Je leest:

Trager maar wijzer

Trager maar wijzer

Wat doet veroudering met het brein?

Het was niet eenvoudig aan te tonen, maar volgens de Groningse hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie André Aleman is er inmiddels wel degelijk wetenschappelijk bewijs voor de stelling dat wijsheid met de jaren komt.

In een Amerikaans onderzoek werden aan mensen van verschillende leeftijden problemen voorgelegd waar een oplossing voor moest worden bedacht. Die oplossingen werden volgens voorgelegd aan mensen die niets wisten over de leeftijd van de bedenker. Het bleek dat de oplossingen van oudere mensen beter voldeden aan enkele universele kenmerken van ‘wijsheid’, zoals oog voor de langere termijn en een betere beredenering.

Het is duidelijk dat Aleman, auteur van de bestseller Het Seniorenbrein (Atlas Contact, 2012) niet veel op heeft met de negatieve clichés die vaak over ouderen worden verspreid. “Tegelijk moet je natuurlijk constateren dat het niet alleen maar rozengeur en maneschijn is voor het verouderende brein”, nuanceert hij. “Vanaf je vijfentwintigste neemt bijvoorbeeld de dikte van de myelineschede rond de hersencellen, zeg maar de isolatielaag, langzaam af. In de praktijk betekent dit dat de snelheid van de signaaloverdracht tussen de hersencellen afneemt. Neurologische processen verlopen dus trager.”

De hersenen van ouderen (boven) hebben relatief minder witte stof dan die van jongeren.

Ook het geheugen van ouderen neemt langzaam af, met name voor ongerelateerde zaken. “Een gezonde oudere kan een verhaal over de partner of de kinderen normaal gesproken nog prima onthouden. Maar doe je een test met een lijstje willekeurige woorden, dan onthoud je die steeds slechter als je ouder wordt. Dat kun je overigens weer compenseren door het tragere brein iets meer tijd te geven voor het onthouden. Vandaar ook dat het zinvol is voor bijvoorbeeld een huisarts om meer tijd te nemen voor een gesprek met oudere patiënten”, aldus Aleman.

Naast de verdwijnende isolatielaag rond de hersencellen neemt ook de nieuwvorming van hersencellen en verbindingen tussen hersencellen langzaam af. Aleman: ‘De zogenoemde neurogenese is in de hippocampus van een 70-jarige ongeveer 80% minder dan bij een 20-jarige!’

Beter samenwerken

Naast een toegenomen levenservaring, of ‘uitgekristalliseerde intelligentie’ van ouderen, zijn er volgens Aleman ook heel nuchtere biologische veranderingen in het brein te vinden die verklaren waarom wijsheid met de jaren komt.

“Doordat sommige functies in de hersenen met de leeftijd wat trager worden, moet ons brein compenseren. Met name de samenwerking tussen de linker en de rechterhersenhelft neemt meetbaar toe met de jaren. Ik zie het als een bonus dat je met de jaren meer betrokkenheid krijgt van de ‘emotionele’ rechterhersenhelft bij je beslissingen. Het is ook een van de verklaringen waarom een seniorenbrein beter begrijpt wat anderen beweegt. Ouderen zijn gemiddeld genomen empathischer dan jongeren.”

Doordat verschillende hersengebieden met het klimmen der jaren gedwongen worden om beter samen te werken, heeft een seniorenbrein volgens Aleman ook minder last van stemmingswisselingen. ‘Er ontstaat een betere functionele samenwerking tussen de frontale hersengebieden en de rest van het brein.’

Ouderen als Sir Alex Ferguson (70) worden steeds vaker gewaardeerd om hun ervaring.

Use it or lose it

Er komen ook steeds meer harde aanwijzingen dat de Romeinse dichter Juvenalis het bij het rechte eind had met zijn mens sana in corpore sano, (‘een gezonde geest in een gezond lichaam’).

Aleman: “Het brein is gebaat bij een goede zuurstof- en voedselvoorziening door het hart- en vaatstelsel. Het is dan ook aangetoond dat mensen die lichamelijk actief zijn op de lange termijn ook een betere hersenfunctie hebben Dat heeft naast de algemene conditie ook te maken met specifieke groeifactoren die vrijkomen bij lichaamsbeweging. De groeifactoren brain-derived neurotrophic factor en ook de insuline-like growth factor 1 hebben allebei een direct effect op de groei en aanmaak van hersencellen. Sporten of niet blijkt tussen je 70-ste en je 75-ste het verschil te kunnen betekenen tussen een krimp van hersencellen van 1,5% tegenover een groei van 2%.”

Naast lichamelijke activiteit blijkt ook hersengymnastiek een aantoonbaar positief effect te hebben op het brein: use it or lose it!

“Die populaire stelling was lange tijd moeilijk te bewijzen”, zegt Aleman. “Was het een kip of een ei? Mensen met een gezonder brein lezen immers van zichzelf al tot op latere leeftijd meer boeken. Wat is oorzaak en wat is gevolg? Maar er is nu ook onderzoek dat laat zien dat mensen tussen de 70 en de 75 langzamer achteruit gaan in hersenfunctie op het moment dat zij hun hersenen in die periode meer gebruiken. Dat effect stond los van de uitgangssituatie op hun 70-ste. En hersengymnastiek hoeft niet per se het lezen van boeken te zijn. Een 70-jarige die poppenhuizen bouwt voor zijn kleinkinderen en daarbij steeds nieuwe techniekjes bedenkt houdt zijn brein net zo goed in conditie.”

Behalve met hersengymnastiek en lichaamsbeweging is de normale veroudering van het brein ook te beïnvloeden door de voeding, stelt Aleman. “Niet te veel, en niet te vet is daar het devies.” Dat je vervolgens tot op hoge leeftijd nog prima kunt functioneren wordt volgens Aleman ook bewezen door mensen als Frits Bolkestein. “Van hem wordt door de critici immers gezegd dat hij zijn beste boek heeft geschreven op zijn 77e!”

Dit artikel is een publicatie van Stichting Biowetenschappen en Maatschappij.
© Stichting Biowetenschappen en Maatschappij, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 18 juni 2013

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.