Je leest:

Svetlana Borovkova: “Het is moeilijk om iemand te vinden om mee samen te werken”

Svetlana Borovkova: “Het is moeilijk om iemand te vinden om mee samen te werken”

Auteur: | 21 juli 2004

Hoe voelt wiskunde? Het gebeurt niet vaak dat wiskundigen praten over de emoties die hun vak bij hen oproept. Evelien Bus ging er in haar afstudeerscriptie naar op zoek. Door interviews met vakgenoten onderzocht zij de beleving van de wiskunde.

Svetlana Borovkova: “Mensen die niet samenwerken, weten misschien niet wat ze missen. Niets is leuker dan samen dingen ontdekken en elkaar aanvullen. Ik wil spontaan bij iemand binnen kunnen stappen als ik tegen een probleem aanloop.”

Svetlana Borovkova

“Het was nog voor de Perestroika toen ik mijn studiekeuze moest maken. Ik wilde graag journalist worden. Maar mijn moeder vroeg me of ik zin had te schrijven wat me verteld werd te schrijven. Nee, dacht ik toen, dat lijkt me vreselijk. Toen besloot ik om wiskunde te gaan studeren. Wiskunde is niet politiek en je kunt er toch veel mee bereiken. Mijn moeder werkte in een militair onderzoekscentrum. De wiskundigen daar deden interessante dingen. Dat klonk aantrekkelijk.

Ik ben toegepaste wiskunde gaan studeren aan een technische universiteit in Moskou. Ik had ook naar een algemene universiteit kunnen gaan, maar het leek me leuker om toegepast bezig te zijn. Bovendien was een studie aan een technische universiteit beter gefinancierd in die tijd. De studie was zwaar. Veel toegepaste wiskunde, natuurkunde en informatica. Ik vond de zuiver-wiskundige vakken, zoals analyse, het leukst."

“Na mijn studie wilde ik naar het buitenland. Het communistische Rusland kon me niet bieden wat ik wilde. Aan de Universiteit Utrecht werd er een masterclass in kansrekening aangeboden, waar ik graag heen wilde. Kansrekening vond ik mysterieus: hoe kan iets toevallig zijn en toch ook niet? Ik werd aangenomen, maar het was zwaarder dan ik had gedacht. De colleges gingen grotendeels aan mij voorbij. Ik had slechts een vaag intuitief gevoel bij de stof. Ik miste voorkennis en baalde ervan dat ik in Moskou zoveel tijd had verspild aan technische vakken. De tentamens haalde ik wel, omdat ik iets kan reproduceren zonder het te hebben begrepen.

Voor mijn afstuderen heb ik een klein onderwerp diep uitgezocht. Leuk, maar wel erg specialistisch. Eén van de docenten was vol lof en vroeg of ik aio wilde worden. Hij had een probleemstelling waar kansrekening, statistiek en dynamica aan te pas kwamen. Dat leek me leuk. In het begin vond ik het weer heel zwaar. Ik kon mijn draai niet goed vinden. Dat veranderde toen ik voor een tijdje naar Amerika ging. De sfeer was daar heel anders. Wiskunde was spannend, het was strijd en politiek. Ook werd het daar geaccepteerd als je zei dat je iets niet begreep, anders dan in Nederland. In Amerika keken de andere aio’s zelfs tegen me op, omdat ik al vroeg zelfstandig onderzoek deed. Ik begon het cool te vinden wat ik deed. Mijn promotor uit Nederland kwam naar Amerika en had daar alle tijd voor me. Het was geweldig om met hem en een Amerikaanse professor samen te werken.

Op mijn proefschrift ben ik heel trots. Vanaf pagina acht staan er alleen maar originele resultaten in. De Volkskrant wijdde er de voorpagina aan van het wetenschapskatern. Ik werd uitgenodigd voor radio- en televisieuitzendingen. Ik voelde me een ster, precies wat ik wilde.

