Je leest:

Psychologische kanten van donatie bij leven

Psychologische kanten van donatie bij leven

Auteurs: , en | 25 september 2014

Voor zowel de donor als de ontvanger en hun omgeving is de procedure rond de nierdonatie bij leven en de niertransplantatie een ingrijpende gebeurtenis.

Uit wetenschappelijk onderzoek is bekend dat de meeste nierdonoren na de operatie goed herstellen en geen ernstige lichamelijke of emotionele klachten ervaren bij hun donatie. Een klein gedeelte van de donoren, variërend van 5 tot 25 procent, ervaart echter wel lichamelijke of emotionele klachten, zoals vermoeidheid, somberheid en pijn, gedurende de donatieperiode en ook op de langere termijn.

Hooggestemde verwachtingen

Uit de internationale literatuur blijkt dat de motivatie voor een nierdonatie op verschillende manieren tot stand komt. Bij een relationele niertransplantatie, zoals tussen partners, ontstaat de wens om te willen doneren doorgaans doordat de donor het proces van de nierziekte van dichtbij heeft meegemaakt. Met de nierdonatie wil de partner een betere kwaliteit van leven bieden aan de ontvanger of dialyse voorkomen.

Donoren die steun van vrienden hebben, ervaren hun donatie positiever dan donoren die minder steun kregen.
Biowetenschappen en maatschappij

Bij anonieme nierdonatie komt de motivatie tot doneren meestal voort uit een bepaalde levensopvatting. Het helpen van de ander, naastenliefde of iets goeds willen doen voor de samenleving kunnen dan iemands persoonlijke levensdoelen zijn, van waaruit het idee een nier te doneren ontstaat. In het proces van besluitvorming bij een nierdonatie is het belangrijk donoren goed te informeren over de mogelijke gevolgen van de donatie. In elk geval moet de donor wilsbekwaam zijn en een weloverwogen beslissing kunnen nemen, zonder een druk tot doneren te ervaren.

Voorafgaand aan de nierdonatie zijn de verwachtingen over het resultaat van de transplantatie voor de ontvanger vaak hoog. Die verwachtingen kunnen snel na de operatie uitkomen door de positieve gevolgen van de transplantatie, zoals meer energie hebben en minder vermoeidheid ervaren. De verwachtingen van de nierdonatie moeten echter wel realistisch zijn en donoren moeten op de hoogte zijn dat het niet uitgesloten is dat het transplantaat wordt afgestoten en dat soms een tijdelijke dialysebehandeling na de transplantatie noodzakelijk is.

Goede voorlichting en begeleiding zijn cruciaal voor een succesvol donorschap.
Biowetenschappen en maatschappij

Uit onderzoek blijkt dat nierdonoren verschillende typen verwachtingen kunnen hebben. Bijvoorbeeld wat betreft hun persoonlijke groei, het versterken van interpersoonlijke relaties en veranderingen op het gebied van de gezondheid van de ontvanger. De meeste donoren maken zich geen ernstige zorgen over de medische onderzoeken die vooraf gaan aan de donatie of over de uitname-operatie zelf. De kleine groep donoren die hierover wel zorgen rapporteert, is vaak bezorgd om de ontvanger en een eventuele afstoting van de gedoneerde nier.

Tenslotte is het belangrijk dat potentiële donoren voldoende sociale steun hebben om hen tijdens de gehele procedure en gedurende het herstel na de donatie te ondersteunen. Indien de omgeving niet achter de donatie staat, kan dit negatieve gevolgen hebben in zowel de periode van donatie als op de langere termijn.

Veranderende rol in relatie

Studies naar de kwaliteit van leven van donoren voor en na hun donatie laten zien dat donoren de eerste weken na de operatie meer pijn en vermoeidheid rapporteren en minder goed fysiek functioneren dan voor de donatie. Op de langere termijn functioneren de meeste donoren lichamelijk weer op het niveau van voor de donatie, alleen vermoeidheidsklachten houden regelmatig ook op de langere termijn aan. Wat betreft het emotioneel functioneren valt dezelfde trend te zien: een minder goed emotioneel functioneren in de periode direct na de operatie en een terugkeer op het niveau van voor donatie op de langere termijn.

Een klein deel van de donoren blijkt de operatie en het herstel als stressvol te ervaren. Ook leidt het hebben van nog maar één nier tot extra spanningen en maken zij zich zorgen over de gevolgen op langere termijn, zoals het welbevinden van de ontvanger. De grote meerderheid van de donoren heeft echter geen spijt van de beslissing om een nier te doneren.

Voor mensen bij wie de nierdonatie binnen de relatie heeft plaatsgevonden verandert een positief transplantatieresultaat de levenssituatie van zowel de ontvanger als van de donor. Vooral doordat de ontvanger fysiek meer mogelijkheden heeft dan voor de niertransplantatie. De rolpatronen binnen de relatie of het gezin zijn echter vaak afgestemd op de situatie van voor de niertransplantatie, een periode waarin de ontvanger vaak langdurig ziek was. Deze patronen moeten dus aangepast worden aan de nieuwe situatie.

Het doneren van een nier in een relatie kan de bestaande rolpatronen tussen de partners wijzigen.
Biowetenschappen en maatschappij

Het is niet altijd gemakkelijk een nieuwe rol in een relatie aan te nemen, bijvoorbeeld als er een bepaalde mate van afhankelijkheid tussen de partners is ontstaan en moet worden herzien doordat de afhankelijke partij weer zelfstandiger kan functioneren.

Ook moet de ontvanger na de niertransplantatie medicatie gebruiken die een mogelijke afstoting van de nieuwe nier voorkomt. De onzekerheid over het functioneren van de nier en een mogelijke afstoting kan langere tijd een rol blijven spelen in het leven van de donor, de ontvanger en hun omgeving. Ook de ontvanger kan beïnvloed worden door de kwaliteit van leven van de donor, bijvoorbeeld zorgen rondom de mogelijke lichamelijke gevolgen van de donatie.

Psychosociale screening

Ondanks dat slechts een klein deel van de donoren een geringe mate van lichamelijke en psychische klachten na de nierdonatie ervaart, is het belangrijk om deze problemen tijdig te signaleren. Om de ontwikkeling van problemen na donatie zoveel mogelijk te voorkomen en de tevredenheid na afloop van de procedure te bevorderen, is een systematische screening van de donor wenselijk. Een screening op niet alleen fysiek, maar ook op psychosociaal gebied kan hieraan bijdragen. De identificatie van mogelijke psychosociale risicofactoren voor de ontwikkeling van langere termijn klachten maakt het dan mogelijk om nierdonoren met een verhoogd risico op klachten tijdig te signaleren en een passende begeleiding aan te bieden gedurende de procedure van nierdonatie. Op dit moment zijn er nog geen wetenschappelijk onderbouwde psychosociale criteria die problemen op langere termijn na een nierdonatie kunnen voorspellen.

Dit artikel is een publicatie van Stichting Biowetenschappen en Maatschappij.
© Stichting Biowetenschappen en Maatschappij, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 25 september 2014

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.