Je leest:

Ontmoeting met Nobelprijswinnaars

Ontmoeting met Nobelprijswinnaars

Auteur: | 5 juli 2012

In de eerste week van juli komen 28 Nobelprijswinnaars en bijna 600 jonge onderzoekers uit de hele wereld bij elkaar in het Duitse plaatsje Lindau. Tijdens deze zogeheten Lindau Nobel Laureate Meeting wisselen ze ideeën uit en proberen de ‘groten’ de jonge generatie te inspireren. Kennislinkredacteur Barry van der Meer is erbij en zal in een blog zijn indrukken delen.

Donderdag 5 juli – Een geweldige sfeer

“Als je succesvol wilt zijn, word ergens een expert in!” Dat was één van de adviezen die Nobelprijswinnaar Dan Shechtman (vorig jaar, in de scheikunde) de jonge generatie mee wilde geven. Hij kan het weten. Omdat hij ergens echt heel goed in was, ontdekte hij iets wat niemand eerder had gevonden. Vanochtend vertelde hij waanzinnig goed over zijn claim to fame.

Daniel Shechtman won de Nobelprijs van de Scheikunde in 2011. Zijn verhaal is bijzonder. Hij bewees het ongelijk van de rest.
Iowa State University

Shechtman was de eerste die in de jaren tachtig kristallen ontdekte die niet de periodiciteit hadden als alle andere op dat moment bekende kristallen. Tien jaar lang werd hij niet serieus genomen, totdat een nieuwe techniek – TEM om precies te zijn – zijn gelijk aantoonde. “Blijf altijd in jezelf geloven”, drukte hij zijn publiek op het hart. En als hij het zegt, neem je het net even serieuzer.

De ochtend had überhaupt wel iets met wijze lessen. Nobelprijswinnaar Robert Laughlin (fractioneel quantum Hall effect, 1998) had de boodschap dat het energieprobleem iets heel anders was als het redden van de aarde. Het stemde tot nadenken. Net als het verhaal van Sir Harold Kroto (ontdekking ‘buckyball’, 1996). Hij benadrukte het belang van wetenschap voor de maatschappij. Veel mensen, vooral politici, waren dat in zijn ogen vergeten. “Wetenschap gaat over feiten. Bewijs is alles”, zo zei hij.

Een speciale vermelding gaat uit naar Walter Kohn, Nobelprijswinnaar in 1998 voor zijn bijdrage aan de dichtheidsrekening van elektronische structuren. De beste man is inmiddels 89 jaar en dat komt een vlotte presentatie helaas niet ten goede. Hij vertelde over een technologie om mensen met een oogafwijking te laten lezen, maar zijn pauzes tussen de zinnen waren soms zo lang dat weinig mensen het nog volgden. Van de Nobelprijswinnaars zaten er zelfs op een gegeven moment – ik heb het geteld – zeven te knikkebollen. Ach, het hoort er allemaal bij.

Nobelprijswinaar James Cronin in gesprek met een jonge onderzoekster.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting

Inmiddels is het donderdagavond laat en zit de week er voor mij op. Op het programma staat voor morgen nog een boottocht, maar dan zit ik al in de trein naar huis. Vanavond werd het programma wel mooi afgesloten met een gezellig diner en feestje in Beierse stijl. Dat was extra leuk, omdat ik ook eindelijk de Nederlandse vertegenwoordiging ontdekte (iedereen moest in traditionele kledij, dus de oranje shirts vielen op). De Nederlanders hadden allen een mooie week gehad. Ze waren erin geslaagd – soms met moeite – om wat Nobelprijswinnaars te spreken. Een enkele had er zelfs mee geluncht. En ze waren zeer te spreken over het enthousiasme van de andere onderzoekers en de goede sfeer.

De sfeer: dat is wat op mij het meeste indruk heeft gemaakt. Een week lang volledig in het teken van natuurkunde, en alles wat hieraan fascineert: geweldig. Iedereen heeft liefde voor het vak – en over wetenschap in het algemeen – en praat daar graag over. Het werkt erg inspirerend. Ik kan iedere jonge onderzoeker aanraden hier een keer heen te gaan. Voor mij was het een unieke ervaring.

Woensdag 4 juli – Higgs, Higgs, Higgs

Het was natuurlijk te verwachten dat deze dag volledig in het teken van het Higgsdeeltje zou staan. Om 9.00 uur zouden tijdens een bijeenkomst bij CERN de nieuwste metingen worden gepresenteerd en dat wilde ik niet missen. Ik besloot de ochtendlezingen te skippen en in mijn hotelkamer live de webcast mee te kijken. Het internet in de conferentiezaal is namelijk al dagen zeer gebrekkig. Het is niet voor iedereen nieuws blijkbaar, want de schoonmaakster van het hotel had er totaal geen aandacht voor.

