Je leest:

Record-aantal tropische stormen Atlantisch gebied

Record-aantal tropische stormen Atlantisch gebied

Met orkaan Wilma en tropische storm Alpha was er dit jaar een record aantal tropische stormen. Dit doet de vraag opwaaien of dit een gevolg is van klimaatsverandering en of het aantal tropische stormen in de toekomst nog verder zal toenemen.

Stormstatistieken

In de periode van 1851 tot en met 2005 (tot nu toe) zijn er per jaar gemiddeld 8.7±3.7 tropische stormen, 5.2±2.5 orkanen en 1.9±1.7 zware orkanen (categorie 3 of zwaarder). Met 22 tropische stormen, 12 orkanen en 5 zware orkanen is 2005 dus duidelijk een meer dan gemiddeld actief jaar. Het aantal stormen varieert enorm van jaar tot jaar en pieken van meer dan 14 stormen per jaar komen regelmatig voor. Ook 2000 tot en met 2004 waren bovengemiddeld actief en er is sprake van een toenemende trend sinds het begin van de jaren ’90. Daarmee is echter nog niet alles gezegd, want ook in periodes rond 1890, 1934 en tussen 1950-1970 waren er meer stormen dan gemiddeld.

Het aantal tropische stormen (groen), orkanen (blauw) en zware orkanen van categorie 3 (rood) per jaar op de Atlantische Oceaan, het Caraïbische gebied en de Golf van Mexico. Het vijfjarig lopende gemiddelde is ook weergegeven van 1857 tot en met 2000.

Gedeeltelijk is de huidige stijgende lijn dan ook het resultaat van het opklimmen uit het dal van de jaren ’80. Slechts een deel van de tropische stormen groeit uit tot een orkaan. In de laatste jaren is dat deel relatief klein, ongeveer 55%, terwijl het in de periode 1860-1880 rond de 75% lag. Het aandeel van de tropische stormen dat uitgroeit tot een zware orkaan ligt momenteel rond het gemiddelde van 20%. Het grote aantal tropische stormen van dit jaar is niet buiten proporties, gezien de grote variabiliteit in de meetreeks. Wat echter wel opvalt, is dat het aantal stormen sinds het einde van de jaren ’90 vrijwel continue groot is. De vraag of deze langdurige piek binnen de natuurlijke variabiliteit valt of het gevolg is van klimaatsverandering, is echter moeilijk te beantwoorden vanwege de grote variabiliteit en de geringe totale hoeveelheid stormen per jaar.

Het ontstaan van orkanen

Wervelstormen ontstaan alleen boven tropische oceanen. Het basisprincipe van de orkaan kan vergeleken worden met een onweersbui: de lucht boven de tropische oceaan is warm en bevat veel waterdamp. De warme vochtige lucht heeft een lage dichtheid en heeft daarom de neiging op te stijgen. Dit gebeurt in onweersbuien. Bij het opstijgen koelt de lucht af en kan de waterdamp condenseren. Bij het condenseren komt weer extra warmte vrij, waardoor de lucht nog sterker zal stijgen en de onweersbui heviger wordt. Als de zeewatertemperatuur boven 26.5 oC komt, is de lucht zo warm en kan deze zo veel waterdamp bevatten dat het opstijgen van de lucht zeer gewelddadig gebeurt. Onweersbuien kunnen dan clusters vormen, die om een kern gaan draaien. Door het samentrekken van de clusters naar de kern, wordt de rotatiesnelheid steeds groter (zoals ook gebeurt bij een kunstschaatseres die bij een pirouette haar armen naar haar lichaam trekt) en de wervelstorm is geboren.

Het ontstaan van een tropische storm: (#1) Als de zeewatertemperatuur boven 26.5 oC komt, is de lucht zo warm en kan deze zo veel waterdamp bevatten dat er (#2) een krachtige opwaartse luchtstroom ontstaat. Hierdoor ontstaan er aan de zijkanten van de opwaartse luchtstroom onweerswolken (#3), die om een kern gaan draaien. Door het samentrekken van de clusters naar de kern en onder invloed van winden van buitenaf (#4), wordt de rotatiesnelheid steeds groter en de wervelstorm is geboren.

De clusters van onweersbuien vormen zich vaak in een bestaande storing, maar niet elke storing ontwikkelt zich tot een orkaan. Daarvoor moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Zoals gezegd is een hoge zeewatertemperatuur de eerste voorwaarde. Ten tweede moeten de hogere lagen van de atmosfeer niet te stabiel zijn, anders kunnen de onweersbuien er niet in doordringen. En ten derde moet het boven in de atmosfeer niet te hard waaien, want anders worden de toppen van de onweersbuien afgeblazen voordat ze tot volledige ontwikkeling kunnen komen. Aan deze drie voorwaarden is dit jaar blijkbaar vaker dan gemiddeld voldaan, zodat er veel stormen zijn geweest. Voor een deel is het tegelijkertijd voldoen aan de drie voorwaarden een toevalsproces, maar er kan wel iets meer gezegd worden over trends.

Trends

Het valt te verwachten dat de zeewatertemperatuur in de komende tientallen jaren mee zal stijgen onder invloed van de verwachte klimaatsverandering. Momenteel is de zeewatertemperatuur in het Caraïbisch gebied 28 tot 30 oC en daarmee 0 tot 2 oC warmer dan normaal. Ook in de jaren vanaf 2000 was het zeewater warmer dan normaal. Volgens modelberekeningen zou dit vooral effect hebben op de sterkte van orkanen, waarbij een ~ 2 oC warmere oceaan een toename van 10 % kan veroorzaken in de windkracht. Maar uit diezelfde berekeningen komt ook dat het totale aantal stormen niet zal toenemen. De modelberekeningen lijken dus niet helemaal in overeenstemming met de recente trend in het aantal stormen. Dat ligt dus aan voorwaarden twee en drie, die een complex geheel vormen met de globale atmosferische stroming. Het is waarschijnlijk dat die verandert door klimaatsverandering, maar op welke manier dat zal gebeuren is moeilijk te zeggen.

Orkaan Wilma voor de kust van Yucatan, gefotografeerd vanuit de ruimte.

Wel is het bekend dat in jaren waarin El Niño zich voordoet, het aantal orkanen veel minder is, zoals in het laatst in 1997-1998. Dit komt door de toegenomen windsnelheid in de bovenlagen van de atmosfeer. Tijdens de omgekeerde fase, La Niña, zijn er vaak juist meer stormen. Momenteel is er geen sprake van El Niño of La Niña, dus kan dit geen verklaring zijn van het grote aantal stormen.

Overigens is het aantal orkanen boven de Atlantische Oceaan, het Caraïbisch gebied en de Golf van Mexico slechts ongeveer 12 % van het totaal op aarde, ook boven de Stille Oceaan en de Indische Oceaan komen ze voor en richten in Japan, de Filipijnen, India en Bangladesh veel schade aan.

Conclusies

Er zijn dit jaar wel veel tropische stormen in het Caraïbische gebied, maar in het licht van de variabiliteit van jaar tot jaar is deze piek niet abnormaal. Wel opvallend is dat het aantal stormen sinds het einde van de jaren ’90 vrijwel constant groot is geweest. Dit zou verband kunnen hebben met het warmere zeewater van de laatste jaren, hoewel modelberekeningen juist aangeven dat dit vooral invloed heeft op de sterkte van stormen en niet zozeer het aantal. Het is dus mogelijk dat het grote aantal stormen een gevolg is van klimaatsverandering, maar het kan nog niet wetenschappelijk aangetoond worden.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van Vrije Universiteit Amsterdam (VU).
© Vrije Universiteit Amsterdam (VU), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 26 oktober 2005

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE