Je leest:

Rassenwaan

Rassenwaan

Auteur: | 29 maart 2017

Racisme is een keiharde realiteit voor heel veel mensen, niet alleen buiten, maar ook binnen Nederland. Over de hele wereld eigenlijk. Toch is daar iets vreemds mee aan de hand. Want hoe kan er sprake zijn van racisme als er binnen de soort Homo sapiens helemaal geen sprake is van rassen?

Het begrip ras wordt in eerste instantie gebruikt om groepen mensen te classificeren. Vervolgens wordt het op grote schaal misbruikt om de genetische superioriteit van één ‘ras’ aan te duiden. Op basis van de vermeende verschillen in genetische aanleg is die ongelijkheid in het verleden veel gerechtvaardigd. Sterker nog, mensen met de verkeerde aanleg zijn gesteriliseerd of vermoord om toekomstige generaties ‘beter’ te maken. Deze uitwassen gebeurden vaak in naam van de wetenschap.

Wetenschappelijke grondslag

De wetenschap ging zich voor het eerst in de achttiende eeuw in de persoon van Linnaeus bezighouden met een indeling van de mensheid op basis van biologische kenmerken. Vervolgens werden groepen mensen op basis van uiterlijke kenmerken ‘rassen’ genoemd. In het midden van de negentiende eeuw werden deze groepen hiërarchisch gerangschikt. Bovenaan kwamen de blanken en onderaan de zwarten. Die oude indeling is de basis voor de zwart-wit discussies over Zwarte Piet van nu.

Racisme is echter niet gebaseerd op de biologie. Het veranderen van de kleur van Zwarte Piet is daarom ook geen oplossing voor het probleem. Een echte oplossing komt er pas wanneer de Goedheiligman geen knechten meer heeft maar gelijkwaardige collega’s, of die nu zwart zijn of een andere kleur uit de regenboog hebben.

Er is geen goede wetenschappelijke grondslag waarop mensen van elkaar kunnen worden onderscheiden in rassen. Heel veel genetisch onderzoek heeft laten zien dat de onderlinge verschillen binnen groepen mensen vele malen groter zijn dan die tussen groepen. Het is in de loop van de tweede helft van de twintigste eeuw steeds duidelijker geworden hoe groot de genetische variatie bij de mens is en hoe de verschillen verdeeld zijn over de mensheid.

Genetische verschillen

Ieder mens heeft ongeveer drie miljard basenparen, de bouwstenen in zijn DNA. Ongeveer 99,9 procent hiervan is hetzelfde bij iedere mens. Maar zelfs als slechts één promille hiervan tussen elke twee niet verwante personen verschilt, dan gaat het om niet minder dan drie miljoen varianten. Van al die varianten is ongeveer 85 procent onafhankelijk van de geografische herkomst van deze individuen. De overige 15 procent is min of meer uniek voor de betreffende groep. En daarvan wordt weer de helft verklaard door variatie tussen de klassieke rassen. Een zeer kleine minderheid dus.

Afrika is het continent met de grootste genetische verschillen, maar ook het eens als superieur bestempelde blanke ras bestaat uit een mengsel van een groot aantal volken, die genetisch minder verschillen van de volkeren uit Afrika dan de inheemse Afrikaanse volkeren onderling van elkaar verschillen.

Wereldwijd worden de genetische verschillen tussen de verschillende bevolkingsgroepen steeds kleiner, door mannen en vrouwen die een partner kiezen uit een andere groep. Migratie zorgt voor een toename van het aantal paren met een verschillende afkomst die samen kinderen krijgen. Wanneer dit proces blijft doorzetten, dan zullen alle – genetische – subgroepen op enig moment verdwijnen.

Op dit oorlogsmonument in Breda, van ontwerper Maarten Fleuren, staat de tekst van Artikel 1 van de Nederlandse Grondwet.
ANP Photo, Rijswijk

Etnische verschillen

Uiteindelijk zullen de genetische varianten en afwijkingen veel meer gelijk over de wereldbevolking verdeeld zijn. Maar ook nu al is het begrip ras niet bruikbaar in een wereld waarin de afkomst van de meeste mensen altijd al gemengd is geweest. Migratie is niet nieuw, het is van alle tijden. Zonder migratie zou de mens niet zo succesvol zijn geweest.

Tegelijk zorgt de huidige migratie voor vreemdelingenhaat die alleen maar groter wordt door de groeiende stromen vluchtelingen. De verschillen tussen mensen die voor conflicten zorgen, zijn meestal het gevolg van etnische verschillen, zoals religie en taal. Deze zorgen ervoor dat racisme nog steeds bestaat. Zowel het vaderland als de moedertaal kunnen de reden zijn voor discriminatie.

Er zijn veel meer etnische verschillen dan verschillen in huidskleur, haarkleur of andere lichamelijke kenmerken. Discriminatie op basis van geloof, zoals antisemitisme en moslimhaat is ook racisme. Het kan niet berusten op biologische factoren, want vaak zijn er geen genetische verschillen tussen mensen met verschillende religie. Aan de andere kant kunnen mensen met een verschillende huidskleur hetzelfde geloof aanhangen. Daarom zit het dieper, het zit onder de huid.

Niet-biologische verschillen

Een paar jaar na het overlijden van Linnaeus, dichtte Schiller Alle Menschen werden Brüder. Dit motto van de negende symfonie van Beethoven, tevens het Europese volkslied, kun je op meerdere manieren interpreteren. Tot nu toe gedragen broers zich nog vaak als Kaïn en Abel, want veel conflicten zoals die tussen religies zijn terug te voeren op broedertwisten.

In het tweede deel van dit cahier leggen wetenschappers uit welke niet-biologische verschillen van bevolkingsgroepen de basis vormen voor conflicten en hoe we dit moeten verklaren. Het moge duidelijk zijn dat het onmogelijk is in het beperkte bestek van een cahier volledig te zijn, maar de redactie hoopt dat de geboden inzichten informatief zijn en de actuele maatschappelijke discussie zullen prikkelen.

Dit artikel is een publicatie van Stichting Biowetenschappen en Maatschappij.
© Stichting Biowetenschappen en Maatschappij, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 29 maart 2017

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.