Je leest:

Taalproblemen op de werkvloer

Taalproblemen op de werkvloer

Bij het voorkomen van zware ongevallen op de werkvloer wordt onvoldoende rekening gehouden met de factor taal. Zo is ongeveer 50 procent van de veiligheidsdocumenten in Nederlandse hoog-risicobedrijven onvoldoende leesbaar. Dat stelt onderzoeker Paul Lindhout, die op maandag 10 mei promoveerde aan de TU Delft.

Dat taalproblemen rampzalige gevolgen kunnen hebben op de werkvloer is al langer bekend. Zo laadde een Italiaanse mijnwerker in augustus 1956 tegen de instructies een wagentje in een mijnlift in het Waalse Marcinelle. Het wagentje raakte klem en veroorzaakte uiteindelijke een mijnramp waarbij 262 doden vielen. Onder de mijnwerkers werd een mix van Italiaans, Frans en Vlaams gesproken, wat waarschijnlijk leidde tot de ramp.

Poison 98648 960 720
Promovendus Paul Lindhout van de Technische Universiteit Delft deed onderzoek bij een kleine zeventig bedrijven waar door de aanwezigheid van veel gevaarlijke stoffen sprake is van een hoog risico op zware ongevallen. Bij die ondernemingen is taal een factor bij 5 tot 10 procent van de ernstige ongelukken.

Laaggeletterdheid

Ondanks dit soort historische voorbeelden is er volgens Paul Lindhout, promovendus aan de TU Delft en inspecteur-specialist bij de Arbeidsinspectie, nog veel te verbeteren op dit gebied. ‘Uit mijn onderzoek blijkt duidelijk dat de huidige veiligheidsbeheerssystemen onvoldoende rekening houden met de risico’s verbonden aan taalproblemen. Die risico’s worden veroorzaakt door laaggeletterdheid en meertaligheid op de werkvloer. Hoewel 76 procent van de onderzochte bedrijven de gevaren onderkent, doet 65 procent op geen enkele manier aan systematische beheersing van het risico.’

‘Zware ongevallen zijn doorgaans het onderwerp van diepgaand onderzoek. De resultaten verschijnen in een rapport en de statistieken over een langere periode leveren waardevolle informatie om herhaling te voorkomen. Jammer genoeg onderbelichten de huidige onderzoeksmethoden de taalproblemen met ruwweg een factor vier.’

Bewustwording

Volgens Lindhout is de geringe aandacht voor taalproblemen voor een deel historisch verklaarbaar. ‘In eerste instantie is er bij bedrijven, terecht, veel aandacht geweest voor technische veiligheidsmaatregelen. Daarna kwamen management, voorschriften en procedures in beeld en nu pas zitten we in een fase waarin we meer focussen op de factoren gedrag en cultuur, waar taal een onderdeel van is.’

Vooral in de schriftelijke communicatie blijken veel bedrijven nog tekort te schieten. Lindhout: ‘De leesbaarheid van veiligheidsdocumenten bij bedrijven bleek in veel gevallen slecht. Ongeveer 50 procent van de documenten is onvoldoende leesbaar. Vaak is het niveau van de teksten veel te hoog.’

‘Bedrijven zijn in principe goed in staat om begrijpelijke teksten te maken. Want kijk je bijvoorbeeld naar hun personeelsbladen, dan lees je gemakkelijke, toegankelijke stukken. Het is dus een kwestie van bewustwording van bedrijven.’

Werkvloer

Bij circa 1 miljoen autochtonen en een half miljoen allochtonen speelt laaggeletterdheid. ‘Dat is samen ongeveer 10 procent. Maar breder gezien heeft ongeveer 25 procent van de Nederlandse bevolking onvoldoende basisvaardigheden om mee te kunnen in de (toekomstige) informatiemaatschappij’, zegt Lindhout. Meertaligheid op de werkvloer levert ook risico’s op. ‘Veel bedrijven met buitenlandse werknemers in dienst denken dit op te lossen door hun documentatie te vertalen. Men vergeet daarbij echter regelmatig dat laaggeletterdheid in het land van herkomst erg vaak voorkomt. Een Afghaanse of Poolse werknemer heeft dan weinig aan een (perfect) vertaalde tekst.’

Dit artikel is een publicatie van Technische Universiteit Delft.
© Technische Universiteit Delft, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 11 mei 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.