Je leest:

Ze hoeven toch niet alles te weten!

Ze hoeven toch niet alles te weten!

Auteur: | 11 mei 2006

Als ouders weten wat hun kind allemaal uitspookt op straat, heeft het kind minder kans te ontsporen. Kinderen dwingen om te vertellen over hun vrijetijdsbesteding lijkt echter niet efficiënt. Het is vooral belangrijk is dat kinderen uit zichzelf gaan vertellen, zonder dat ouders hier om vragen.

Na een barre fietstocht door de regen kom je thuis van school. Je opent de achterdeur en ruikt de geur van verse appeltaart. In de keuken zit je moeder klaar met een kopje thee; een glimlach siert haar gezicht. Opeens begrijp je het! Ze moet weer eens met je praten.

Ouders kunnen zeuren. Ze stellen vragen over de vrijetijdsbesteding, de vriendengroep en over schoolwerk. Een tiener wil zijn ouders echter niet alles vertellen. Veel kinderen willen liever niet met hun vader of moeder bespreken met wie ze hebben gezoend. Het is echter wel belangrijk dat ouders op de hoogte zijn van wat hun tiener allemaal doet en met wie hij of zij omgaat in de vrije tijd. Dit toezicht houden door ouders wordt ‘monitoren’ genoemd.

Monitoren is toezicht houden op een kind. Dit kunnen ouders doen door vragen te stellen, bijvoorbeeld aan het kind zelf of aan de vrienden van het kind. Daarnaast hoort bij monitoren het leven van een kind structuren, bijvoorbeeld door regels op te leggen. Een voorbeeld van zo’n regel is dat een kind toestemming moet vragen voordat hij of zij uitgaat met vrienden.

Het rechte pad of het criminele pad?

Een kind van wie de ouders veel weten doet minder gevaarlijke dingen. Hiernaar is veel onderzoek gedaan. Kinderen die slecht worden gemonitord door hun ouders gebruiken meer alcohol en drugs. Ze starten bijvoorbeeld twee jaar vroeger met het gebruik van drugs en hebben twee keer zo vaak geblowd dan kinderen die goed in de gaten worden gehouden. Ook hebben ze vaker bier of andere alcoholische drankjes geprobeerd.

Verder gaan tieners van wie de ouders veel weten verstandiger om met seks. Ze gebruiken vaker de pil of een condoom. Daarnaast weten ouders van criminele jongeren relatief weinig over hun zoon of dochter. Meisjes waarvan ouders weinig weten over de vrijetijdsbesteding worden bijvoorbeeld twee keer zo vaak opgepakt door de politie. Het lijkt dus dat ouders die hun kind goed in de gaten hebben ervoor kunnen zorgen dat hij of zij op het rechte pad blijft.

Het verkeerde pad

Dat is privé, mam!

Betekent dit nou dat ouders moeten worden aangemoedigd om zo veel mogelijk vragen te stellen en informatie op te eisen? Is een goed gesprek (eventueel met een appeltaart een kopje thee erbij) voldoende om een kind te weerhouden van gevaarlijke of criminele dingen? Nee, jammer genoeg is het niet zo eenvoudig. Recent onderzoek heeft namelijk laten zien dat vooral de kennis die ouders hebben over hun kind belangrijk is. Wat ouders allemaal proberen om deze kennis los te peuteren, zoals vragen stellen of regels opleggen, is minder duidelijk gerelateerd aan probleemgedrag.

Dit betekent dat een ouder niet kan voorkomen dat de tiener het criminele pad op gaat door te vragen of te dwingen om te vertellen over de vrije tijd, vrienden en school. Bovendien kan het stellen van vragen of het opleggen van regels averechts werken omdat het onvoldoende rekening houdt met privacy. Hieraan krijgt een kind in de puberteit steeds meer behoefte. Misschien ken je het fenomeen dat jongeren hun deur van hun kamer afsluiten of een dagboek met een slot hebben. Sommige dingen zijn privé.

Vragen stellen kan ook averechts werken. Bron: Noortje

Niet vragen…Luisteren!

Maar als het gedrag van ouders niet kan verklaren waarom gebrek aan toezicht samenhangt met probleemgedrag, wat dan wel? Het is heel belangrijk dat een kind uit eigen initiatief vertelt aan zijn ouders wat hij doet en wie zijn vrienden zijn. Een kind dat spontaan (dus zonder dat zijn ouders hierom vragen) vertelt over wat hij of zij in de vrije tijd allemaal uitvoert zal minder snel illegale dingen doen, zoals een fiets stelen of drinken voor de 16e verjaardag.

Natuurlijk gaat een kind dat verkeerde dingen doet ook minder vertellen of zelfs liegen. Er is namelijk meer reden om dingen te verzwijgen als je de wet niet zo nauw neemt. Het is immers niet gemakkelijk om je ouders te vertellen dat je die nieuwe cd niet hebt betaald in de winkel. Het komt er dus op neer dat ouders niet moeten vragen, maar luisteren naar wat zoon of dochterlief te vertellen heeft.

Een kind kan ook ouders op de hoogte stellen. Bron: transmogrifier.org

Lief of liefde

Waarom kinderen die met hun vader of moeder kletsen minder snel crimineel worden is nog onduidelijk. Er zijn verschillende mogelijke verklaringen. Het kan te maken hebben met het karakter van een kind. Bijvoorbeeld omdat kinderen die graag vertellen een lief karakter hebben en hierdoor ook niet crimineel worden. Ze zijn dus niet alleen aardig tegen hun ouders, maar ook tegen de mensen om hun heen in het bijzonder winkeleigenaren.

Maar het kan er ook mee te maken hebben dat kinderen die veel met hun ouders praten een sterkere band met hun ouders krijgen. Doordat ze een goede relatie met hun ouders hebben doen ze geen dingen die ze niet mogen doen. Ze zouden het vervelend vinden als hun ouders zich over hen zouden schamen. Het is als het ware een klein vadertje of moedertje dat op het kind zijn schouders zit en meekijkt met wat hun tiener doet (ja, net als in die reclame). Vooralsnog is er echter niet één duidelijke wetenschappelijke verklaring voor het verband tussen kletsen met je ouders en minder probleemgedrag.

Onvriendelijke winkeldief. Bron: hbd.nl

Er is zoveel meer

Natuurlijk is het wel belangrijk om er rekening mee te houden dat er naast opvoeding en praten tussen ouders en kinderen nog veel meer factoren kunnen zijn in de ontwikkeling van crimineel gedrag. Zo kan het karakter van een kind meespelen. Een kind kan bijvoorbeeld heel weinig angst kennen (zie ook het artikel ‘Van chantage tot woede’, link onderaan dit artikel). Ook kan de omgeving een rol spelen. Een kind dat opgroeit in een villawijk heeft minder kans op criminele vrienden dan een kind dat opgroeit in een minder goede buurt. Dé oplossing voor criminaliteit is nog steeds niet gevonden.

Referenties: Smetana, J.-G., Metzger, A., Gettman, D.-C., & Campione-Barr, N. (2006). Disclosure and secrecy in adolescent-parent relationships. Child-Development, 77(1), 201-217. Stattin, H., & Kerr, M. (2000). Parental monitoring: A reinterpretation, Child Development (Vol. 71, pp. 1072): Blackwell Publishing Limited.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 11 mei 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.