Je leest:

Parkinson tast ook taalvermogen aan

Parkinson tast ook taalvermogen aan

Auteur: | 11 februari 2011

Bij de ziekte van Parkinson zien de meeste mensen meteen prins Claus voor zich: schuifelende pasjes, trillende handen en het gezicht bewegingsloos als een masker. Wat niet veel mensen weten is dat ook het taalvermogen bij patiënten met Parkinson is aangetast. De Groningse Katrien Colman deed er onderzoek naar.

Prins Claus leed aan de ziekte van Parkinson. Andere bekende patiënten zijn paus Jonhannes Paulus II en Michael J. Fox.

De ziekte van Parkinson is een verouderingsziekte die wordt veroorzaakt door een tekort aan dopamine, een neurotransmitter in de hersenen. Dat is een stofje dat er voor zorgt dat hersencellen goed met elkaar kunnen communiceren. Door het tekort treden de bekende motorische problemen op van trillende handen, stijve ledematen en gebogen lopen met schuifelende pasjes.

Maar de patiënt heeft meer problemen: vaak komen ook depressie, angst en incontinentie om de hoek kijken. Uit onderzoek van de Groningse promovenda Katrien Colman blijken ook taalproblemen een onderdeel van Parkinson te zijn.

Flexibel

Colman onderzocht voor haar promotieonderzoek het taalvermogen van Nederlandse patiënten met de ziekte van Parkinson. De taalproblemen die ze bij hen vond passen bij de bekende Parkinson-problemen met uitvoerende hersenfuncties. Dit zijn functies die het mogelijk maken om je eigen gedrag aan te sturen in nieuwe, niet-routinematige situaties. Ze zorgen er bijvoorbeeld voor dat je flexibel problemen kunt oplossen, consequenties kunt doorzien en dat je een systematisch plan kunt bedenken. Al deze functies komen ook goed van pas als je een gesprek met iemand voert.

Zo is het dankzij de uitvoerende geheugenfunctie mogelijk om lange, ingewikkelde zinsconstructies te begrijpen. Voor iemand met Parkinson is dit heel moeilijk: voor hij het einde van een zin heeft bereikt, is hij het begin alweer vergeten. De verminderde flexibiliteit zorgt ervoor dat hij moeite heeft om van onderwerp te veranderen, zelfs als daar wel aanleiding toe is. En doordat de patiënt minder goed systematisch kan plannen, wordt het ook moeilijk om zinnen grammaticaal correct samen te stellen.

Afasie

De taalproblemen bij de ziekte van Parkinson lijken op de problemen die afasie-patiënten hebben. Toch is er een duidelijk verschil, zo blijkt uit Colmans onderzoek. Bij afasie-patiënten is – meestal als gevolg van een hersenbloeding – het grammaticaal vermogen aangetast. Zij kunnen bijvoorbeeld werkwoorden niet meer goed vervoegen of hebben moeite met het vinden van het juiste woord. Parkinson-patiënten kunnen dit in principe prima maar komen er soms toch niet uit, bijvoorbeeld doordat ze de zin niet meer kunnen overzien.

Het onderzoek toont aan dat de taalproblemen van Parkinsonpatiënten serieuze aandacht verdienen. Colman: “Als de communicatie moeilijk verloopt, hoeft dat absoluut niet te betekenen dat de patiënt moe of depressief is, of dat hem iets aan zijn verstand zou schelen.” De patiënt is er dan wel mee geholpen als men in eenvoudige zinnen met hem communiceert, maar een kinderlijke behandeling is misplaatst. Colman: “We kunnen patiënten veel leed besparen, als we hun taalproblemen beter leren begrijpen en op een passende manier met ze leren communiceren.”

Katrien Colman zal haar proefschrift “Behavioral and neuroimaging studies on language processing in Dutch speakers with Parkinson’s disease” 17 februari verdedigen aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 11 februari 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.