Je leest:

Zelfverbeteraars delen anders dan strebers

Zelfverbeteraars delen anders dan strebers

Auteur: | 31 augustus 2007

Het uitwisselen van kennis, kunde en ideeën is een belangrijk proces dat voortdurend tussen mensen plaatsvindt. Huidig onderzoek toont aan dat de specifieke doelen die mensen in prestatiesituaties nastreven in belangrijke mate de kwaliteit van informatie-uitwisseling bepalen. Deze doelen hebben niet alleen invloed op het verstrekken van informatie, maar ook op het ontvangen en het vervolgens wel of niet gebruiken van informatie.

Een groot deel van de interacties die tussen mensen plaatsvinden, bestaat uit het uitwisselen van informatie. Gewoon even een praatje maken met de buurman, roddelen, overleggen, het stellen van vragen in de klas, e-mailen, samenwerken aan een opdracht: we doen het iedere dag. Het uitwisselen van informatie maakt daardoor een belangrijk deel uit van ons leven. Vaak dient informatie-uitwisseling niet bewust ergens toe, maar het geven en ontvangen van informatie kan uiteraard ook bepaalde doelen dienen.

Wanneer mensen moeten presteren, stellen ze zich regelmatig doelen. Deze doelen worden ook wel prestatiedoelen genoemd. Kijk als voorbeeld naar een hardloopster die een wedstrijd gaat lopen. Zij kan als doel hebben om haar persoonlijk record te verbeteren, of juist om beter te zijn dan haar tegenstandsters. Wanneer mensen als doel hebben om hun huidige prestaties in vergelijking met hun vroegere prestaties te verbeteren, dan hebben zij een ‘leerdoel’. Als daarentegen het doel is om beter te zijn dan anderen, dan wordt dit een ‘windoel’ genoemd.

In situaties waarin presteren belangrijk is, stellen mensen zich vaak als doel om óf zichzelf te verbeteren, óf beter te zijn dan de anderen

Survival

Om nu precies te onderzoeken welke effecten deze twee verschillende prestatiedoelen hebben op situaties waarin mensen informatie uitwisselen met elkaar, hebben we een experiment uitgevoerd. We vroegen de deelnemers aan het onderzoek om op de computer de zogenaamde ‘survivaltaak’ te maken. Hierbij kregen ze een verhaal te lezen over een vliegtuig dat was neergestort in een zeer koud en afgelegen gebied in Canada, waarbij de inzittenden een twaalftal voorwerpen uit het wrak hadden gered. De deelnemers moesten hierna een top 12 maken van welk voorwerp het belangrijkst zou zijn om de noodsituatie te overleven.

Vervolgens hoorden ze dat ze deze informatie via de computer met een andere deelnemer zouden gaan delen. Ze kregen hierbij een leerdoel mee (‘probeer jezelf te verbeteren op deze taak’) of een windoel (‘probeer beter te zijn dan de andere deelnemer op deze taak’). Eerst gaven ze hun eigen rangorde aan de andere deelnemer. Hiermee konden we precies zien hoe eerlijk de deelnemers waren tegenover de ander. Daarna ontvingen de deelnemers het lijstje van de ander en moesten ze een definitieve top 12 maken. Hierdoor konden we zien in hoeverre de deelnemers aan het onderzoek geneigd waren om informatie van de ander daadwerkelijk over te nemen.

Op basis van de survivaltaak wisselden de deelnemers informatie met een ander uit

Eerlijk zullen we alles delen

De groep mensen die moest proberen beter te zijn dan de ander, veranderde meer aan de rangorde die ze aan de ander gaven dan de groep mensen die moest proberen zichzelf te verbeteren. Ze gaven dus op een minder eerlijkere manier informatie aan de ander. Dit is eigenlijk heel logisch, want als je aan je rivalen slechte informatie geeft, waar deze dus niets aan hebben, is het ook gemakkelijker om van hen te winnen. De mensen met een leerdoel daarentegen hielpen de ander echter niet omdat ze zo graag anderen hielpen, maar omdat zij verwachtten goede informatie van de ander terug te krijgen. Zij gingen dus uit van het principe van wederkerigheid, waardoor ze zichzelf op termijn zouden kunnen verbeteren op de survivaltaak. Het eerlijke gedrag van mensen met een leerdoel komt dus uiteindelijk voort uit eigenbelang: als je anderen helpt, kun je ook hulp terugverwachten.

Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten

Naast de eerlijkheid waarmee mensen informatie aan elkaar geven, hebben we met dit experiment ook onderzocht in hoeverre mensen de informatie van een ander ook daadwerkelijk gebruiken. Eerder onderzoek laat zien dat mensen met leerdoelen sterker gemotiveerd zijn wanneer zij taken uitvoeren. Verder willen ze ook grondig begrijpen hoe deze taken in elkaar zitten en verdiepen zij zich dus echt diep in de stof. Daarentegen voeren mensen met windoelen taken vooral uit om aan anderen te laten zien hoe goed ze wel niet zijn. Hierdoor zijn ze minder met de taak zelf bezig en investeren ze er ook minder in. Als je echter minder moeite doet om een taak te begrijpen, maak je je wel meer afhankelijk van anderen. Want door minder aandacht te besteden aan de taak, heb je vaak een minder goede prestatie.

Deelnemers met een windoel waren daarom ook meer geneigd om informatie van de ander over te nemen, vergeleken met mensen met een leerdoel. Echter, dit was alleen zo als zij goede informatie kregen. Wanneer ze slechte informatie kregen van de ander, namen ze juist minder van deze slechte informatie over dan mensen met een leerdoel. Mensen met een windoel verkeren namelijk in een meer competitieve toestand dan mensen met een leerdoel. Als je een windoel hebt, wil je immers beter zijn dan anderen. Zij hadden hierdoor meer wantrouwen ten aanzien van potentiële slechte informatie en wanneer zij slechte informatie ontvingen, namen ze er dus ook minder van over.

Wanneer mensen windoelen nastreven, zijn ze minder eerlijk tegenover anderen

De moraal van het verhaal

Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dus dat mensen met leerdoelen eerlijker zijn ten opzichte van anderen wanneer ze informatie geven. Anderzijds is het zo dat mensen met windoelen meer goede en minder slechte informatie overnemen van anderen dan mensen met leerdoelen. Hierdoor zijn mensen met windoelen uiteindelijk beter in staat een goede prestatie te behalen op de survivaltaak. Conclusie: mensen met een windoel proberen anderen te exploiteren. Ze zijn niet bereid om goede informatie aan anderen te geven, maar willen wél de goede informatie die ze ontvangen benutten.

Je kunt je echter afvragen of op de lange termijn windoelen nou echt wel zo gunstig uitpakken. Als mensen met iemand moeten samenwerken die windoelen nastreeft en daardoor slechte informatie aan hen geeft, zullen zij dat op den duur waarschijnlijk niet pikken. Wellicht is het zelfs zo dat mensen met windoelen uiteindelijk helemaal geen informatie meer van anderen ontvangen, omdat niemand het leuk vindt om samen te werken met mensen die ten koste van anderen hun doelen nastreven. Zoals met zoveel dingen geldt dus waarschijnlijk ook voor het uitwisselen van informatie: eerlijk duurt het langst.

Poortvliet, P. M., Janssen, O., Van Yperen, N. W., & Van de Vliert, E. (in druk). Achievement goals and interpersonal behavior: How mastery and performance goals shape information exchange. Personality and Social Psychology Bulletin.

Dit artikel is een publicatie van Rijksuniversiteit Groningen (RUG).
© Rijksuniversiteit Groningen (RUG), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 31 augustus 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.