Je leest:

TU Delft maakt geld vrij voor superbusproject Ockels

TU Delft maakt geld vrij voor superbusproject Ockels

Het College van Bestuur van de TU Delft maakt geld vrij voor het onderzoek van Wubbo Ockels naar de Superbus. Voor het jaar 2006 is €350.000 toegekend. Het geld wordt gebruikt om de betrokken staf en experts bij het ontwikkelen en bouwen van een experimenteel Superbusvoertuig te financieren.

Eerder kreeg Ockels al een startsubsidie van 300.000 euro van de ministeries van Verkeer en Waterstaat en van Economische Zaken om de haalbaarheid van dit innovatieve vervoersconcept te onderzoeken. Ockels is daarnaast met partijen uit het bedrijfsleven in gesprek over financiële en technische participatie in het project.

De positieve beslissing van het College is mede gebaseerd op de goede resultaten van het haalbaarheidsonderzoek dat de TU Delft samen met de projectgroep Zuiderzeelijn van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft uitgevoerd. Op basis van dat onderzoek is Superbus een volwaardig alternatief gebleken in de structuurvisie van de Zuiderzeelijn. De TU Delft ziet in het initiatief tot de Superbus een gelegenheid om haar kennis toe te passen en maatschappelijke en economische waarde te geven.

Het concept Superbus gaat uit van bussen die met een hoge snelheid (150 tot 250 km/u) kunnen rijden op daarvoor aan te leggen eigen ‘Superbanen’ en met een normale snelheid op de bestaande wegen.

Het project Superbus behelst – naast de ontwikkeling van een experimenteel model – onderzoek naar de bijbehorende infrastructuur, logistiek, veiligheid, betrouwbaarheid en economisch rendement. De totale kosten van het ontwerp en de ontwikkeling van het experimenteel model zijn geschat op 4 miljoen euro. Op basis van de vooraf gedefinieerde ambities wordt eind 2006 besloten of het project verder wordt uitgewerkt.

Het concept Superbus gaat uit van bussen die met een hoge snelheid (150 tot 250 km/u) kunnen rijden op daarvoor aan te leggen eigen ‘Superbanen’ en met een normale snelheid op de bestaande wegen. Basisgedachte is dat de bussen comfortabel, vraagafhankelijk en dicht bij deur-tot-deur vervoer verzorgen en daarmee kunnen concurreren met auto en trein. Naast de ontwikkeling van het voertuig zelf, zal de komende jaren gewerkt worden aan onderzoek naar vrijliggende banen, die in de winter geothermisch verwarmd worden om ijsvorming te voorkomen. Daardoor gaat het wegdek langer mee en vergen deze banen dus minder onderhoud dan gewone wegen. Om dicht bij deur-tot-deur vervoer mogelijk te maken, wordt voor Superbus een systeem ontwikkeld waarmee gebruikers vervoer kunnen bestellen via o.a. internet. Het systeem zal mensen met dezelfde eindbestemming zoveel mogelijk samenbrengen, zodat Superbus weinig of geen tussenstops hoeft te maken bij reizen over langere afstanden.

Ex-astronaut Wubbo Ockels zit vol vergaande plannen. Zo bedacht hij de vliegermolen, een enorme kabel met vliegers die energie opwekken uit de wind. bron: Ockels.nl

Om de Superbus te kunnen realiseren wordt geavanceerde technologie toegepast. Lucht- en ruimtevaarttechnieken worden, in combinatie met Formule 1 technologie, gebruikt voor lichtgewicht constructies en aërodynamische vormgeving met extreem lage weerstand en stabiel en controleerbaar rijgedrag bij hoge snelheid. Hiertoe werkt naast project manager ir. Joris Melkert, ook dr. Antonia Terzi bij de leerstoel ASSET (AeroSpace for Sustainable Engineering and Technology) van prof. Wubbo Ockels. Antonia Terzi was voorheen chief aerodynamicist bij BMW Williams F-1 en is nu bij de TU Delft aangesteld als hoofd van het voertuigontwerp.

De Superbus wordt aangedreven door een elektromotor. Om comfort te bieden bij hoge snelheden maakt de bus gebruik van een pro-actief veersysteem. Daarbij worden gegevens van de weg en het wegdek in een computer opgeslagen, zodat de vering kan anticiperen op oneffenheden van het wegdek. Daarnaast wordt op de bumper een geavanceerde radar geplaatst die een paar honderd meter vooruit ‘kijkt’, zodat de bus bij gevaar tijdig kan afremmen. De milieu-impact van de superbus is vele malen kleiner dan bijvoorbeeld een hogesnelheidslijn, omdat het energiegebruik aanzienlijk lager is en de aanleg en onderhoud van het traject veel minder kost en minder landschappelijke impact heeft, verwacht prof. Ockels.

Naast de route van de Zuiderzeelijn kan de Superbus ook worden toegepast op vele andere routes door zijn hoge mate van flexibiliteit. Getracht wordt het experimentele voertuig op tijd klaar te hebben voor een presentatie bij de opening van de Olympische spelen op 4 augustus 2008 in Beijing.

Dit artikel is een publicatie van TU Delta.
© TU Delta, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 24 februari 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.