Je leest:

Waarom aten we in 2011 nog geen insecten in Nederland?

Waarom aten we in 2011 nog geen insecten in Nederland?

Gastcolumn door entomoloog Marcel Dicke

Auteur: | 6 december 2011

In zijn gastcolumn neemt onderzoeker Marcel Dicke van het Laboratorium voor Entomologie aan Wageningen University ons mee naar de toekomst. Een toekomst waarin we iets eten wat we nu nog als ‘vreemd’ bestempelen. Ten onrechte volgens Dicke: insecten zijn juist van onschatbare waarde!

Het is vandaag 28 januari 2020 en ik heb iets te vieren. Met vrienden zitten we in restaurant Een Wereld van Verschil en we hebben een lekker menu van gerechten van de kaart samengesteld. We eten onder anderen een bouillon met waterwantsen, een salade met malse libellenlarven met pepermuntbladeren, keverkaviaar op een bedje van rijst, en gepocheerde palmkeverlarven in rode wijnsaus.

Het gesprek komt op de eerste lezing die mijn collega Arnold van Huis ooit in Wageningen gaf over de mogelijkheid om insecten te eten. Dat was in 1997. Hij haalde er alle televisieprogramma’s en kranten mee. Maar de berichtgeving was doordrenkt van de fear factor en men dacht dat het als grap bedoeld was. Dat het echter heel serieus bedoeld was, werd gaandeweg duidelijk.

Insecten op de (menu)kaart

In 2005 wees de toenmalige minister van Landbouw Cees Veerman op de noodzaak alternatieve bronnen van dierlijke eiwitten te zoeken. In 2006 benadrukte het Laboratorium voor Entomologie van Wageningen University het idee om insecten te eten tijdens het wetenschapsfestival Wageningen: City of Insects, dat meer dan 20.000 bezoekers trok en uitvoerige aandacht van de nationale en internationale media kreeg.

In 2008 presenteerde de Horecava, de grote jaarbeurs voor de horeca, met trots insecten als voedsel voor mensen, en hiermee begon ook de commerciële productie van insecten voor de groothandel. In 2009 introduceerde de Nederlandse minister van Landbouw Gerda Verburg insecten op de menukaart van het restaurant van haar ministerie en in 2010 zette ze haar Europese collega’s tijdens een diner in grand hotel Huis ter Duin een insectengerecht voor. Wat zijn de ontwikkelingen snel gegaan.

Inmiddels doet anno 2020 de snackketen MacCricket goede zaken met haar krekelnuggets, en vind je op de delicatessenafdeling van de supermarkt een keur van krekels, wantsen, rupsen, libellenlarven en tenebriokevers; naast garnalen, rivierkreeftjes en sushi.

Je hoort weinig meer over dierziekten die onze gezondheid bedreigen, over mestoverschotten, of over ammoniakuitstoot. Sprinkhanen kruipen lekker dicht tegen elkaar aan in hun kweekkooien en meelwormen krioelen in een container met meel. Het Chinese ruimteveer Shenzhou 15 heeft vorige maand een succesvolle missie naar Mars uitgevoerd en heeft in de Marskolonie een kweekeenheid afgeleverd waarmee de komende zes maanden voldoende zijderupsen gekweekt kunnen worden om de Mars-astronauten van dierlijk eiwit te voorzien.

Paar lastpakken

In 2011 werd ik beschouwd als een idealist, die het tegen beter weten in opnam voor insecten. Ik vertelde dat voor ieder mens ongeveer 200-2000 kilogram insecten aanwezig is op aarde. Dat de aarde niet bewoonbaar voor ons zou zijn als er geen insecten waren. Immers, insecten zorgen voor de voortplanting van tweederde van de planten, ze ruimen mest op, en vormen voedsel voor allerlei dieren zoals zangvogels.

Die boodschap wilde maar niet doorkomen, omdat er een paar lastpakken onder de insecten zijn. Ongeveer een half procent van alle insectensoorten levert problemen op omdat ze verzot zijn op ons voedsel, onze kleren, onze huizen of, nog erger, onszelf. Insecten die ons steken en bijten verpesten het voor die overgrote meederheid waar we plezier aan beleven. En eerlijk is eerlijk, sommige bloedzuigende insecten veroorzaakten de ernstigste ziekte op aarde: malaria. Muggen die zulke ziekten overbrengen waren terecht onbemind. Wie is er niet blij met een dooie malariamug?

Insecten die ons steken en bijten kunnen ernstige ziekten overbrengen.

Eiwitcrisis

De wereldbevolking groeit en de welvaart neemt toe. Dat heeft gevolgen voor ons eetpatroon. Zo is de vleesconsumptie in China in de afgelopen tien jaar verdubbeld. Er is echter te weinig ruimte voor het vee dat nodig is om iedereen op aarde van traditionele dierlijke eiwitten te voorzien. Dit probleem wordt ook wel de eiwitcrisis genoemd.

Maar ik vond het niet eerlijk om de andere 99.5% insecten over dezelfde kam te scheren. Inmiddels hebben we methoden ontwikkeld om malariamuggen zover terug te dringen dat de gevreesde ziekte malaria bijna uitgeroeid is. We hebben door schade en schande ontdekt dat insecten de oplossing zijn voor de eiwitcrisis en dat insectenvlees zeer gezond is.

In 2020 weten we dat insecten onze gastheren op aarde zijn en dat we ze moeten koesteren. Als ik nu terugkijk naar 2011 en mijn boek ‘Blij met een dooie mug’ er nog eens op nalees, dan realiseer ik me hoe weinig we ons toen realiseerden dat insecten van onschatbare waarde zijn voor ons leven op aarde.

Marcel Dicke is hoogleraar Entomologie en hoofd van het Laboratorium voor Entomologie van Wageningen University. In 2006 won hij samen met zijn team de nationale Academische Jaarprijs, die werd gebruikt om het festival Wageningen: City of Insects te organiseren. In 2007 kreeg hij de prestigieuze Spinoza-premie.

Op 23 november 2011 verscheen zijn boek Blij met een dooie mug(Uitgeverij Bert Bakker, ISBN 978 90 351 3658 8), waarin Dicke op onderhoudende wijze uitlegt dat we juist dolgelukkig moeten zijn met (bijna) alle insecten. Het boek is verkrijgbaar bij de meeste boekhandels.

Dit artikel is een publicatie van Kennislink (gastcolumnist).
© Kennislink (gastcolumnist), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 06 december 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.