Je leest:

Tempel voor de vrede

Tempel voor de vrede

Auteur: | 26 augustus 2011

Nederland is over heel de wereld bekend om zijn Internationale Gerechtshof, dat zich bevindt in het Vredespaleis in Den Haag. Bijna honderd jaar geleden, op 28 augustus 1913 opende dit bijzondere gebouw zijn deuren. Het verhaal achter de droom van vele pacifisten, burgers en wereldleiders over vrede op aarde.

Het Vredespaleis in Den Haag.
Wikicommons

De 19e eeuw betekende een ommezwaai in de manier van oorlog voeren. Voor die tijd werd oorlog gezien als een noodzakelijk kwaad om geschillen tussen koningen of andere adellijke heren uit te vechten. Bemiddeling tussen de vechtende partijen, bijvoorbeeld door de paus, bestond al maar werd alleen pas na het uitbreken van gevechten ingezet en nooit preventief.

Het beeld over oorlog was voor de 19e eeuw vrij positief. De adellijke mannen die onder opperbevel van de koning meevochten, deden dat bijvoorbeeld graag. Ze werden pas echte helden als ze zich wisten te onderscheidden op het slagveld.

Dat de boeren die hun oogsten geplunderd zagen, minder blij waren met oorlog, was van ondergeschikt belang. Over het algemeen werden oorlogen in woord en beeld bejubeld, op een enkele realist na. Voorbeelden hiervan zijn Erasmus (“de oorlog is aantrekkelijk voor wie hem niet heeft meegemaakt”) of Francisco Goya. De laatste tekende tijdens de Spaanse oorlog tegen Napoleon de verschrikkingen van de oorlog, in plaats van de toen populaire schilderijen van geüniformeerde generaals op steigerende paarden.

De Verschrikkingen van de oorlog, gemaakt rond 1810 door Francisco Goya.
Wikicommons

Geluiden voor wereldvrede worden in de 19e eeuw steeds populairder. Machinale wapens en andere militaire ontwikkelingen vernieuwen in rap tempo en veroorzaken massale slachtingen op het slagveld. De Napoleontische oorlogen hadden bijna een hele generatie mannen het leven gekost.

In de loop van de eeuw verschijnen allerlei militaire uitvindingen op het toneel die vaak vrij wreed zijn. Kogels die in het lichaam uiteenspatten of granaten die vanuit luchtballonnen gegooid moeten worden en daarbij veel onschuldige burgerslachtoffers maken. Daarnaast kost al dit moderne wapentuig handenvol geld, zeker omdat nieuwe uitvindingen zich blijven aandienen. Het Duitse Rijk besteedt in 1898 ruim de helft van zijn Nationaal Inkomen om zijn leger en vloot up-to-date te houden.

Roep om vrede

In 1898 doet Tsaar Nicolaas II een oproep om het alarmerende proces van de buitensporige bewapening te stoppen. Het staat de ontwikkeling van de economie, bevolking en vrede in de weg. De andere grote rijken van die tijd, zoals Duitsland, Oostenrijk-Hongarije, Frankrijk, Groot-Brittannië en de Verenigde staten reageren in eerste instantie sceptisch. De Tsaar staat niet bekend om zijn menslievendheid en heeft zelf het grootste leger. Zou het een truc zijn? Maar ook zij zien de urgentie van het probleem en gaan aarzelend overstag. Op aandringen van Nicolaas II wordt de eerste Vredesconferentie georganiseerd in Den Haag, vanwege de neutrale positie van Nederland in de internationale politiek en de nauwe familiebanden van de Russische Tsaar met de Oranjes.

Hoewel de meeste tijdgenoten twijfelen aan het plan, wordt de 10 weken lange conferentie van 1899 een succes. De 100 aanwezige afgevaardigden uit landen over heel de wereld bespreken het verminderen van de bewapening en de handhaving van de wereldvrede. Het meest opvallende resultaat is de afspraak om een Permanent Hof van Arbitrage op te richten, dat zal gaan bemiddelen tussen landen met dreigende conflicten. Zo moeten toekomstige oorlogen zien te worden voorkomen en niet achteraf beslecht worden. In 1900 wordt het Hof geïnstalleerd en begint haar taak in een Haags herenhuis. Deze huisvesting blijkt echter al spoedig te klein.

