Je leest:

Waarom een aap geen vliegtuig bouwt

Waarom een aap geen vliegtuig bouwt

Maar een mens wel

Auteur: | 1 maart 2012

Als apen zoveel op mensen lijken, waarom praten ze dan nog steeds niet of hebben ze nog steeds niet het vuur uitgevonden? Sommige onderzoekers denken dat apen instinctief gewoon te teveel ruziën om beloningen of te lui zijn om kennis te delen, waardoor cultuur nooit van de grond komt. Uit nieuw onderzoek met kinderen en apen blijkt iets anders: kinderen apen elkaar continu na, terwijl apen dat niet doen.

Muizen en handbijlen lijken op elkaar.
Ronald Veldhuizen en Wikimedia Commons

Waarschijnlijk zit je dit te lezen achter een computer met beeldscherm, toetsenbord en muis. Kijk eens goed naar die muis. De vorm ervan is bedoeld om een ideale grip voor de menselijke hand te leveren. Die past er mooi omheen.

Dezelfde vorm bestond al zo’n twee miljoen jaar geleden. Toen liep de prehistorische mens rond met een handbijl. Handbijlen en computermuizen hebben deels dezelfde functie – onze hand moet erop passen – maar de technologie die in de computermuis zit is een opeenstapeling van alles wat de mensheid sinds de prehistorie aan kennis heeft verzameld. De kennis van vandaag rust op die van gisteren. Elke uitvinding die de mens doet, wordt via cultuur en kennis verfijnd.

Lianen verlichten jeuk op je rug.
PLoS One

Waar blijven de apen?

Hoe het kan dat alleen mensen zover zijn gekomen, qua cultuur en uitvindingen, en apen niet, is al jaren onderwerp van discussie onder wetenschappers. Chimpansees vinden soms wel degelijk gereedschappen uit en delen deze kennis met elkaar, net als wij.

Toen bijvoorbeeld een wilde chimpansee in Oeganda erachter kwam dat je een liaan kan gebruiken om je rug te krabben, legden wetenschappers op film vast hoe de anderen chimps deze jeukverlichtende uitvinding imiteerden en ervan genoten. Maar toch zien we ze niet steeds meer kennis vergaren totdat ze het vuur uitvinden, laat staan een vliegtuig bouwen.

Samen puzzelen

Nieuw onderzoek van gedragswetenschapper Rachel Kendal van Durham University in Engeland haalt vandaag het blad Science, omdat ze voor het eerst aantoont waarom apen nooit zo ver zullen komen als mensen: ze apen elkaar lang niet zo vaak na, delen successen niet met elkaar, en roepen elkaars hulp niet in als iets niet werkt, terwijl mensen dat op vroege leeftijd al wel doen.

Rachel Kendal liet kinderen en apen puzzelen.
Durham University

Kendal gaf groepen van vierjarige kinderen, kapucijnaapjes of chimpansees een puzzeldoos met daarin een beloning: voedsel voor apen, stickers voor kinderen. Ze keek vervolgens toe hoe snel ze de puzzel oplosten, en in hoeverre kennis delen daarbij een rol speelde.

Om een gradatie van kenniscultuur en puzzeloplosbaarheid te meten, bevatte de puzzeldoos drie verschillende vakjes die alleen achter elkaar konden worden geopend. In elk opeenvolgende vakje lag een steeds grotere beloning, maar de bijbehorende puzzel was tegelijk ook steeds moeilijker.

Kinderen overleggen om stickers uit een doos te krijgen.
Science

Babbelende koters

De kinderen scoorden op alle vlakken beter dan de chimpansees en kapucijnaapjes. Zonder enige instructie losten ze binnen tweeëneenhalf uur de puzzeldoos op tot en met de moeilijkste graad. De kapucijnaapjes losten allemaal de eerste puzzel op, maar na 54 uur apen bleef de moeilijkste puzzel onopgelost. Van de veertig aapjes bereikten er slechts twee het tweede vakje met de beloning. Bij chimpansees was het nauwelijks beter: na 30 uur hadden alle drieëndertig mensapen de simpelste puzzel opgelost, maar slechts vier en één bereikten respectievelijk de tweede en derde puzzel.

De verschillen tussen apen en kinderen zaten in de prosociale hoek: kinderen overlegden en riepen elkaars hulp in. Ook imiteerden ze elkaar continu, waardoor er altijd wel eentje per toeval de puzzel een stukje verder oploste. De apen imiteerden elkaar nauwelijks en bleven vooral aan willekeurige toeters en bellen op de puzzeldoos drukken. Kinderen apen elkaar dus beter na dan apen dat doen.

De chimps puzzelden net zo intensief als de kinderen, maar ze overlegden niet en imiteerden elkaars successen nauwelijks.
Science

Als een kind eenmaal het vakje met de eerste beloning opende, dan bedelden zijn of haar hulpjes om een paar stickers, waarna de beloning netjes werd verdeeld. Omdat iedereen een beetje werd beloond, zo vermoedt Kendal, ging de groep vervolgens weer samenwerken en elkaar na-apen. Opnieuw bleef dit gedrag bij de apen uit: de aap die de eerste beloning uit de doos viste, deelde hem nooit.

Veel wetenschappelijke theorieën over waarom apen niet beter in kennisuitwisseling zijn dan mensen, vermoeden dat teveel dierlijke instincten in de weg zitten. Zoals ruzie en alfa-mannetjesgedrag, bijvoorbeeld. Tegen haar verwachtingen in, vond Kendal geen enkele aanwijzing voor dit soort asociaal gedrag bij apen. Het was bijvoorbeeld niet zo dat dominante mannetjes zich de puzzeldoos toe-eigenden omdat ze de beloning voor zichzelf wilden, waardoor andere apen niets mochten proberen. Kendal verwachtte ook dat apen misschien ruzie zouden gaan maken als de eerste beloning eenmaal vrijkwam, waardoor ze de rest van de puzzel vergeten. Maar nee hoor, ook dat bleek geen punt. De aap die de beloning kreeg, werd niet lastiggevallen door de andere puzzelaars. Die bleven domweg verder aan de doos jengelen. Zonder succes.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 maart 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.