Je leest:

Welk woord heeft de FUDGE-factor?

Welk woord heeft de FUDGE-factor?

Auteur: | 26 september 2008

Om de levensvatbaarheid van nieuwe woorden te voorspellen, kunnen lexicologen gebruikmaken van de FUDGE-test. Hoe vaker een woord voorkomt en hoe beter het woord in het gehoor ligt, hoe hoger de score!

Weleens gehoord van een yeppie, een milieuklinker, een pafpaal of een egoglossy? Zo ja, dan behoor je waarschijnlijk tot de categorie ‘jong en trendy’. Zo nee, dan duurt het nog een jaartje òf gaat dit alles überhaupt aan je voorbij. Hoewel je natuurlijk ook even door kunt lezen om op de hoogte te raken van de allernieuwste taaltrends…

Maandagmiddag half vier. Ik zit met taalkundige Vivien Waszink op een zonnig terras op loopafstand van de Leidse universiteit. Om ons heen horen we plat Leids of studentikoos gebral. Hoewel woorden als ontgroening en lullo inmiddels gemeengoed zijn geworden, zijn er ook woorden die alleen de échte corpsbal begrijpt. “Die categorie woorden behoort tot een bepaald jargon en zal de tand des tijds niet overleven,” legt Vivien uit. Welke woorden wél ‘blijvertjes’ zijn en waaróm, zal ze me het komende half uur duidelijk maken.

yeppie = young ethnic professional, naar analogie van yuppie milieuklinker = straatsteen die een luchtzuiverende werking heeft pafpaal = rookpaal op stations egoglossy = magazine als de Linda of de Matthijs

Meebepalen welke woorden de toekomst gaan halen? Dat kan vanavond tijdens Discovery 08 in Sciencecenter NEMO, Amsterdam.Dit is een ‘feest met inhoud’: live wetenschappelijk onderzoek, dj’s, vj’s, cocktails, film, installaties, games, presentaties en meer. Ga naar www.discovery08.nl voor het gehele programma en kaartjes.

Modern Nederlands

Vivien Waszink is een jonge dertiger, redacteur en promovenda aan het Instituut voor Nederlandse Lexicologie (INL). Op het INL wordt onder andere gewerkt aan het Algemeen Nederlands Woordenboek (ANW), een elektronisch woordenboek van modern Nederlands. Het ANW besteedt veel aandacht aan nieuwe woorden. Toch komen niet zomaar alle woorden terecht in dit woordenboek. “We kunnen nooit precies voorspellen welke woorden wel of niet beklijven in de taal, maar het is ook niet helemaal toevallig.”

Om te beoordelen of een nieuw woord levensvatbaar is, maken lexicologen ook wel gebruik van de FUDGE-test. Deze test werd geïntroduceerd door de Amerikaan Allan Metcalf in zijn boek Predicting new words (2002). FUDGE staat voor een mond vol aan Engelse termen: frequency, unobtrusiveness, diversity of users and situations, generation of forms and meanings en endurance of the concept. “Dat klinkt nogal saai,” verontschuldigt Vivien zich, “maar het werkt wel.” Om het goed te maken licht ze ieder criterium toe aan de hand van typische trendwoorden.

Google-hits

“Neem het woord curlingouder. Het is van toepassing op de ouder-van-nu die zijn kind veel te beschermend opvoedt. Net als bij het gelijknamige spel, ruimt de ouder alle obstakels weg voor zijn kind. Een typisch nieuw woord, maar als je het intikt op Google krijg je ‘slechts’ 25 hits. Een woord als wachtverzachter – bijvoorbeeld iemand die je entertaint in de wachtrij bij de Schiphol, maar ook een bankje op het station – levert wel 1000 treffers op. Het voldoet aan de voorwaarde van frequency. Het is frequent en heeft dus meer kans op overleving.”

Curling is een (olympische) sport waarbij een platte schijf over het ijs wordt geschoven. De spelers gebruiken speciale borstels om de baan schoon te vegen, zodat de schijf makkelijker in het doel kan glijden.

Het woord curlingouder is van toepassing op de ouder-van-nu die zijn kind veel te beschermend opvoedt, door alle obstakels voor hem weg te nemen.

Raar woord

Maar het gaat er niet alleen om of een woord vaak genoeg voorkomt, het moet ook nog eens ongekunsteld (unobtrusive) zijn. “Een owym – older woman younger man – is een relatievorm die steeds meer ín raakt. Toch is het een rare afkorting: het békt niet lekker. Toyboy daarentegen ligt wel lekker in het gehoor.” Ook moet het woord niet beperkt zijn tot een bepaald jargon, maar door verschillende groepen sprekers ( diversity of speakers) gebruikt worden. “Een straattaalwoord als fronten – ruziemaken – scoort niet hoog in de FUDGE-test.” Het helpt ook als er andere woorden bestaan die op het nieuwe woord lijken ( generation of forms): na de komst van de poldermoskee was de poldermoslim snel geboren.

Ten slotte moeten nieuwe woorden verwijzen naar iets blijvends ( endurance). “Als het huidige anti-rookbeleid wordt voortgezet, maken woorden als e-sigaret (elektrische sigaret), pafpaal (rookpaal op stations) en smirten (smoke & flirten) zeker een kans.”

zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 26 september 2008

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.