Je leest:

Zeldzame intelligentie in het heelal

Zeldzame intelligentie in het heelal

Auteur: | 5 juli 2001

Ruim één miljoen mensen maken jacht op aliens. Via het [email protected] (SETI staat voor Search for Extra-Terrestrial Intelligence) laten ze hun pc ’s nachts speuren naar mogelijke signalen van buitenaardse beschavingen. Gevoelige waarnemingen van een kolossale radiotelescoop worden via internet verspreid, en iedereen kan meezoeken naar kunstmatige piepjes. Allemaal tevergeefs, aldus John Bally van de universiteit van Colorado in Boulder.

In tegenstelling tot veel andere astronomen denkt Bally dat het leven op aarde een toevallige uitzondering is – een onwaarschijnlijke oase van biologische complexiteit, intelligentie en zelfbewustzijn in de donkere, levenloze woestijn van het heelal.

Een pessimistische gedachte? Kan zijn, maar wel gestaafd door de waarnemingen, aldus Bally, die overigens allerminst als een pessimist overkomt. Op de 198ste bijeenkomst van de American Astronomical Society (AAS), die begin juni werd gehouden in Pasadena, presenteerde hij vol enthousiasme zijn waarnemingen van de Orionnevel, een nabijgelegen kraamkamer van nieuwe sterren en planeten. Maar ja, de feiten liegen er niet om: planetenstelsels als het onze zijn zeldzaam, en of intelligentie ooit elders een kans heeft gekregen, valt te betwijfelen.

Geen populaire gedachte in de sterrenkunde. Astronomen zijn allergisch voor theorieën die de mens een bijzondere plaats in ruimte of tijd toeschrijven. En daar hebben ze alle reden voor. Ooit werd er gedacht dat de aarde het middelpunt van de kosmos vormt, maar nu is bekend dat het slechts een klein planeetje is, in een baan rond een heel gemiddelde ster, ergens in een uithoek van een van de miljarden sterrenstelsels in het heelal. Ook in de tijd nemen we een onbetekenende plaats in: een kosmische oogwenk geleden was er van de mens nog geen spoor.

Toen zes jaar geleden de eerste planeten bij andere sterren werden ontdekt, lag de conclusie dan ook voor de hand: als andere sterren ook door planeten worden vergezeld, moeten daar ook werelden als de aarde tussen zitten, en als er bij ons ooit leven is ontstaan, zal dat elders ook zijn gebeurd. Het kan dus haast niet anders of de kosmos wemelt van het leven, en het is slechts een kwestie van tijd voordat er buitenaardse intelligentie wordt ontdekt.

Bally komt echter tot een heel andere conclusie: planetenstelsels zijn zeldzamer dan algemeen wordt aangenomen, en de stelsels díe er zijn, lijken in geen enkel opzicht op het onze. Het leven op aarde zou wel eens een lot uit de loterij kunnen zijn. In dat geval is het geen wonder dat het SETI-project al bijna veertig jaar lang zonder resultaat blijft.

Samen met zijn collega’s Henry Throop, Larry Esposito en Mark McCaughrean heeft Bally de Orionnevel bestudeerd met een infraroodcamera aan boord van de Hubble Space Telescope. De Orionnevel is een groot stervormingsgebied op een afstand van circa 1200 lichtjaar. Honderden jonge protosterren in de nevel worden omgeven door afgeplatte schijven van gas en stof, waaruit zich in de toekomst in principe planeten zouden kunnen vormen. De Hubble-waarnemingen doen echter vermoeden dat het in de meeste gevallen niet zo ver zal komen.

‘Negentig procent van alle sterren in het heelal ontstaan in grote stervormingsgebieden zoals de Orionnevel,’ zegt Bally, ‘en dat zijn niet bepaald de ideale locaties voor de vorming van een planetenstelsel.’ In zo’n stervormingsgebied kunnen in een paar miljoen jaar tijd enkele tienduizenden sterren ontstaan in een gebied met een middellijn van honderd lichtjaar. Daar zitten altijd wel enkele extreem heldere, zware reuzensterren tussen, en die blijken een funeste invloed op hun omgeving te kunnen uitoefenen.

De Hubble-waarnemingen laten duidelijk zien dat de energierijke ultraviolette straling van deze reuzensterren een verwoestende uitwerking heeft op de protoplanetaire schijven rond de andere sterren in de nevel. Die schijven verliezen daardoor continu materie, en volgens Bally zullen negen op de tien schijven in de Orionnevel binnen honderdduizend jaar volledig zijn ‘opgelost’. ‘Planeten moeten óf onvoorstelbaar snel ontstaan, óf ze zijn veel zeldzamer dan tot nu toe werd aangenomen,’ aldus Bally.

In een artikel dat op 1 juni in Science is gepubliceerd, rekenen Bally, Throop, Esposito en McCaughrean voor dat er bij hooguit drie tot tien procent van alle sterren in het heelal planetenstelsels gevormd kunnen worden. Dat zijn er altijd nog heel wat (alleen ons Melkwegstelsel telt al een slordige tweehonderd miljard sterren), maar de meeste van die stelsels lijken waarschijnlijk in geen enkel opzicht op het onze. Planetenjagers hebben de afgelopen jaren inderdaad bij vijf procent van de onderzochte sterren ‘exoplaneten’ ontdekt, maar die bewegen allemaal in uitzonderlijk kleine of bijzonder langgerekte banen rond hun moederster. Voor een ‘levende’ planeet als de aarde is in zulke stelsels geen plaats.

Volgens Bally is de conclusie onvermijdelijk. Uit de Hubble-waarnemingen blijkt dat er bij ongeveer een op de twintig pasgeboren sterren planeten kunnen ontstaan, en een speurtocht naar de aanwezigheid van planeten bij oudere sterren is inderdaad in een op de twintig gevallen succesvol. Maar wanneer al die andere planetenstelsels ongeschikt zijn voor de ontwikkeling van leven, is ons eigen zonnestelsel kennelijk een uitzondering op de regel. Kortom: het leven op aarde is uniek.

Mark Sykes, een planeetdeskundige van de Steward-sterrenwacht in Arizona, is onder de indruk van de resultaten van Bally en zijn collega’s. ‘Het begint er steeds meer op te lijken dat planetenstelsels zoals het onze vrij zeldzaam zijn,’ zegt hij. ‘Je vraagt je af wat dat betekent voor ons beeld van de plaats van de mens in het heelal.’ Overigens gaat het [email protected] gewoon door. Ook wanneer buitenaardse intelligentie zeldzaam is, kun je per slot van rekening alleen iets vinden wanneer je geduldig zoekt.

Dit artikel is een publicatie van Allesoversterrenkunde.nl.
© Allesoversterrenkunde.nl, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 05 juli 2001

NEMO Kennislink Agenda

NEMO Kennislink vertoont op deze plaats normaal gesproken wetenschappelijke activiteiten uit heel Nederland. Door de maatregelen tegen het nieuwe coronavirus zal daarvan een groot gedeelte worden afgelast. Omdat we geen achterhaalde informatie willen verspreiden, laten we voorlopig geen activiteiten zien.
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.