Je leest:

Politiek: presentatie minstens zo belangrijk als inhoud

Politiek: presentatie minstens zo belangrijk als inhoud

Auteur: | 3 februari 2011

Veel burgers vinden dat politiek om de inhoud zou moeten draaien: politici moeten hun politieke standpunten en plannen duidelijk naar voren brengen en burgers bij verkiezingen overtuigen op basis van hun politieke programma. Toch blijkt keer op keer dat politiek niet alleen om de inhoud draait, maar ook om hoe de politiek in beeld komt en in de media wordt gepresenteerd. Om kiezers te winnen, moeten politici niet alleen een goed inhoudelijk verhaal hebben; zij moeten zich ook op een aansprekende manier presenteren.

Een goed voorbeeld van een politicus die zich goed in de media wist te presenteren was Pim Fortuyn. Hij had een opvallende stijl, gebruikte eenvoudige oneliners en presenteerde zichzelf als de nieuwe minister-president: hij woonde in een ‘paleis’: Palazzo di Pietro, had een auto met chauffeur, ging op de foto met zijn twee hondjes Clara en Kenneth en had bovendien een butler. Hij sprak de ‘taal van het volk’ en presenteerde zichzelf als iemand die daadkrachtig de problemen van het land zou gaan oplossen als hij aan de macht zou komen. Hoewel onduidelijk is of de vele kiezers op Fortuyn stemden vanwege zijn politieke programma of zijn charismatische uitstraling, kon Fortuyn door zijn opvallende verschijning in ieder geval veel aandacht trekken en in korte tijd zeer bekend worden.

Het is al langer bekend dat het belangrijk voor politici is hoe ze in de media naar voren komen. In de jaren zestig werd in de Verenigde Staten voor het eerst een debat tussen presidentskandidaten op televisie uitgezonden. Veel burgers hadden toen nog geen televisie en luisterden naar het debat op de radio. Na het debat konden kijkers en luisteraars aangeven wie het debat gewonnen had: Kennedy of Nixon. De televisiekijkers kozen massaal voor Kennedy, die er jong, verzorgd en fris uitzag, en niet voor de vermoeid uitziende Nixon. De radioluisteraars hadden de kandidaten alleen gehoord en kozen op basis daarvan voor Nixon. Dit was een eerste aanwijzing dat presentatie in de politiek wel degelijk belangrijk is. Sindsdien lijkt de uitstraling en presentatie van politici alleen maar belangrijker geworden.

Fragment uit het eerste nationaal uitgezonden televisiedebat tussen Kennedy en Nixon (1960).

Ook in de Nederlandse politiek doen politici en hun adviseurs verwoede pogingen om met hun partij zo goed mogelijk in de media te komen in de hoop dat dit hen bij de volgende verkiezingen zoveel mogelijk kiezers oplevert. Er bestaan vier belangrijke manieren waarop politici en hun adviseurs dit voor elkaar proberen te krijgen: door het taalgebruik van de politicus aan te passen, door bepaalde karaktereigenschappen te benadrukken, door politici alleen te laten optreden in een omgeving waarin ze goed kunnen overkomen, en door politici alleen in bepaalde media te laten optreden. Deze vier manieren om aandacht te besteden aan de presentatie van politici worden hieronder besproken.

Duidelijke taal

Politici als Pim Fortuyn en Geert Wilders staan bekend om hun harde, duidelijke taal. Zij proberen zo duidelijk mogelijk te zeggen wat zij denken zodat burgers weten waar ze voor staan. Volgens politici als Wilders zou dat bij andere politici minder het geval zijn, omdat zij met ‘meel in de mond’ praten. Maar het aanpassen van het taalgebruik van een politicus om kiezers aan te spreken komt veel vaker voor. Politici proberen vaak hun boodschappen vooral in eenvoudige woorden te vertellen zodat burgers de boodschap goed kunnen begrijpen. Ook moeten politici goed nadenken welke uitspraken ze doen, want ondoordachte uitspraken kunnen in de media een heel ander beeld oproepen dan ze willen. PvdA-politicus Rob Oudkerk gebruikte ooit spontaan het woord ‘kutmarokkanen’, wat een heel ander beeld gaf van de PvdA-standpunten over de multiculturele samenleving dan de partij normaal naar voren brengt. Een belangrijke les is dus: denk goed na over wat je zegt en hoe je dat doet.

