Je leest:

Puberbrein en puberhormonen gaan gelijk op

Puberbrein en puberhormonen gaan gelijk op

Wanneer begint de puberteit? Op je twaalfde levensjaar? Je veertiende? Of al op je negende? Nou, ruime tijd voordat de aanstaande puber of de ouders het doorhebben, timmeren hersenen en hormonen aan de weg voor de toekomst. En dat doen ze samen, gedurende de hele puberteit. Dat ontdekte Jiska Peper en haar collega’s van de Universiteit Utrecht na het bestuderen van eigen en andermans onderzoek.

Grijze massa, de zenuwcellen in je brein, daar moet je het van hebben. Zou je denken. Maar niets is minder waar. Voordat je als kind begint met puberen, zit je brein er tjokvol mee, maar naarmate je ouder en wijzer wordt, neemt de hoeveelheid zenuwcellen drastisch af. Ervoor in de plaats komt extra witte massa: uitlopers van neuronen met daaromheen een vetachtige stof die communicatie tussen zenuwcellen versnelt. Kortom, de snelwegen in het brein nemen dus toe. Je brein wordt efficiënter.

Reigh le blanc via flickr cc by nc 2.0
Met een MRI-scan kun je een plaatje van hersenweefsel maken. En uit nieuw onderzoek blijkt dat bij pubers de afname van grijze massa en toename van witte massa gepaard gaat met een flinke stijging aan geslachtshormonen.

An sich is dat oud nieuws. Wel nieuw is dat dit proces, waarbij grijze massa afneemt en witte massa groeit, gelijk opgaat met de toename van geslachtshormonen bij jongens en meisjes. Dat verband ontdekte Jiska Peper – inmiddels aan het werk bij de Universiteit Leiden – in een eigen onderzoek. En nu, in een aankomende editie van het tijdschrift Neuroscience, komt ze tot de conclusie dat andere wetenschappers hetzelfde zien.

Peper nam speeksel en urine af bij jongens en meisjes, om vervolgens daaruit af te leiden hoeveel geslachtshormonen in de kinderen actief waren. Een paar dagen later mochten de kinderen langskomen om hun brein via een MRI-scanner te laten afbeelden (sommige kinderen waren verbaasd dat ze überhaupt een brein hadden, merkte Peper op). Daaruit kon de psycholoog opmaken dat de pubers met de meeste geslachtshormonen – zoals testosteron bij jongens – de meeste breinverandering vertoonden.

Betekent dat nu dat de hormonen het brein veranderen? “Dat weten we niet zeker”, legt Peper uit. “Maar via aanwijzingen uit dierproeven denken we van wel. Als je ratten castreert, maken ze veel minder testosteron aan en blijven breinveranderingen uit. Zo’n experiment doe je natuurlijk niet met kinderen, dus of dat ook zo gaat bij mensen is slechts een vermoeden.”

Small
Jiska Peper nam puberbreinen onder de loep.
Jiska Peper

Om te achterhalen wat we wél weten over breinveranderingen en geslachtshormonen, zocht Peper in de wetenschappelijke literatuur naar gelijksoortige experimenten als die van haarzelf. Ze vond er zes. En inderdaad: bijna elk onderzoek dat geslachtshormonen en breinveranderingen meet, vindt een verband. “Dat zegt alleen dat de twee samengaan, maar ik kan nog niet zeggen of hormonen echt ten grondslag liggen aan veranderingen in puberende breinen.”

Overigens puberen jongensbreinen net iets anders dan meisjesbreinen. Onderzoek naar hoe geslachtshormonen en hersenen samen de breinstructuur veranderen, zal in de toekomst belangrijker worden voor onderzoek naar bekende psychiatrische aandoeningen, zoals depressie en schizofrenie. “Depressie komt vaker voor bij vrouwen, en schizofrenie bij mannen”, zegt Peper. “Het zou mooi zijn als we begrijpen hoe dat verschil ontstaat.”

Zie ook

Oeps: Onbekende tag `feed’ met attributen {"url"=>"http://www.kennislink.nl/kernwoorden/puber.atom", “max”=>"8", “detail”=>"minder"}

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 23 februari 2011

Discussieer mee

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE