Je leest:

‘Ruimtevaart levert veel meer op dan het kost’

‘Ruimtevaart levert veel meer op dan het kost’

Auteur: | 21 maart 2012

Door het verblijf van André Kuipers in het ISS is de belangstelling voor ruimtevaart in Nederland de laatste tijd erg toegenomen. Maar wat is het nut van bemande ruimtevaart? ESA-medewerker Philippe Schoonejans betoogt waarom mensen in de ruimte nodig zijn en waarom het kabinet niet zou moeten bezuinigen op ruimtevaart.

Philippe Schoonejans en Astronaut André Kuipers

ESA

De laatste maanden is de belangstelling voor ruimtevaart in Nederland enorm toegenomen door de reis van André Kuipers naar het Internationale ruimtestation ISS. Belangrijk voor de ESA en leuk voor mij, want ik krijg veel kansen om over ons werk te vertellen in de media. Het begon met een uurtje co-presenteren met Rob Trip, in december, bij de lancering van André.

Spannend is zo’n lancering altijd, maar deze keer zeker. De klok onder in het scherm stond namelijk afgesteld op “kwart over twee”, terwijl de lift-off gepland was voor het preciezere 14:16 uur. Daar stond ik dan rechtstreeks commentaar te geven terwijl de raket een minuut lang niet vertrok en de klok van de NOS al lang op nul stond. Dat voelde als de langste minuut van mijn leven!

Vakantie in het ISS

Inmiddels is André al een tijd aan boord en het gaat goed met hem. Door uitstel van de aflossing mag hij zelfs wat langer blijven, wat hij prima vindt ondanks het missen van verjaardagen en vakantie op aarde. Het geeft wat meer tijd om zijn experimenten uit te voeren en te genieten van het zicht op de aarde. Vooral ’s nachts zijn Nederland en België (waar ik vandaan kom) prachtig te zien met in Nederland de kassen in het Westland en in België de verlichte snelwegen.

André Kuipers wist vanuit het ISS deze foto te maken van Nederland en België in de nacht van 27 januari 2012.
ESA/André Kuipers

Experimenteren op 400 kilometer hoogte

Die experimenten worden nu een voor een afgerond. Net afgesloten is PASSAGES, dat onderzoekt hoe ons brein vaststelt dat je al dan niet door een poortje kan. En SOLO, dat onderzoekt wat de invloed van zout eten is op botontkalking. Bijna af is THERMOLAB, waarin onderzocht wordt hoe een mens zijn lichaamstemperatuur op 37 graden houdt.

Maar het leukst vind ik het vloeistof-experiment dat wederom concludeerde dat vloeistoffen nooit volledig in rust zijn, dus dat zelfs in een schijnbaar perfect stilstaande vloeistof op microscopische schaal de deeltjes nog bewegen. Dat ontkracht Simon Stevin’s stelling uit 1586 dat een “eewich roersel” (door Isaac Beeckman later beschreven als “dat eens roert, roert altyt, soo’t niet belet en wort”) onmogelijk is. Het volgens mij mooiste begrip uit de geschiedenis van de natuurkunde bestaat dus ook in gewichtsloosheid, aldus het experiment van André Kuipers!

Wodka met André

Kuipers test ERA in het ‘zwembad’.

ESA

Ondanks zijn goedlachsheid is André een serieus experimenteerder. Ik werkte voor het eerst met hem samen eind 2004 tijdens een test van de Europese robotarm ERA. De test vond plaats in het Gagarin Cosmonout Training Centre bij Moskou. Buiten was het -20 graden Celsius, binnen bij het enorme 13 meter diepe zwembad, waarin de gewichtsloosheid gesimuleerd werd, was het 28 graden boven nul.

André werd in een ruimtepak gehesen en mocht de robotarm onder water uittesten. Na een geslaagde test zagen we natuurlijk blije gezichten en André leerde het Europese team van ingenieurs hoe je in Rusland wodka drinkt: “Een, twee, drie, vier, Hoera! Hoera! Hoera!” In het Russisch dan. Dat had hij opgepikt bij zijn eerste ruimtemissie in dat jaar…

Het nut van mensen in de ruimte

Natuurlijk wordt ESA vaak gevraagd naar het nut van ruimtevaart en dat van bemande ruimtevaart in het bijzonder. Kunnen jullie niet gewoon alles met robots doen? Moeten die mensen echt mee, is toch veel te duur en gevaarlijk? Ik moet dan – zelfs als hoofd robotica – antwoorden: ja, die mensen moeten mee.

Denk “mens en robot” en niet “mens of robot”. De mens levert bijvoorbeeld betere analyse, meer improvisatievermogen en nog steeds superieure manipulatie en hand-oog-coördinatie. De robot helpt de mens echter wel waar we spreken van de zogenoemde 3 D’s – dull, dangerous en difficult (saai, gevaarlijk en moeilijk). Het is een ideale assistent voor op de Maan, Mars of aan de buitenkant van het ISS waarvoor het prototype Eurobot ontwikkeld is.

Sowieso moeten er mensen mee voor alle (bio)medische experimenten zoals hierboven genoemd. André is immers naast experimenteerder ook zijn eigen experiment.

Robots en mensen werken prima samen in de ruimtevaart.

Opbrengsten versus kosten

Levert dat wat op? Ja! Feit is dat ruimtevaart meer oplevert dan het kost. Hoe we dat weten? Dit is onder andere berekend door de Aerospace Industries Association, Oxford Economics, Europese Unie, Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en nationale overheden. En allemaal kwamen ze tot dezelfde conclusie.

Ruimtevaart levert meer geld op dan het kost. Een voorbeeld. De markt voor toepassingen van satelliet-navigatie-informatie (een techniek die mogelijk is gemaakt door de ruimtevaart) wordt voor de komende 10 jaar geschat op 240 miljard euro. Ter vergelijking, het totale ESA-budget is 4 miljard euro per jaar.

Vergelijkbare berekeningen bestaan er voor weerinformatie, niet alleen voor je dagje strand maar bijvoorbeeld ook om de landbouw in staat te stellen de maximale opbrengst te realiseren op een stuk land. Of er wordt berekend wat de besparing is van goede en snelle informatie bij rampenbestrijding – of beter nog – voorkoming. Vorig jaar heeft de Nederlandse overheid ook negen zogenoemde topsectoren geïdentificeerd voor innovatie. Voorbeelden daarvan zijn transport, landbouw, energie en water. De ruimtevaart draagt bij aan alle negen van die sectoren.

De grootste ESA-vestiging ligt in Nederland. Hier in Noordwijk bevindt zich het technische hart van de Europese ruimtevaartorganisatie. Er werken zo’n 2500 mensen.

De onderzoeken concluderen dat elke in ruimtevaart geïnvesteerde euro tientallen euro’s oplevert. De OESO is het meest conservatief en komt op een ‘terugverdienfactor’ van tussen 1.5 en 4.9. Van elke euro komt er dus minstens 1,50 terug en waarschijnlijk is dat meer.

Het is daarbovenop bijna zeker dat Nederland relatief nog veel meer profiteert. Door de aanwezigheid van ESA-onderzoekscentrum ESTEC in Noordwijk besteedt ESA enkele honderden miljoenen meer in Nederland dan de Nederlandse bijdrage aan ESA zou rechtvaardigen.

Alles wat de ruimtevaart ons geeft

Maar er is meer dan geld alleen. Afgelopen herfst werkte ik mee aan de bepaling van de strategie en doelstellingen voor de bemande ruimtevaart van ESA en Europa. Ons team vatte de visie in één zin samen:

Explore, operate, research and inspire! – For planet Earth and our journey beyond (Verken, handel, onderzoek en inspireer! – Voor de aarde en onze verdere reis)

“Inspireer!” reflecteert onze mening dat naast bovenstaande berekeningen we ook moeten denken aan andere bijdragen aan de maatschappij: bevrediging van de menselijke nieuwsgierigheid, geestdrift, internationale technologische samenwerking en inspiratie van de jongere generatie. Zij moeten het zijn die ons verder brengen in de wereld. Zij zorgen voor innovatie, waar Europa het met zijn dure productie en veel dienstverlening het zo van moet hebben.

Heel verontrustend vind ik het dat het kabinet Rutte denkt aan een halvering van het Nederlands ruimtevaartbudget, momenteel nog ongeveer honderd miljoen euro per jaar. En dat terwijl de rekenmeesters van de OESO ons leren dat zo’n halvering uiteindelijk geld kost in plaats van oplevert. Ik zeg tegen het kabinet: blijf investeren in ruimtevaart en geniet van alles wat het ons teruggeeft!

De Sojoez-capsule met onder anderen André Kuipers aan boord nadert het ISS (rechts). Bij Dutch Space in Leiden wordt momenteel de robotarm ERA gemaakt die nieuwe apparatuur aan de buitenkant van het ruimtestation kan monteren. Astronauten als Kuipers hoeven daardoor minder ruimtewandelingen te maken.
ESA

Philippe Schoonejans is hoofd robotica bij het onderdeel bemande ruimtevaart van de ESA.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 21 maart 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.