Je leest:

Ontsluiten van zestiende-eeuws ‘Facebook’

Ontsluiten van zestiende-eeuws ‘Facebook’

Adellijke dames in de zestiende en zeventiende eeuw hadden boekjes, waarin vrienden en gasten een boodschap achterlieten. Soms een heel gedicht, soms aangevuld met commentaar van anderen –’het is een soort Facebook avant la lettre’, aldus Johan Oosterman, hoogleraar Oudere Nederlandse letterkunde aan de Radboud Universiteit. Hij leidt onderzoek naar deze boekjes en heeft voor een publieksvriendelijke ontsluiting ervan geld nodig, dat hij wil verzamelen via crowdfunding.

Vrouwenalba (meervoud van vrouwenalbum) is de vakterm waarmee de vriendenboekjes van de zestiende- en zeventiende-eeuwse adellijke dames worden aangeduid. Daarvan zijn er in Nederland enkele tientallen bewaard, schat Oosterman. Zijn interesse gaat vooral uit naar alba uit Oost-Nederland en het aangrenzende Duitse gebied. ‘Het is meer cultuurgeschiedenis dan literatuurgeschiedenis, al worden er soms bekende schrijvers geciteerd. De alba geven zicht op het sociale leven van de adel in de regio, in een belangrijke periode: de tijd van de Tachtigjarige Oorlog, het ontstaan van de Republiek…’

Lynden
Lied en spreuken. Album Johan van Lynden (Nijmegen? ca. 1560). Arnhem, Gelders Archief, Van Batenborch Stichting
Radbout Universiteit Nijmegen

De alba zijn het Facebook van de zestiende eeuw. Ze laten sociale netwerken zien en wat de wensen en commentaren ook duidelijk maken, is ‘dat de behoefte om vriendschappen zichtbaar te maken, ook toen al bestond. Men had er plezier in om in elkaars boekje te schrijven ’ik vind jou leuk’, ‘wat was het weer gezellig’ – of woorden van die strekking.’ De boekjes bevatten niet alleen namen en korte spreuken, maar ook liedjes, afbeeldingen en bijvoorbeeld commentaar over de geschiktheid van bepaalde personen als huwelijkskandidaat.

Toegankelijk maken

De vrouwenalba zijn, zelfs voor kenners, lastig om te lezen: het schrift uit die tijd is vaak onduidelijk. Maar in de afgelopen jaren hebben studenten van Oosterman al diverse alba ontcijferd en beschreven, waarbij ook het netwerk van een album zo goed mogelijk in kaart is gebracht. Inmiddels is een promovenda fulltime aan de slag met de alba, daarbij geassisteerd door enkele studenten.

Daarnaast is er een projectgroep opgericht, met daarin ook vertegenwoordigers van de Koninklijke Bibliotheek (KB), die de grootste collectie vrouwenalba heeft; de Hoge Raad van Adel, eigenaar van een kleine collectie, ‘maar wel een van de belangrijkste’; de Van Batenborch Stichting, eigenaar van het album van Johan van Lynden, een voor het Nijmeegs onderzoek erg belangrijk album, rond 1556 begonnen door een man maar later overgenomen door een vrouw; en het Gelders Archief, waar het Van Lynden-album ligt, en archieven van de in de alba genoemde families. Al deze instanties zijn het over één ding eens: de vrouwenalba moeten voor een breed publiek toegankelijk worden gemaakt en ook door anderen te bestuderen zijn.

Tastbaar verleden

Rutghera van eck
Wapenschild en adellijke dame. Album Rutghera van Eck (Zutphen, begin 17e eeuw). Den Haag, Hoge Raad van Adel.
Radbout Universiteit Nijmegen

Daarom wil de projectgroep de alba ontsluiten via een website: daarop komen facsimiles van de albumpagina’s te staan met transcripties en toelichtingen. ‘Vervolgens willen we in kaart brengen, met google maps, hoe dat netwerk geografisch in elkaar stak. En dat willen we ook zichtbaar maken via Facebook: we geven de adellijke vrouwen hun eigen account, en nemen de toenmalige vrienden op in hun netwerk, samen met hun inscripties die prikbordberichten worden. Bovendien wil de projectgroep alba uitgeven en studiedagen organiseren.

Allemaal extra’s die uit het materiaalbudget van één promovendus niet te bekostigen zijn en waarvoor de betrokken instanties ook geen fondsen hebben. ‘Dan ontstaat een situatie waarin wij, de onderzoekers, prachtig materiaal verzameld hebben, zonder dat dit breder toegankelijk is. Maar de alba ontsluiten zonder dat anderen er iets aan hebben, is verspilde moeite. Juist deze boekjes zijn vaak zó concreet te verbinden aan bepaalde plaatsen en families in de regio. Het verleden wordt heel tastbaar.’

Crowdfunding

Subsidies voor dit soort zaken zijn er tegenwoordig echter niet veel meer. En zo kwam de projectgroep tot het plan om het ‘publieksvriendelijke’ deel van het vrouwenalbaproject te laten financieren via crowdfunding. Daarbij kunnen particulieren direct geld doneren om het project mogelijk te maken. Het is een financieringsmethode die in Nederland binnen de culturele sector in opkomst is; binnen de wetenschap wordt er nog nauwelijks mee gewerkt.

Clara de beers
Twee pagina’s met korte inscripties. Album van Clara de Beers (Beers, ca. 1600). Den Haag, Koninklijke Bibliotheek
Radbout Universiteit Nijmegen

Het is spannend of het gaat lukken: het streefbedrag van de Stichting Alba Amicorum is 30.000 tot 40.000 euro, te besteden aan de publieksvriendelijke ontsluiting van de alba. Wie er meer over wil weten, kan terecht op de website www.alba-amicorum.nl waar ook de voortgang van het onderzoek te volgen is. Alle giften zijn welkom: een ondergrens per donatie stelt de stichting vooralsnog niet.

Wel zal er enig verschil zijn in ‘tegenprestatie’: minimaal ontvangt een donateur een nieuwsbrief en een uitnodiging voor lezingen en een symposium over het album van Johan van Lynden, dat komend najaar zal plaatsvinden. Bij hogere donaties denkt de projectgroep aan extra’s als een speciale ontvangst bij betrokken instellingen.

En als het streefbedrag niet gehaald wordt? Oosterman: ‘Dan gaat het Vrouwenalbaproject toch door, maar kunnen we minder doen aan die ontsluiting voor een groter publiek. Of het gaat allemaal langer duren. Maar ik hoop natuurlijk van harte dat het zo ver niet komt.’

Dit artikel is een publicatie van Radboud Universiteit Nijmegen.
© Radboud Universiteit Nijmegen, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 28 februari 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE