Je leest:

Planten eerder populair bij oermens

Planten eerder populair bij oermens

Auteur: | 31 oktober 2010

Jagers en verzamelaars. Zo werden oermensen uit het Paleolithicum vaak gezien. Deze theorie ligt nu aan diggelen voor oer-Europeanen uit het Late Paleolithicum van zo’n 30.000 jaar geleden. Zij aten namelijk wel degelijk planten.

De oermensen uit het Paleolithicum (de oude steentijd van 2,5 miljoen tot ca. 12.500 jaar geleden) werden tot voor kort exclusief als jagers gezien. In dat beeld is het afgelopen decennium echter een kleine kentering gekomen. Onderzoek uit Israel, Tsjechië en Griekenland laat zien dat planten mogelijk een belangrijk onderdeel waren van het dieet van de oermens. Waarschijnlijk werden stenen gebruikt om plantenmateriaal fijn te malen. Onomstotelijk bewijs was er tot op heden nog niet, maar nieuw onderzoek van Anna Revedin (Istituto Italiano di Preistoria e Protostoria, Florence, Italië) gepubliceerd in Proceedings of the National Academy of Sciences bewijst de theorie voor het Late Paleolithicum, zo’n 30.000 jaar geleden. Op het menu van de oermens stond namelijk zetmeel!

“Ons onderzoek levert het eerste bewijs ter wereld van het malen van plantaardig materiaal voor voedsel zoals zetmeel,” vertelt Anna Revedin aan Kennislink. “Wij herdefiniëren de rol van planten in het dieet in het Paleolithicum.”

De maalsteen en de stamper uit Italië.
Istituto Italiano di Preistoria e Protostoria www.iipp.it

Zetmeel

De bewijzen komen uit drie landen: Italië, Rusland en wederom Tsjechië. In Italië vonden de onderzoekers plantenoverblijfselen op zowel een maalsteen als een stamper, terwijl ze in Rusland en Tsjechië plantenmateriaal op een stamper aantroffen. Omdat het materiaal zo fijn is gestampt, was determinatie van de zetmeelkorrels afkomstig van de wortelstokken en wortels een moeilijke klus voor de onderzoekers. Toch konden ze vaststellen dat het mogelijk ging om korrels van de egelskop (Sparganium), maanvaren (Botrychium), grassen, en zelfs lisdodde (Typha).

Aangenomen dat de korrels niet toevallig op de werktuigen waren beland, toont dit onderzoek aan dat de oermens een gevarieerd dieet had van plantaardig materiaal. Vooral de maanvaren en de lisdodde werden veel aangetroffen. Wellicht niet toevallig omdat deze rijk zijn aan zetmeel. Met andere woorden: veel koolhydraten en energie.

Experimenteel bewijs toont aan dat de maalsteen en de stamper effectief zijn in het fijnmalen van plantaardig materiaal.

Bereiding

Volgens de wetenschappers pelde de oermens de wortel(stokken) eerst, waarna het vervolgens gedroogd en fijngemalen werd. Echter, daarmee was het karwei nog niet af want het rauw opeten van het fijngestampte plantenmateriaal levert weinig energie op. Daarom moest het gekookt worden. De oermens gebruikte dus een groot aantal ingewikkelde handelingen voor de bereiding van het zetmeelrijke voedsel.

“Deze technologie werd tenminste 30.000 jaar geleden over heel Europa gebuikt, ruim voordat de landbouw op komst was,” vertelt Revedin. De landbouwrevolutie vond namelijk pas plaats rond 11.000 jaar geleden in het Neolithicum.

Voor de Russische vindplaats is dit resultaat vooral opvallend omdat het 30.000 jaar geleden niet bepaald warm was. Het laatste glaciaal, het Weichselien, was aan de gang, maar nog niet op haar hoogtepunt, zo’n 20.000 jaar geleden. Blijkbaar kon de mens toch nog overleven in de al barre omstandigheden. Met behulp van plantenvoedsel!

Bron:

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 31 oktober 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.