Je leest:

Seksist zonder het zelf te weten

Seksist zonder het zelf te weten

Auteur:

Hier volgt een schokkende mededeling: je bent een seksist. Ja, jij daar, achter je computer. Maar wees gerust. Je bent wel in het goede gezelschap van zo’n 90% van de bevolking, waaronder de auteur van dit artikel…

Large

Ergens achter in ons brein maken we bijna allemaal een onderscheid tussen mannen en vrouwen die niet op feiten is gebaseerd. Zoals dat vrouwen vooral passen bij taal, kunst en andere alfawetenschappen, terwijl wiskunde, techniek en bètawetenschappen vooral een mannenaangelegenheid is. Wat nieuw is, is dat wij ons nu bewust zijn van onze seksistische denkbeelden.

Een kijkje in ons onderbewustzijn

Hoe ik dat weet? Dankzij implicit association testing: een relatief nieuwe manier om iemands echte meningen en drijfveren te onderzoeken, die betrouwbaar genoeg blijkt om op groepsniveau onderzoek mee te doen. Tot een jaar of tien geleden was de enige manier om erachter te komen wat iemand vond, het gewoon te vragen. Daaraan kleeft echter het probleem dat mensen liever vertellen wat ze zouden moeten vinden, of wat politiek correct is om te vinden, en niet wat ze écht vinden. De implicit association test (IAT) vraagt niet om meningen, maar biedt in plaats daarvan een blik in het onderbewustzijn.

Small

Dat gaat zo. Tijdens een IAT zit je achter een computer. Op het scherm verschijnen woorden, bijvoorbeeld ‘wiskunde’, en ‘mevrouw’. Vooraf heb je de instructie gekregen om bij bèta-woorden én bij mannelijke woorden op de linkerknop te drukken, en bij alfa- en vrouwenwoorden op de rechterknop. Dit categoriseren moet heel snel, zodat je geen tijd hebt om er goed over na te denken. Op die manier moet je bij het kiezen van de knop wel vertrouwen op je onbewuste associaties (oftewel: implicit associations). Wat blijkt nou? Het categoriseren gaat veel sneller als de combinaties (man en bèta links, vrouw en alfa rechts) passen bij je onbewuste vooroordelen, dan wanneer dat niet zo is en je bijvoorbeeld rechts moet drukken voor mannelijke en alfawoorden.

Medium
Zo ziet een IAT eruit. In het midden verschijnt een woord, dat hoort bij een van de categorieën (hier: vrouw, familie, man, carrière). Door op E of I te drukken deel je het woord in bij een van die categorieën. Hoe snel en accuraat je dat doet, bepaalt de uitslag van de test.

We zijn allemaal seksist, racist en ook nog homofoob

Zo zijn er met behulp van de IAT al een groot aantal vooroordelen en stereotypen naar boven gehaald. Veruit het meeste onderzoek op dit gebied wordt gedaan aan Harvard University, waar een projectgroep genaamd ‘Project Implicit’ onder leiding van de psychologe Mahzarin Banaji niet alleen ons onbewuste seksisme maar ook racisme, homofobie en degelijke heeft blootgelegd. Hoewel niet iedereen even sterke impliciete vooroordelen heeft, blijkt telkens wel dat 80% tot 90% van de mensen in een of andere mate seksist, racist enzovoorts is. Dit geldt trouwens ook voor de gediscrimineerde groep: ook zwarte mensen associëren onbewust zwarte mensen gemakkelijker met geweld dan witte, en ook vrouwen plaatsen mannen gemakkelijker bij techniek dan bij kunst.

Small
Raar onderbewustzijn: we associëren mannen meer met een honkbalhandschoen, en vrouwen meer met een ovenwant.

En dat niet alleen. Banaji en collega’s vonden een onbewuste basis voor nagenoeg alle bekende vooroordelen (de man heeft een carrière, de vrouw een gezin, en ga zo maar door) en daar bovenop nog wat rare denkbeelden. Zo vindt ons onderbewustzijn vrouwen bij een ovenwant passen, maar mannen bij een honkbalhandschoen.

Het is om moedeloos van te worden: twee feministische golven en ons onderbewustzijn lijkt nog in het Victoriaanse tijdperk te verblijven. Toch moet je je eerst afvragen of al die impliciete vooroordelen wel erg zijn: als ons bewustzijn immers toch de baas is over ons gedrag dan maken die ouderwetse meningen in de diepere krochten van ons brein niet zoveel uit.

Vooroordelen achter het stuur

Small

Helaas is hier geen goed nieuws te melden. Onbewuste vooroordelen sturen ons gedrag in belangrijke mate, toonden de wetenschappers Rudman en Glick al in 1999 aan. Zij bepaalden in hoeverre een groep proefpersonen impliciet een stereotype beeld hadden van vrouwen. Vervolgens vroegen ze aan diezelfde groep of ze de vaardigheden van een vrouwelijke sollicitant wilden beoordelen. Wat bleek? Hoe sterker de onbewuste vooroordelen, hoe meer de proefpersonen de competenties van die vrouw onderschatten of neerhaalden. Hun bewuste mening over vrouwen had hierop geen enkele invloed. Het maakt dus niet uit of je echt gelooft in de gelijkheid van man en vrouw, als je onderbewustzijn sterke seksistische associaties heeft, dan discrimineer je toch.

De gevolgen van deze ontdekking zijn enorm. Dat zien we niet alleen om ons heen, in de maatschappij – verdorie, gaat die functie alwéér naar een man! – maar ook in wetenschappelijk onderzoek kun je de sporen ervan terugvinden. Zo ontdekten hoogleraren in de psychologie Jussim en Eccles in 1992 dat wiskundeleraren bevooroordeeld zijn ten nadele van meisjes: ze dachten dat de meisjes aanzienlijk minder wiskundetalent hadden dan uit objectieve tests bleek.

Rationele mensen ontsnappen niet aan stereotypen

Small

Op de universiteit is het niet anders. De Zweedse onderzoekers Wenneras en Wold bekeken van een groep pas gepromoveerde biomedische wetenschappers wie het best waren in hun vak. Daarvoor namen ze een objectieve maatstaf: het aantal publicaties in een vakblad. Vrouwen en mannen bleken even goed in hun werk, maar bij sollicitaties naar een postdoc-functie werden stelselmatig teveel mannen aangenomen. De sollicitatiecommissie schatte namelijk te vrouwen veel te laag in. Het ging zelf zo ver, dat de beste vrouw door de commissie even goed werd bevonden als de sléchtste man.

In Nederland wijst de Groningse hoogleraar Mineke Bosch, gespecialiseerd in genderstudies, vaak op dit verschijnsel. Een taboe, volgens haar, want professoren zien zichzelf als rationele mensen die dús geen vrouwen discrimineren. Jammer genoeg voor die professoren is hun stellingname door de wetenschap zelf achterhaald: hoe rationeel ze ook zijn, ze zijn niet vrij van die onbewuste vooroordelen. Dat blijkt ook uit de Nederlandse cijfers. Hoewel er meer meiden dan jongens aan een universitaire studie beginnen (52% tegen 48%) zijn er van die ‘onbevooroordeelde’ hoogleraren maar 12% vrouw. Een verhouding die toch te denken geeft over het onderbewustzijn van de heren professoren.

Help, ik discrimineer mezelf!

Small

Niet alleen de impliciete associaties van leraren en sollicitatiecommissies, maar ook die van vrouwen zelf, zorgen voor vreemde man-vrouwverschillen in wetenschappelijke onderzoeken. Zo blijkt dat mannen het op wiskundetoetsen vaak beter doen dan vrouwen. Dat kan natuurlijk komen doordat mannen echt beter zijn is wiskunde, maar het kan ook zijn dat het onbewuste vooroordeel (vrouwen en wiskunde passen niet bij elkaar) de vrouwen zelf parten speelt. Daarom namen de psychologen Ilan Dar-Nimrod and Steven J. Heine zo’n wiskundetoets en voegden ter inleiding een kort tekstje toe, waarin ze jokten dat op deze toets vrouwen het normaal gesproken even goed deden als mannen. En hun leugen werd waarheid: ineens was het man-vrouwverschil in wiskundescore nagenoeg verdwenen.

De kracht van onbewuste vooroordelen hebben we al te lang niet serieus genoeg genomen. Zo’n 80% tot 90% van de mensen is seksist zonder het zelf te weten, en laat daardoor ongemerkt zijn of haar gedrag bepalen. We onderschatten vrouwen, vrouwen onderschatten zichzelf. Er ontstaan man-vrouwverschillen die niet echt zijn maar toch veel waarde hebben in de populaire media en de wetenschap. Dat roept de vraag op: hoe houden we ons onderbewustzijn in bedwang? Het is duidelijk dat bewustwording niet helpt. Ons bewustzijn is niet de baas over ons handelen. En in dit geval is ons onderbewustzijn seksistisch en ongeëmancipeerd.

Een wet om ons onderbewustzijn de mond te snoeren

Small

Er is iets dat wel werkt tegen de enorme invloed van ons onbewust seksistische brein: geef het geen keuze. Maak beleidsregels om sollicitanten te beoordelen op objectieve criteria. Stel quota in voor een minimum percentage vrouwen. Zorg dat elke leidinggevende, minister, commissaris en hoogleraar zijn intuïtie moet laten voor wat het is en gewoon een vrouw moet aannemen. Dat zal ons onderbewustzijn effectief de mond snoeren en de emancipatie op een wetenschappelijk verantwoorde manier vooruit helpen.

Dit artikel is een publicatie van Asha ten Broeke.
© Asha ten Broeke, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 19 november 2009

Discussieer mee

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE