hij er nooit meer dan een klein stukje uit had gelezen en een grote afkeer had van de pseudo-religieuze toon ervan. Maar evengoed is duidelijk dat sommige ideeën uit het boek later grote invloed zouden krijgen.

Rosenberg en Hitler in aanloop naar de mislukte putch van 1923.

Getty Images

Toen Nazi-Duitsland in juli 1941 de Sovjet-Unie aanviel, werd Rosenberg benoemd tot Rijksminister voor de Bezette Oostelijke Gebieden. In deze hoge officiële functie zou hij zich gaan bezighouden met het germaniseren en herindelen van de veroverde gebieden van Oost-Europa. Hij onderhield lange tijd nauwe banden met de nazi-top en was betrokken bij de plannen om Oost-Europa ‘jodenvrij’ te maken.

Tijdens de processen van Neurenberg was Rosenberg een van de weinige nazi-kopstukken die stelde dat hij niets had geweten van de Holocaust. Dat is echter hoogst onwaarschijnlijk, omdat twee van zijn naaste medewerkers (namens hem) aanwezig waren bij de Wannsee-conferentie, 20 januari 1942 te Berlijn, waar de laatste details over de logistiek van de genocide werden besproken.

Bronnen:
  • Richard J. Evans, The coming of the Third Reich (Oxford, 2004)
  • Ian Kershaw, Hitler 1936-1945 Vergelding (Het Spectrum, 2000)
ReactiesReageer