Om 11.00 uur was in het programma ruimte vrijgemaakt om live de persconferentie vanuit CERN mee te kijken. Ik zorgde dat ik rond deze tijd in de zaal was, want ik wilde natuurlijk wel zien wat de reactie was van de fysici op het bijzondere nieuws. Hier geen emotionele taferelen zoals in de zaal bij CERN, het bleef zelfs relatief rustig in de zaal. Wel werd er regelmatig geklapt en gelachen om de zeer directe antwoorden van CERN-directeur Rolf Heuer. Ik denk dat de meesten het nieuws al hadden vernomen.

De zaal kijkt live mee met de persconferentie vanuit CERN.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting

Het voordeel van hier zijn is dat er een aantal Nobelprijswinnaars rondlopen die hebben bijdragen aan het Standaardmodel, waar het Higgsdeeltje het laatste puzzelstukje van is – kun je mooi direct horen wat ze van de ontdekking vinden. Martinus Veltman, David Gross, Carlo Rubbia en George Smoot (zie eerdere blogs voor hun werk) gaven tijdens een persconferentie en een discussiesessie – waarin ook live verbinding was met CERN – hun commentaar.

Ze waren allen zeer enthousiast over het nieuws. Goed, Veltman sprak van een ‘anti-climax’ – hij had stiekem gehoopt op een interessantere uitkomst dan een eenvoudig Higgsdeeltje – maar was onder de indruk. Rubbia bleek vooral lang van stof en prees de duizenden onderzoekers die hadden samengewerkt. George Smoot kwam terug op een suggestie die hij eerder deed dat de theorie van het Higgsdeeltje aanpassing nodig had. Hij bood zijn excuses aan – met een knipoog – en feliciteerde de theoretici die hun gelijk hebben gekregen.

Inmiddels is de conferentiezaal waarin ik dit typ nu bijna leeggelopen. Het programma van vandaag zit erop. Geen diner op het rooster, dus ik zal zelf iets moeten bedenken. Genoeg gezellige journalisten overigens, dus dat komt wel goed. Gisteravond was een leuke barbecue georganiseerd, waarbij ook inwoners van Lindau welkom waren. Je zag ze regelmatig in het publiek speuren naar de blauwe keycords (dat betekent: Nobelprijswinnaar) en wijzen als ze iemand hadden gespot. Tja, het komt ook niet elke dag voor dat je een biefstukje met Brian Josephson of Dan Shechtman kunt eten.

Nobelprijswinnaar Mario Molina (midden) ontspant bij de barbecue.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting

Het blijft trouwens bijzonder leuk om met de jonge onderzoekers te praten. Ze zijn erg nieuwsgierig naar journalisten en vertellen graag over hun eigen onderzoek. En ook de lezing van Ivar Giaever eerder deze week (ik schreef er maandag over) is nog steeds een populair gespreksonderwerp. Overigens zijn alle ‘jonge talenten’ die ik heb gesproken het zwaar oneens met Giaever. De jonge generatie neemt dus niet alles aan van Nobelprijswinnaars. Een geruststellende gedachte.

Dinsdag 3 juli – Open vragen in natuurkunde

“Als het Higgsdeeltje wordt gevonden staat dat gelijk aan een gesloten deur. Dat zou eigenlijk een slechte zaak zijn.” De Nederlandse Nobelprijswinnaar Martinus Veltman maakte de zaal vol jonge onderzoekers vanochtend duidelijk dat het een grotere verrassing zou zijn als ze het deeltje niet vinden. Het vinden van het deeltje zou weliswaar geweldig nieuws zijn, maar volgens Veltman ook nog een boel vragen open laten.

Dat was ook wel een beetje het thema van de ochtend: de openstaande vragen in de natuurkunde. Nobellaureaten Carlo Rubbia (meten van W- en Z-bosonen, 1983) en David Gross (belangrijke bijdrage aan sterke kernkracht, 2004) wezen op het succes van de huidige theorieën van de quantumfysica en het Standaardmodel, maar ook op de open plekken: de massa en gedaantewisselingen van neutrino’s, donkere materie, supersymmetrie en de versnelde uitdijing van het heelal. We gaan een fascinerende tijd tegemoet in de natuurkunde, dat lijkt zeker.