Na mijn promotie wilde ik graag in Nederland blijven wonen. Daarvoor moest ik een vast contract hebben, maar dat kreeg je aan de universiteit niet. Daarom ben ik bij bedrijven gaan solliciteren. Ik werd aangenomen bij Shell. Daar deed ik financiële wiskunde en risico-analyse. Inhoudelijk gezien vond ik het heel interessant. Ik heb onder andere uitgezocht wat een goede strategie is voor het handelen in futures. Dat zijn koopcontracten voor levering van een bepaalde hoeveelheid olie in de toekomst. De prijs bepaal je tevoren, de levering kan jaren later zijn. Je voorspelt als het ware de olieprijs in de toekomst. Ik heb op basis van een historische dataset een gokstrategie ontworpen die het bedrijf veel geld opleverde.

Ik vond het geweldig dat het werkte. In Londen, waar ik een tijdje gedetacheerd was, heb ik genoten van de sfeer: allemaal snelle mensen, die na het werk wat bleven drinken en ’s avonds terugkwamen op het werk om te zien hoe de Amerikaanse beurs sloot. Toen ze gingen reorganiseren, moest ik helaas weer terug naar Amsterdam. Daar was het werk veel saaier. Er werd nauwelijks samengewerkt en mijn baas zeurde de hele tijd over wat hem niet beviel.

Op het dieptepunt bij Shell, kreeg ik een email van professor Groeneboom van de Technische Universiteit Delft. Hij nodigde me uit om bij hem te komen werken. Daar ben ik op in gegaan. Inhoudelijk heb ik het nu erg naar mijn zin. Anders dan in mijn studie, geef ik nu de voorkeur aan toegepaste wiskunde boven zuivere wiskunde.

Ik vind het wel heel jammer dat het moeilijk is om mensen te vinden met wie ik kan samenwerken op de gebieden die ik interessant vind. Laatst heb ik op een training geweldig leuk zitten praten met iemand uit het bedrijfsleven met dezelfde interesse en vakkennis. Toen dacht ik: verdomme, wat mis ik dit op de universiteit. Onderzoek doen is in je eentje een stuk minder inspirerend. Natuurlijk kun je wel via de e-mail met iemand uit een andere stad samenwerken, maar dat werkt lang niet zo goed. Ik wil spontaan bij iemand binnen kunnen stappen als ik tegen een probleem aanloop.

In West-Europa werken wiskundigen veel minder samen dan in Rusland of Amerika. In Rusland zijn veel wiskundigen sociale en levenlustige mensen, vaak joden. In Amerika zijn wiskundigen cool. Het lijkt of wiskunde in Nederland mensen aantrekt die bang zijn om contact te leggen. Het ligt niet aan het vak dat er weinig wordt samengewerkt. Het is veel makkelijker om over wiskunde te praten dan over andere dingen. De kans op misverstanden is kleiner, omdat er geen taalbarrières zijn. Mensen die niet samenwerken, weten misschien niet wat ze missen. Niets is leuker dan samen dingen ontdekken en elkaar aanvullen."

Over Svetlana Borovkova

Svetlana Borovkova begon haar wiskundige carriere aan de Technische Universiteit Moskou. Ze promoveerde aan de Universiteit van Groningen en werkte enkele jaren als financieel analist bij Shell in Amsterdam en Londen. Tegenwoordig is zij universitair docent in de kansrekening en statistiek aan de Technische Universiteit Delft.

Wiskundig curriculum vitae

1987–1992 studie toegepaste wiskunde en informatica aan de Technische Universiteit Moskou

1992–1993 masterclass in kansrekening en statistiek aan de Universiteit Utrecht

1993–1997 promotie bij H.G. Dehling en F. Takens aan de Universiteit van Groningen

1997–1999 onderzoeker en financieel analist bij Shell Amsterdam (in 1998 gedetacheerd in Londen)

1999–heden universitair docent in de kansrekening en statistiek aan de Technische Universiteit Delft

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 21 juli 2004

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.