Je leest:

Scholierenprotesten: het nieuwe demonstreren

Scholierenprotesten: het nieuwe demonstreren

Auteur: | 26 november 2008

Een paar jaar geleden protesteerden duizenden scholieren tegen de ‘ophokplicht’. Sociologe Jacqueline van Stekelenburg was erbij. Zij vergeleek de spontane acties met het door het LAKS georganiseerde protest. Scholieren die aan de spontane acties meededen, waren lager opgeleid, cynischer over de politiek en dachten minder vaak dat hun actie zin zou hebben. “Deze scholieren gingen gefrustreerd en boos de straat op.”

In november 2007 gingen massa’s ontevreden middelbare scholieren de straat op om te protesteren tegen de 1040-urennorm en de kwaliteit van het onderwijs. Vorige week was het de beurt van de docenten om te staken. Ook zij klagen over te veel onderwijsuren. In het onderwijs is duidelijk wat aan de hand, want mensen gaan in Nederland niet zomaar de straat op. Ze moeten worden overgehaald om te demonstreren. Dr. Jacquelien van Stekelenburg van de Vrije Universiteit Amsterdam onderzoekt wie waarom protesteert. De sociologe stond vorig jaar tijdens de protesten tussen de scholieren, de runs en het vuurwerk.

Het georganiseerde scholierenprotest op het Museumplein, 2007.

Spontane en georganiseerde protesten

“De spontane protesten schoten als champignonnetjes uit de grond. Bijna 20.000 scholieren hebben op die manier gedemonstreerd. Dat is voor Nederlandse begrippen echt heel veel”, vertelt Jacqueline van Stekelenburg. Gewapend met pen en papier deed ze onderzoek naar de demonstrerende jongeren. Ze is nog druk bezig de antwoorden van zo’n vijfhonderd scholieren te analyseren. Toch kan Van Stekelenburg al een tip van de sluier oplichten.

“Bij de scholierenprotesten was er theoretisch iets heel interessants aan de gang”, vertelt Van Stekelenburg. “Er waren eigenlijk twee verschillende acties. Eén georganiseerd door het LAKS, met sprekers en muziek, en heel traditioneel op het museumplein. Dit is hoe demonstraties eigenlijk altijd een beetje gaan. De andere demonstraties waren spontane acties, die een week voor de LAKS demonstratie plaatsvonden. Bij deze acties speelden internet en mobieltjes een hele grote rol.” Bij de demonstratie op het museumplein was er één woordvoerder met heldere eisen en een zorgvuldig geformuleerd programma, namelijk het LAKS. De spontane acties waren heel anders: verspreid door het hele land, ongeorganiseerd en ongeleid. Scholieren hielden elkaar op de hoogte via hun mobiel.

De scholieren die meededen aan de spontane acties, zeiden vooral door hun online en offline vrienden te zijn overgehaald om te gaan protesteren. De meeste hadden via MSN en Hyves te horen gekregen dat er geprotesteerd zou worden. Van Stekelenburg: “Je zag ook dat de scholieren van de ene naar de andere school liepen. Op het schoolplein van een andere school belden ze dan hun vrienden en vriendinnen die nog in de klas zaten. Dat is echt een hele nieuwe vorm van mobiliseren.” Op deze manier durfden de scholieren, inclusief de brave borsten, de autoriteit van de docent en de regels van de school te overtreden. Het is immers een stuk makkelijker om de klas uit te lopen als je weet dat er al honderden andere scholieren op je staan te wachten.

Scholierenprotest en MSN (EenVandaag)

Boze en politiek cynische jongeren

“Er waren nog een aantal belangrijke bevindingen”, zegt Van Stekelenburg. “De jongeren die meededen aan de spontane protesten hadden veel minder vertrouwen in de politiek dan de jongeren die meededen aan de LAKS demonstratie. Ze hadden ook minder het idee dat de actie zinvol was. Dat noemen we effectiviteit: denken mensen dat de actie het probleem op gaat lossen? Dat dachten deze jongeren dus niet. Ze waren gefrustreerd en boos.”

Dat deze ontevreden en politiek cynische jongeren elkaar vooral mobiliseerden via het internet, is geen toeval. Op internet komen mensen vaak samen omdat ze gefrustreerd of boos zijn over een bepaald thema. Forums en chatgroepen creëren online gemeenschappen waarin mensen hun frustraties makkelijk kunnen delen. Dat mensen daarna ook echt de straat opgaan, is uniek. Van Stekelenburg: “Ik weet maar van één ander geval waarin demonstranten via internet en mobiel werden opgeroepen om spontaan te gaan protesteren. Amerikaanse studenten hebben op dezelfde manier gedemonstreerd tegen een wet die vrienden, familie en kennissen van illegale migranten strafbaar zouden maken.”

Van Stekelenburg verwacht dat mensen vaker via internet en mobiel voor demonstraties gemobiliseerd gaan worden. De actie was zo succesvol, dat andere activisten de strategie kopiëren. Zo kreeg de sociologe een week na de scholierenprotesten een nieuwsbrief van een krakersgroep waar ze ook onderzoek naar doet. De kop luidde: ‘Wat de scholieren kunnen, kunnen wij ook.’ Toch zal niet iedereen door de nieuwe media de straat op te krijgen zijn, denkt Van Stekelenburg. “In de wetenschappelijke literatuur wordt vaak gezegd dat dit soort strategieën vooral bij jongeren werken. De docenten die vorige week demonstreerden, zijn bijvoorbeeld op een traditionele manier gemobiliseerd: door de vakbonden.”

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 26 november 2008

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.