Je leest:

Preventie georganiseerde misdaad kan beter

Preventie georganiseerde misdaad kan beter

Auteur: | 6 februari 2006

Maatregelen ter preventie van georganiseerde misdaad zorgen nog niet voor het verwachte effect. De maatregelen zijn wel nuttig maar moeten volgens criminologe van der Schoot beter uitgevoerd worden.

Georganiseerde misdaad werd lange tijd geassocieerd met de maffia. Dat de maffia het alleenrecht bezit over de georganiseerde misdaad is echter een grote mythe. Vrouwenhandel, mensensmokkel, fraude en drugshandel, ze vinden in hele verschillende vormen en overal plaats: ook in Nederland.

Cathelijne van der Schoot promoveert vrijdag 10 februari aan de Erasmus Universiteit op haar onderzoek naar preventie van georganiseerde misdaad in Nederland. Zij onderzocht verschillende preventiemaatregelen op hun effectiviteit.

De illegale handel van criminele organisaties blijkt in de praktijk niet veel te verschillen van legale handel. Criminele organisaties maken vaak gebruik van normale legale structuren. Deze criminelen schakelen gewoon de hulp van advocaten, notarissen en accountants in. De georganiseerde misdaad wordt dus mede mogelijk gemaakt door individuele burgers, bedrijven en zelfs de overheid!

In navolging van Amerika investeert Nederland sinds de jaren negentig ook in de preventie van georganiseerde criminaliteit. Het oprollen van criminele organisaties heeft immers niet veel zin als er steeds nieuwe organisaties uit de grond gestampt worden.

Van der Schoot concludeert dat de preventieve maatregelen die nu bestaan, proberen in te spelen op het feit dat illegale handel niet veel verschilt van gewone handel. Mensen uit de gewone structuren waar criminele organisaties gebruik van maken, worden ingezet als waakhonden voor de georganiseerde criminaliteit. De aanpak van de georganiseerde criminaliteit is niet alleen meer een taak van de opsporingsdiensten, maar ook van de gewone man of vrouw. Van der Schoot laat zien dat de uitwerking van dit beleid soms lastig is omdat het moeilijk is mensen verantwoordelijk te maken voor het bestrijden van de misdaad.

Van der Schoot stelt dat het heel belangrijk is om de georganiseerde criminaliteit integraal aan te pakken: de opsporingsdiensten, de publieke en de private sector moeten goed samenwerken. Vooral het uitwisselen van informatie is cruciaal. In de praktijk loopt dit nu nog niet altijd even soepel. Daarnaast zou informatie ook met het buitenland gedeeld moeten worden want georganiseerde misdaad stoort zich lang niet altijd aan de landsgrenzen.

Volgens van der Schoot worden de preventieve maatregelen tegen de georganiseerde misdaad nog niet goed genoeg uitgevoerd. De maatregelen verzanden bijvoorbeeld doordat andere doelen voorgaan of door een te grote mate van bureaucratie. Het Bureau Integriteit bijvoorbeeld richt zich op een te groot scala aan integriteitschendingen waardoor het bureau weinig tegen de georganiseerde criminaliteit kan beginnen. Bij anti-witwasmaatregelen doet de bureaucratie de maatregel de das om: alle aandacht is gericht op de handhaving van de meldplicht waardoor er geen tijd meer is om ook nog wat te doen met de meldingen.

Het proefschrift van Cathelijne van der Schoot heet Preventie van georganiseerde criminaliteit in Nederland. Beoordeling van de effectiviteit van preventieve maatregelen.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 06 februari 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.