Positieve karaktereigenschappen benadrukt

Een andere manier waarop politici aan hun presentatie kunnen werken is door zichzelf als een bepaalde persoonlijkheid te presenteren, die specifieke karaktereigenschappen heeft. Fortuyn presenteerde zichzelf als een leider, omdat hij graag gezien wilde worden als de nieuwe minister-president. Door zichzelf neer te zetten als leider, of als premier ‘voor alle Nederlanders’, zouden burgers vertrouwen in een politicus moeten krijgen. Politici willen vooral positieve eigenschappen benadrukken, zoals hun duidelijkheid, persoonlijke visie, debatvaardigheden of hun rol binnen hun gezin. Maar ook hier moeten politici oppassen: als politici te veel nadruk leggen op een bepaald imago, kunnen journalisten daar ook juist negatief over gaan schrijven en worden ze minder serieus genomen.

Een gunstig decor

Politici proberen ook in een bepaalde setting in beeld te komen, zodat ze een positieve indruk kunnen maken op de kiezer. Een goed voorbeeld is de persconferentie van de minister-president. Vroeger zat hij achter een klein tafeltje, maar nu staat hij achter een lessenaar, waarmee hij voor kijkers overkomt als een staatsman. Politici komen graag in beeld op plaatsen waar jonge mensen of kinderen zijn, omdat ze daarmee uitdrukken dat ze ‘voor de toekomst’ staan. Ook laten politici zich zo in beeld brengen dat het lijkt alsof ze veel aanhangers hebben. Een probleem van politici is hierbij dat ze niet altijd invloed hebben op de manier waarop ze in beeld worden gebracht. Vaak maken journalisten deze keuzes zelf, en moeten politici maar afwachten hoe ze in beeld komen. Als politici te veel nadruk leggen op hun wensen, kan dat wederom in hun nadeel werken.

Televisieregie in eigen hand

Een laatste manier waarop politici proberen het beeld van zichzelf te bepalen is na te denken in welke media ze wel en welke ze niet willen optreden. Politici denken na over welke programma’s voor hen belangrijk zijn, wie daarnaar kijken of ze in het programma hun boodschap kwijt kunnen. In een programma als Buitenhof kunnen politici meer over de inhoud vertellen dan in een talkshow als Pauw & Witteman. Politici gaan met programmamakers in onderhandeling in welke programma’s ze optreden, over welke thema’s ze zullen praten en wie de andere gasten zullen zijn. Politici willen soms op voorhand garanties welke thema’s ze wel en niet gaan bespreken en met wie. Ook nu geldt dat politici wel een poging kunnen doen programmamakers te beïnvloeden, maar dat succes nooit gegarandeerd is.

Tegenwoordig staat de premier bij persconferenties achter een lessenaar. Zo komt hij meer over als een staatsman. Met zijn eigen minister-president Flickr-account (met cc-licentie natuurlijk!) kan Rutte controle uitoefenen op hoe hij in beeld wordt gebracht.
Minister-president

Maar heeft dit nou ook allemaal effect?

Politici hebben dus uiteenlopende mogelijkheden om te proberen het beeld wat er van hen ontstaat te beïnvloeden. Ze kunnen dit deels zelf doen door te werken aan hun taal en hoe ze hun standpunten presenteren, maar deels zijn ze ook afhankelijk van anderen, bijvoorbeeld van de vraag of programmamakers mee willen werken aan hun wensen in bepaalde programma’s op te treden en bepaalde onderwerpen te bespreken. Een bijkomend probleem is dat politici misschien wel op de door hen gewenste manier in de media komen, maar dat ook dan onzeker is of de kijker dit ook heeft weten te waarderen.

Leidt al deze aandacht voor de presentatie van politici ertoe dat er steeds minder aandacht komt voor de inhoud van de politiek? Ook dit is onzeker. Veel adviseurs van politici gaan ervan uit dat er geen tegenstelling bestaat tussen inhoud en presentatie. Volgens hen is het juist belangrijk ook na te denken over de presentatie van politici, omdat een goede presentatie het makkelijker voor politici maakt hun standpunten naar voren te brengen en het ook aantrekkelijker wordt voor kijkers om politieke informatie te vergaren.

Toch is niet iedereen het hiermee eens: vooral journalisten die werken voor serieuze nieuwsmedia denken dat veel aandacht voor de presentatie van de politiek ertoe zal leiden dat er steeds minder aandacht is voor de inhoud. Waarschijnlijk hebben zowel voorlichters als journalisten een beetje gelijk: enige aandacht voor hoe politieke standpunten worden gepresenteerd kan geen kwaad, maar dit moet de politieke inhoud niet gaan overvleugelen.

Chris Aalberts is docent en onderzoeker politieke communicatie. In 2010 verscheen zijn boek ‘U draait en u bent niet eerlijk’: spindoctoring in politiek Den Haag.

Zie ook

Dit artikel is een publicatie van Kennislink (correspondentennetwerk).
© Kennislink (correspondentennetwerk), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 03 februari 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.