Je leest:

Rouwen om de dood van je kind

Rouwen om de dood van je kind

Auteur: | 24 mei 2007
ouders (14)
Thema: Dood

Wijngaards legde bloot welke factoren de rouw van ouders na de dood van een kind beinvloeden. Zo maakt het bijvoorbeeld uit hoe oud het kind was op moment van overlijden en of het kind thuis wordt opgebaard. Deze informatie kan gebruikt worden om de hulpverlening aan achterblijvende ouders doeltreffender te maken.

Het is de grootste nachtmerrie voor elke ouder: de dood van je kind. Voor de achterblijvende ouders grijpt het verlies diepgaand en langdurig in. Sommige herstellen min of meer na verloop van tijd, anderen komen er niet uit. De Utrechtse promovenda Leoniek Wijngaards onderzocht welke factoren de ernst van de rouw van de ouders beïnvloeden.

Zo rouwen ouders meer naarmate hun kind ouder is, tot de leeftijd van 17 jaar. Hierna neemt de rouw weer licht af. Het helpt als er nog meer kinderen in het gezin zijn. Ook de doodsoorzaak heeft invloed. Als een kind overlijdt door een ongeluk of geweld, dan is dit verlies nog ingrijpender, net als wanneer de dood onverwacht is. Er is minder rouw wanneer de ouders naar hun gevoel afscheid hebben kunnen nemen. Ook helpt het als het kind thuis is opgebaard geweest.

“Een vrouw die haar man begraaft, wordt weduwe genoemd, een man die zonder zijn vrouw achterblijft, weduwnaar. Een kind zonder ouders is wees. Maar hoe heten vader en moeder van een gestorven kind?” (P.F. Thomése in ‘Schaduwkind’)

Ook psychische kenmerken spelen een rol bij de ernst van de rouw. Voorbeelden hiervan zijn een onveilige hechting en de manier waarop de ouders omgaan met de dood van hun kind. Wanneer de vrouw in het achterblijvende gezin zich niet alleen op het verlies richt, maar ook op het vormgeven van de toekomst, heeft dit een positief effect. Zij én haar partner rouwen minder en ze hebben minder depressieve klachten.

De bevindingen van Leoniek Wijngaards bieden aanknopingspunten om ouders na de dood van hun kind beter te begeleiden. Zo zou van de ouders een soort risicoprofiel gemaakt kunnen worden, waardoor hulpverleners gerichter en doeltreffender hun werk kunnen doen na dit ingrijpende verlies.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 24 mei 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.