Je leest:

Radioaktief water

Radioaktief water

Gastcolumn over historicus Aukje Lettinga

Auteur: | 14 oktober 2010

Elke twee weken verschijnt op Kennislink een gastcolumn. De columnist is steeds een andere onderzoeker, die vanuit zijn of haar vakgebied schrijft over de wetenschap achter een gebeurtenis in de maatschappij of uit ons dagelijks leven. Deze week: Aukje Lettinga van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis over radioaktief water en de opkomst van milieubewegingen.

“Dit water heb ik uit de Rijn. Dat schijnt ook zo pikant te zijn”. Zomaar een zinnetje uit het Kinderen voor Kinderen liedje ‘In de soep’ (1987) dat in me opkomt als ik denk aan de jaren zeventig en tachtig en de toenemende aandacht voor het milieu.

Aukje Lettinga studeerde geschiedenis in Leiden en is pr & communicatiemedewerker van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis.

Zorgen over het milieu; ze bestonden al langer. Rond 1900 waren er al organisaties die zich bezighielden met de bestrijding van ‘water- en bodemverontreiniging’. Maar pas na de verschijning van het rapport van de Club van Rome in 1972, begon men zich massaal druk te maken. Dit rapport voorspelde dat de economische groei rampzalige gevolgen zou hebben voor het milieu.

Zure regen, vervuild water en radioactieve vervuiling. Veel mensen wilden hier iets tegen doen. Ze draaiden de verwarming dus een graadje lager, pakten wat vaker de fiets of werden donateur van een milieuorganisatie. Opkomend milieubewustzijn in de laatste decennia van de twintigste eeuw. Dat zelfs kinderen zich druk begonnen te maken over de verontreiniging van rivierwater, is illustratief voor deze periode.

Sommige mensen gingen verder dan het nemen van bovengenoemde ‘huis- tuin- en keukenmaatregelen’. Ze liepen mee in demonstraties of sloten zich aan bij een actiegroep. Het hieronder afgebeelde flesje ‘Radioaktief Maaswater’ is bijvoorbeeld gemaakt door een kleine actiegroep die zich ‘Verzetscircus’ noemde. De groep verkocht de flesjes op jaarmarkten in Limburg om aandacht te vragen voor de te hoge concentratie tritium (een radioactieve stof) in het water van de Maas.

IISG

Het flesje wordt nu, samen met een heleboel andere papieren en documenten van actiegroepen en milieuorganisaties, bewaard door het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) in Amsterdam. Zo bewaart het IISG de papieren van Greenpeace en Milieudefensie, maar ook die van minder bekende of verdwenen organisaties als de Stichting Nederland Gifvrij en het Landelijk Energie Komitee.

Het IISG bewaart deze archieven om historisch onderzoek mogelijk te maken. Maar waarom wordt nou juist zo’n ‘onbenullig’ flesje bewaard?

Hoewel een voorwerp vaak niet zo’n grote informatiewaarde lijkt te hebben als bijvoorbeeld een verzameling brieven of kranten, kan je er toch veel aan aflezen. Je weet bijvoorbeeld hoe het actiemateriaal werd vormgegeven en waarmee men actie voerde. Het flesje laat zien dat er naast serieuze rapporten en debatten ook speelse actiemiddelen werden ingezet. Dit soort voorwerpen maken het ook in de toekomst mogelijk een beeld te vormen bij het historisch verhaal over de milieubeweging.

En…voor de oplettende lezers onder jullie: ’radioaktief’ is op het flesje natuurlijk gespeld met een ‘k’. Voorkeursspelling en aktie voeren: ze zijn in de jaren zeventig en tachtig onmogelijk van elkaar te scheiden.

Zie verder

Dit artikel is een publicatie van Kennislink (gastcolumnist).
© Kennislink (gastcolumnist), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 14 oktober 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.