Het ontwerp van het Vredespaleis

Het hof van arbitrage heeft een nieuw en passend onderkomen nodig en het idee van een heus Vredespaleis wordt geboren. Maar wie gaat dat betalen? De Nederlandse regering in ieder geval niet, hoewel ze wel een stuk land zal doneren om het paleis op te laten bouwen.

Andrew Carnegie, Amerikaanse zakenman en filantroop (1835-1919) financierde het Vredespaleis in Den Haag.
Wikicommons

De selfmade miljonair Andrew Carnegie wordt benaderd. Deze filantropische Amerikaan was in de jaren daarvoor rijk geworden in de staalindustrie en heeft zijn bedrijven voor nog veel meer geld kunnen verkopen. Zijn rijkdom zet hij nu in om de wereld en de situatie van de mensen te verbeteren.

Het idee van een Vredespaleis vindt hij in eerste instantie niets maar gelukkig kon hij overtuigd worden. Het idee om een grote bibliotheek op het gebied van Internationaal Recht onder te brengen in het pand, trok hem daarbij erg aan.

Carnegie stelt het destijds enorme bedrag van 1,5 miljoen dollar beschikbaar. In september 1903 wordt de Commissie van Voorbereiding geïnstalleerd en zij schrijft een architectuurprijsvraag uit voor het beste ontwerp van het Vredespaleis. Van de 216 inzendingen wint het barokke ontwerp van Louis Cordonnier. Dit ontwerp past echter niet binnen het budget en wordt vereenvoudigd naar het gebouw wat vandaag de dag nog steeds te zien is.

Het pand wordt op 29 augustus 1913 feestelijk geopend in de aanwezigheid van vele vorsten, militairen, diplomaten en andere hoge dames en heren. De meeste mensen in die dagen vinden het een mooi idee maar zijn vrij sceptisch over de rol die het Vredespaleis zal kunnen gaan spelen. Sinds de eerste Vredesconferentie in 1899 zijn er enkele oorlogen uitgebroken die het Hof van Arbitrage dus niet heeft weten te voorkomen. Daarnaast had de Tweede Vredesconferentie in 1907 weinig spraakmakende resultaten geboekt wat nogal teleurstellend was na de hoopvolle eerste editie.

Documentaire

Een korte documentaire uit 1913 over de opening van het Vredespaleis in Den Haag is te zien op de website van het EYE filminstituut. In de film poseren twee mannen voor het gebouw: de architect J.A.G. van der Steur en de Amerikaanse zakenman en filantroop Andrew Carnegie, die de bouw van het paleis financierde. Daarna wordt het exterieur van het paleis getoond. Ook bevat de film korte opnamen van koningin Wilhelmina en koningin-moeder Emma voor het betreden van het paleis en tijdens een wandeling in de paleistuin.

Helaas zouden de sceptici nog geen jaar later gelijk krijgen: op 18 juli 1914 breekt de Eerste Wereldoorlog uit. Dit zou de meest verschrikkelijke oorlog worden die ooit heeft plaatsgevonden vanwege de enorme dodenaantallen en het grote aantal landen dat er in betrokken raken. En daarmee ook vele onschuldige burgers.

Ondanks dat het Internationale hof van Arbitrage de twee wereldoorlogen niet heeft kunnen voorkomen, heeft het Hof wel kunnen bemiddelen tijdens andere conflicten. Daarnaast hebben het Hof en het Internationaal Gerechtshof (sinds 1922) de wereldpolitiek wezenlijk veranderd. Arbitrage was tot de Eerste Wereldoorlog vrijwillig maar na die verschrikking werd het verregaande idee om een geschil tussen staten voor te leggen aan internationale rechters doorgevoerd. Sindsdien worden staten rechtelijk vervolgd als ze zich niet aan de wet en de gemaakte juridische afspraken houden.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 26 augustus 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.