Je leest:

Verbeterde Hubble-telescoop levert eerste beelden

Verbeterde Hubble-telescoop levert eerste beelden

Auteur: | 2 mei 2002

Met een nieuwe camera aan boord van de Hubble Space Telescope (HST) zien astronomen nu nóg verder dan voorheen. De eerste afbeeldingen voor het grote publiek zijn binnen, en geven al aan dat astronomen nog lang niet klaar zijn met het onderzoeken van het heelal.

De Hubble Space Telescope, inmiddels bezig aan zijn twaalfde jaar in de ruimte, is in een moeilijke operatie afgelopen maart door NASA-astronauten voorzien van een nieuwe camera: de Advanced Camera for Surveys (ACS). Deze nieuwe camera is een grote verbetering ten opzichte van zijn voorganger, de Wide Field and Planetary Camera 2. Met de nieuwe camera kunnen astronomen een twee keer zo groot oppervlak bekijken met een verdubbelde scherpte en een licht-gevoeligheid die vijf keer zo hoog is als voorheen. Het leeuwendeel van de opnames is, zoals gebruikelijk, een jaar lang gereserveerd voor de onderzoekers die ze hebben gemaakt, maar een paar foto’s zijn al beschikbaar voor het grote publiek.

Afbeelding 1: Een interstellaire nevel wordt weggeblazen door jonge sterren. In de nevel bevinden zich zwaardere kernen die later zelf sterren worden. Bron: NASA en het ACS Science team

Afbeelding 1: Deze pilaar in de het sterrenbeeld Monoceros bestaat uit interstellair stof en gas. Door de straling van jonge sterren (hoger dan de bovenrand van deze afbeelding) is een deel van de nevel in de loop der tijd weggeblazen. De resterende pilaar is zo’n 2,5 lichtjaar breed en 7 lichtjaar lang en licht rood op door de ultraviolette straling van de hoger gelegen sterren. Uiteindelijk zullen alleen de meest compacte gebieden in de nevel overblijven. Deze worden door hun eigen zwaartekracht stevig genoeg bijeengehouden om de invloed van de sterren boven de nevel te kunnen weerstaan. Volgens astronomen zijn nevels als deze, ook wel olifantsslurven genoemd, ideale broedplaatsen voor nieuwe sterren en planeten. De Hubble-telescoop nam in 1995 een inmiddels beroemd geworden foto van de Adelaarsnevel (M16) in het sterrenbeeld Slang.

Afbeelding 2: Een simulatie van een melkweg, gezien door de oude en nieuwe camera van de Hubble. In de grote afbeelding zijn lichtende bogen zichtbaar, veroorzaakt door de melkweg in het midden van de afbeelding. Bron: NASA en het ACS Science team

Afbeelding 2: In deze simulatie is te zien hoe de beeld-kwaliteit van de Hubble-telescoop is verbeterd. Beide afbeeldingen zijn van hetzelfde deel van de hemel. In het centrum van het plaatje zien we een melkweg. De achtergrond bevat sterren, maar is niet spectaculair. In de ‘verbeterde’ opname zijn verschillende lichtbogen te zien, die worden veroorzaakt door de melkweg op de voorgrond. Als gevolg van de relativiteitstheorie wordt licht van achtergelegen bronnen door deze grote massa afgebogen. Het geheel werkt als een lens voor vergelegen lichtbronnen. In feite kijkt de Hubble telescoop hier door een natuurlijk voorkomende ‘telescoop’ verder dan normaal haalbaar zou zijn!

Afbeelding 3: ‘The mice’, twee botsende melkwegen die zo zijn genoemd vanwege hun lange staarten, 160 miljoen jaar na hun eerste botsing. Uiteindelijk zullen ze met elkaar versmelten. Bron: NASA en het ACS Science team

Botsende sterrenstelsels

Afbeelding 3: We hoeven er ons voorlopig geen zorgen om te maken, maar deze twee sterrenstelsels doen nu wat onze melkweg en het Andromeda-stelsel, onze grootste ‘buurman’ over een paar miljard jaar gaan doen: botsen! De twee sterrenstelsels op de foto zijn door elkaars zwaartekracht sterk vervormd. Het paar zal uiteindelijk versmelten tot één systeem. Op het moment van deze opname zien we ze al weer 160 miljoen jaar na het moment van dichtste nadering. In het linker sterrenstelsel is door de schokgolf een hele cluster nieuwe, blauwe sterren geboren.

Afbeelding 4: Deze melkweg ziet er niet toevallig zo uit: de lange staart is het gevolg van een botsing met een compact blauw sterrenstelsel. De twee stelsels zullen na deze botsing weer uit elkaar bewegen, waarbij het grote stelsel zijn sliert van 280.000 lichtjaar behoudt. Bron: NASA en het ACS Science team

Afbeelding 4:De ‘tadpole’, ofwel kikkervis, is het resultaat van een botsing tussen twee sterrenstelsels. Linksbovenin de melkweg aan het einde van de lange staart is een ‘kleine’ blauwe melkweg te vinden. Door de botsing is een lange sliert van sterren en interstellair gas van zijn melkweg afgeslingerd. De staart heeft een lengte van zo’n 280.000 lichtjaar. Volgens astronomen zal de kleine indringer zijn weg vervolgen en het slachtoffer van de botsing sterk vervormd achterlaten. Omdat het blauwe stelsel zoveel kleiner is, wordt het minder sterk vervormd dan zijn grotere slachtoffer en kan het relatief ongehinderd zijn weg vervolgen.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 02 mei 2002
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.