Martinus Veltman doet zijn verhaal.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting

Ik heb ook de persconferentie bezocht van Mario Molina, waar ik gisteren al over schreef. Hij wilde nog wel even ingaan op de lezing van Ivar Giaever: het betoog van Gaiever zat vol met fouten, het was een beschamende vertoning en Giaever had zijn autoriteit als Nobelprijswinnaar ernstig misbruikt. Molina wees er ook nog even fijntjes op dat Giaever op een heel ander gebied zijn prijs binnen had gehaald. Niet alle Nobelprijswinnaars zijn goede vrienden, zo bleek.

De combinatie van jonge onderzoekers en Nobelprijswinaars is leuk om te zien. Zo zie je vaak groepjes mensen om de veelal oude mannen drommen voor een handtekening of een foto, tijdens het diner mengen de laureaten zich in het jonge gezelschap en hier en daar zie je een enkeling die de exclusieve aandacht van een winnaar heeft. Mooi, dat enthousiasme waarmee de ‘jonkies’ de ‘oudjes’ bestoken met vragen en ideeën.

Morgen wordt het ‘Higgsdependence day’ – Cern maakt de nieuwste metingen van het Higgsdeeltje bekend – en in het programma is er veel ruimte voor vrijgemaakt. De persconferentie wordt live uitgezonden en een aantal laureaten zal reageren op de bekendmaking van de resultaten. Ik ben erg benieuwd naar hun mening.

Maandag 2 juli – En direct spektakel

Wat een bizar idee dat je gewoon in een hal koffie staat te drinken terwijl de een na de andere Nobelprijswinnaar langs je heen schuifelt. Je kunt ze gewoon aanraken! Goed, het zijn weliswaar geen popsterren, maar over het algemeen kun je deze mensen vrijwel niet bereiken. Nu kun je ze even aanstoten, een vraag stellen, een compliment maken over de lezing of een kort babbeltje maken. Dat is wat dit evenement erg bijzonder maakt.

Brian Schmidt vertelt over zijn theorieën waaraan hij zijn Nobelprijs te danken heeft.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting

Na een vrij onrustige nacht – gedoe met kapotte treinen, lang verhaal – kwam ik net op tijd het congrescentrum binnenwandelen. Naambadge en programmaboekje opgehaald om vervolgens de computer en papieren te installeren op de ‘perstribune’ (goed, een rij tafels waar kaartjes met ‘Presse’ op staan). Ik hoopte natuurlijk op een aantal boeiende lezingen, zodat ik niet tegen de slaap zou gaan hoeven vechten.

De eerste spreker, Brian Schmidt, viel wat dat betreft een beetje tegen. Schmidt won vorig jaar de Nobelprijs voor zijn onderzoek aan supernova’s, waarmee hij aantoonde dat het heelal versnelt uitdijt. In zekere zin gaf hij een goede brede context van zijn onderzoek, maar het forse aantal formules dat passeerde, maakte het toch een vrij stug verhaal.

Enfin, van Nobelprijswinaars is bekend dat het niet allemaal begenadigde sprekers zijn. De volgende twee ‘praatjes’ van John Mather en George Smoot (Nobelprijswinnaars in 2006) waren wat dat betreft wat amusanter. Mather en Smoot toonden aan dat de kosmische achtergrondstraling niet overal in het heelal hetzelfde is, wat ze hadden gebaseerd op waarnemingen van de COBE-satelliet. Mather gaf een interessante opsomming van de nieuwe generatie satellieten en telescopen, zoals de James Webb Space Telescope, ALMA en SKA. Het verhaal van Smoot blonk vooral uit in de zeer fraaie computersimulaties van ons heelal.

En toen moest het hoogtepunt nog komen. Er was een blokje ‘klimaatverandering’ ingeroosterd met de Nederlander Paul Crutzen, Mario Molina (wonnen samen in 1995 de Nobelprijs voor hun werk aan reacties van stikstofoxiden in de ozonlaag), Ivar Giaever en Hartmut Michel. Gaiever, die zijn prijs voor werk aan supergeleiding had gekregen in 1973, is een uitgesproken klimaatscepticus, en dat tegenover Crutzen en Molina die klimaatverandering als een reëel probleem zien.

Ivar Gaiever kreeg de lachers op zijn hand met zijn verhaal waarin hij de klimaatwetenschap als pseudowetenschap betitelde.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting

Gaiever maakte er een geweldig boeiend verhaal van, waarin hij nog eens inging op zijn geruchtmakende vertrek uit de American Physical Society vorig jaar. Deze natuurkundigenvereniging hield namelijk het standpunt aan dat klimaatverandering ‘onweerlegbaar’ is. Gaiever kon in zijn lezing met op het oog overtuigende argumenten aantonen waarom hij dat absoluut niet vindt. Hij is er stellig van overtuigd dat klimaatwetenschap een ‘pseudowetenschap’ is, ofwel dat de conclusie – klimaatverandering is een probleem – al vastligt. Hij gaf een vurig betoog, met veel humor. En de zaal genoot ervan.

