Je leest:

Voorkeursbehandeling voor allochtonen werkt averechts

Voorkeursbehandeling voor allochtonen werkt averechts

Auteur: | 5 december 2006

Wil de overheid de positie van allochtonen binnen arbeidsorganisaties verbeteren, dan is een doelgroepenbeleid gedoemd te mislukken. Diversiteitmanagement is het meest gebaat bij aandacht voor individuele behoeftes van werknemers en bij een beroep op gelijke doelen, rechten en plichten. Het overmatig benadrukken van culturele verschillen werkt averechts, concludeert Juliette Schaafsma in haar proefschrift waarop zij 6 december aan de Universiteit van Tilburg promoveert.

Het afgelopen decennium hebben overheid en bedrijfsleven een doelgroepenbeleid gevoerd. Om de in- en doorstroom van allochtonen binnen arbeidsorganisaties te bevorderen, krijgen zij in het arbeidsproces soms een voorkeursbehandeling. Helaas, concludeert Juliette Schaafsma in haar proefschrift: dit beleid heeft niet geholpen en werkt soms zelf averechts.

Schaafsma nam bij vijftien Nederlandse organisaties 219 diepte-interviews af, bij allochtone en autochtone werknemers, managers en personeelsfunctionarissen. Zij onderzocht welke barrières werkgevers zien bij het in dienst nemen van allochtonen en hoe werkgevers en werknemers aankijken tegen maatregelen om de positie van allochtonen te verbeteren. Verder onderzocht zij de onderlinge verhoudingen op de werkvloer en de omgang met diversiteit op het werk. Schaafsma wilde weten in hoeverre werkgevers en werknemers vinden dat er op de werkvloer rekening moet worden gehouden met culturele of religieuze gebruiken zoals gebeds-, kleding- en voedselvoorschriften en feestdagen.

Weg met het voorkeursbeleid en discriminatie

Schaafsma geeft toe dat van bedrijven verwacht wordt dat ze tegenstrijdig lijkende principes combineren. Aan de ene kant moeten achterstanden van allochtonen weggewerkt worden en moeten culturele verschillen gewaardeerd worden. Aan de andere kant moet juist het gevoel van eenheid binnen een organisatie bewaard blijven. Daarom is een voorkeursbehandeling voor allochtonen volgens Schaafsma niet handig: dat veroorzaakt gevoelens van onrechtvaardigheid, voornamelijk bij autochtonen. Het is natuurlijk wel heel belangrijk om te zorgen dat discriminatie geen kans krijgt. Uit haar onderzoek blijkt dat werkgevers nog vaak allochtonen weren om hun ‘aard’. Daarom pleit Schaafsma bijvoorbeeld voor anoniem solliciteren zodat onbewuste vooroordelen geen rol kunnen spelen bij de selectie van werknemers.

Volgens Schaafsma is het goed mogelijk een arbeidsklimaat te creëren waarbinnen verschillen worden geaccepteerd en gerespecteerd. Maar er moet dan geen beroep gedaan worden op uitzonderingen voor groepen, maar op de mogelijkheden of rechten die iedereen heeft. Dat is veel beter dan het overmatig benadrukken van de culturele verschillen. Autochtonen en allochtonen zijn best bereid om rekening te houden met verschillen in leefgewoontes zoals kleding- en gebedvoorschriften als iedereen aanspraak kan maken op gelijksoortige rechten: een moslima mag best een hoofddoek, als een Nederlandse werknemer een pet op mag.

De angst voor een voorkeursbehandeling van ‘de ander’ is echter groot. Autochtonen en, in mindere mate allochtonen, vinden dat niemand geprivilegieerd zou moeten worden vanwege geloof of cultuur en dat allochtonen geen speciale groepsrechten zouden moeten krijgen. Juist een voorkeursbehandeling voor ‘de ander’ leidt tot scheidslijnen tussen groepen. Dat resulteert weer in negatieve opmerkingen, grappen en pesterijen.

Overeenkomsten belangrijker

Uit Schaafsma’s onderzoek blijkt ook dat culturele verschillen helemaal niet problematisch hoeven te zijn. Belangrijker dan herkomst is voor veel werknemers dat collega’s goed werken, behulpzaam zijn en bereid zijn een praatje te maken. Scheidslijnen komen tot uiting als allochtonen niet goed Nederlands spreken, als werknemers geen mogelijkheid hebben elkaar te leren kennen en als werknemers het gevoel hebben ongelijk behandeld te worden door discriminatie of doelgroepenbeleid.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 05 december 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.