Je leest:

Transgene maïs verspreidt zich nauwelijks

Transgene maïs verspreidt zich nauwelijks

Auteur: | 15 mei 2008

Genetisch gemodificeerde maïs kan zonder noemenswaardig risico op overstekende genen vlakbij gewone maïsvelden staan. Dat concludeert Plant Research International van de Universiteit Wageningen na een tweejarige studie. Een afstand van 25 meter tussen genetisch gemodificeerde en conventionele maïs is voldoende om aan afgesproken EU-normen te voldoen.

Met de hulp van erfelijk materiaal van een andere soort presteren transgene gewassen beter dan ongewijzigde planten. Planten met een ingebracht gen van de bacterie Bacillus thuringiensisis maken bijvoorbeeld insectendodende stoffen aan. Dat scheelt in pesticidegebruik, maar ook in de brandstof die het kost om pesticiden te verspreiden. Ondanks de voordelen heerst er vooral in Europa nog weerzin tegen ‘Frankenstein-planten’. De EU stelt strenge eisen aan bedrijven die transgene planten verbouwen. Zo mag het aangepaste DNA onder geen beding ontsnappen doordat transgene en conventionele planten zich samen voortplanten.

Testlokaties

Op zes testlokaties in Nederland onderzochten plantenexperts van de Universiteit Wageningen hoe makkelijk genetisch gemodificeerde maïs zijn erfelijke aanpassingen doorgeeft aan naburige, maïsvelden. Ze plantten telkens een hectare gemodificeerde maïs tussen vier velden met conventionele maïs. Vervolgens maten ze na de onderlinge bestuiving hoeveel maïs in de conventionele velden soortvreemd DNA had opgedaan.

In de twee jaren van de praktijktest kwamen de proefvelden rond de gemodificeerde maïs geen van allen boven de EU-norm voor transgeen materiaal. Volgens EU-regelgeving hoeft een product pas het label ‘transgeen’ te voeren als het gehalte soortvreemd DNA boven de 0,9% ligt. Velden op 25 meter van de transgene maïs lieten maar een vermengingspercentage van 0,3% zien. De weersomstandigheden, warm en droog in 2006 en nat in 2007, bleken nauwelijks verschil op te leveren in de verspreiding van gemodificeerd materiaal.

Vermengingspercentages van transgeen materiaal onder naburige velden van niet-gemodificeerde maïs.

Protest

Terwijl de maïs – aangepast of niet – stond te groeien, probeerden gentechbezwaarden het onderzoek tegen te houden door stuifmeel verspreidende maïsplanten in te pakken met plastic zakken, onkruid te zaaien en maïsplanten om te duwen. Onder andere Greenpeace protesteerde zo tegen rommelen met de genetische basis van het leven. De onderzoekers dat de uitkomsten van de praktijktoets ondanks de tegenwerking nog steeds betrouwbaar zijn. De resultaten zijn aangeboden aan de voorzitter van de Stuurgroep Co-existentie Afspraken, waarin de Nederlandse landbouw is vertegenwoordigd. De stuurgroep zal conclusies trekken over de verdere aanpak van genetisch gemodificeerde maïs.

Meer weten over biotechnologie?

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 15 mei 2008

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.