Dat wordt nog wat morgen. Ik ben bij een persconferentie van Mario Molina (die dus vlak voor het verhaal van Gaiever een lezing gaf over het ‘probleem’ van klimaatverandering) en ik wil hem toch zeker even vragen wat hij van Gaievers verhaal vond. En verder staat de tweede Nederlandse Nobelprijswinaar op het programma, Martinus Veltman, geroemd om zijn wiskundige onderbouwing van een deel van het Standaardmodel. Ik kijk nu al erg naar zijn lezing uit. Hij zal ongetwijfeld vooruitblikken op het Higgsnieuws van woensdag.

Zondag 1 juli – De reis

Op weg naar Lindau. Terwijl ik dit eerste blogje typ zoeft het spoor vlotjes onder me door. De nachttrein waar ik in zit is een uurtje geleden vertrokken uit Utrecht. Het is nu bijna half tien en ik heb nog een lange reis – en waarschijnlijk een brakke nacht – voor de boeg. Rond acht uur morgenochtend zal ik dan, na zo’n twaalf uur treinen, aankomen in Lindau, aan de Bodensee in het zuiden van Duitsland.

Daar, op het eiland van Lindau, zal voor de 62e keer de zogeheten Lindau Nobel Laureate Meeting, of kortweg ‘Lindau-meeting’ plaatsvinden. Het is een fraai affiche: 28 Nobelprijswinnaars en bijna 600 jonge onderzoekers komen voor een week bij elkaar. De jonge garde leert van de ‘big names’ uit de wetenschap, zeg maar. Het is voor jonge onderzoekers een unieke kans om zeer laagdrempelig in contact te komen met beroemde namen en inspiratie en kennis van ze op te doen.

De oprichters van de Lindau Meeting: Franz Karl Hein (links), graaf Lennart Bernadotte (midden) en Gustav Parade (rechts).
Lindau Nobel Laureate Meeting

Twee Duitse onderzoekers uit Lindau, Franz Karl Hein en Gustav Parade, kwamen aan het begin van de jaren vijftig met het idee om de Duitse wetenschappers meer bij elkaar te brengen, nadat ze door de Tweede Wereldoorlog veelal geïsoleerd waren geraakt. Om veel internationale specialisten naar een congres te trekken waren grote namen nodig, dus ze benaderden graaf Lennart Bernadotte. Hij had goede contacten bij de Zweedse koninklijke familie en het Nobelcomité en zodoende lukte het om in 1951 de eerste meting met zeven winnaars van de Nobelprijs van de Geneeskunde rond te krijgen. Er kwamen 400 onderzoekers op af.

Het was een succes en sinds 1953 is elk jaar zo’n Lindau-meeting geweest. Iedere keer staat een ander ‘type’ Nobelprijs – dus geneeskunde, scheikunde of natuurkunde – centraal. Dit jaar is natuurkunde weer aan de beurt. Op het programma staan bekende namen als Sir Harold Kroto (ontdekker van de buckyball), Brian Schmidt (winnaar van vorig jaar, versnelde uitdijing van het heelal) en Brian Josephson (van het naar hem vernoemde effect).

Ik ben als wetenschapsjournalist een soort ‘toeschouwer’ van het geheel in Lindau. Ik mag de lezingen van de Nobelprijswinnaars allemaal bijwonen, maar de wetenschappelijke discussies die ze voeren met jonge onderzoekers zijn helaas besloten. Toch hoop ik genoeg van het inspirerende karakter op te snuiven. Het wordt een bijzondere week. In een paar dagen tijd zoveel beroemde namen zien – en wellicht kunnen spreken – waar je veel over hebt gehoord en gelezen. Ik kan dus maar beter nog even een paar uurtjes slaap pakken.

Een groepsfoto, met v.l.n.r.: Robert Laughlin, James Cronin, Brian Schmidt, John Mather, Theodor Hänsch, Paul Crutzen, John Hall, Mario Molina, William Philips, gravin Betina Bernadotte, George Smoot, Peter Grünberg, Hartmut Michel, Carlo Rubbia, Kurt Wüthrich, Walter Kohn, Roy Glauber en Dudley Herschbach.
Ch. Flemming/Lindau Nobel Laureate Meeting
Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 05 juli 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.