Je leest:

Onstoken klauwen voorkomen

Onstoken klauwen voorkomen

Auteur: | 20 maart 2007

Mortellaro klinkt fraaier dan stinkpoot, maar deze infectie van koeienpoten is toch ernstiger en pijnlijker. “Het stinkt ook meer”, zegt dr. Joan Somers, die voor zijn promotie koeienhoeven – klauwen zegt de kenner – inspecteerde op allerlei klauwaandoeningen, waaronder deze beide infecties. “Bij twijfel haal je je vinger tussen de klauwen door en je ruikt het verschil”, instrueert hij. “En je moet ook niet te beroerd zijn om vroeg op te staan”, voegt hij eraan toe.

Somers bezocht een jaar lang talloze koeienstallen door het hele land. Verdere beroepsongemakken: kou, koeienmest op je onderzoeksformulieren en af en toe een trap van een koeienpoot. Somers kon er prima tegen: “Ik vond het mooi om in de stallen te komen, om theorie en dataverwerking met veldwerk te combineren.”

Onderwerp van de epidemiologische studie waren klauwaandoeningen bij melkkoeien. De 1,5 miljoen melkkoeien in Nederland staan meestal op een betonnen vloer, die eigenlijk te hard is en allerlei klauwaandoeningen in de hand werkt, en daarmee loop- en gedragsafwijkingen.

Somers bracht het probleem diepgaand in kaart, en onderzocht bij ruim 7.500 koeien het effect van verschillende stalvloeren: betonnen vloeren, met of zonder roosters, en met of zonder mestschuif die de koeiemest wegveegt. Ook nam hij de ouderwetsere potstal mee, een betonnen loopvloer met daarachter een groot ligbed waar stro gestrooid wordt die zich vermengt met de mest.

Het promotie-onderzoek van Joan Somers viel binnen het programma Grenzen aan Welzijn en Dierlijke Productie. Dit programma was een gezamenlijk initiatief van STW, het NWO-gebied Aard- en Levenswetenschappen en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Het programma liep van 1997 tot 2004. Foto: Ivar Pel

Schrikbarend

De uitkomsten waren schrikbarend: maar liefst tachtig procent van de melkkoeien had last van één of meerdere klauwaandoeningen. Vooral de pijnlijke infectie Mortellaro is een groeiend probleem. “Koeien staan tegenwoordig minder in de wei, en zijn verder doorgefokt op melkproductie”, geeft Somers enkele oorzaken. Het best ging het met de koeien in de potstallen, die meestal op een zachtere ondergrond dan beton lopen en over een comfortabel ligbed beschikken.

Boeren zijn zich natuurlijk wel bewust van de problemen, zegt Somers, maar het is vaak erg lastig om van de infecties af te komen. “Je moet de klauwen laten bekappen – bij laten snijden – en regelmatig baden in desinfecterend middel. Daarmee kunnen de problemen alleen onder controle worden gehouden. Om Mortellaroinfecties voorgoed weg te krijgen, is een heel intensieve behandeling nodig.”

In een vervolgonderzoek bracht Somers het verloop van bepaalde klauwinfecties in kaart, en hun invloed op lopen en gedrag van de koeien. “Koeien met zere poten door infecties lopen moeilijk, al wordt dat in de stal vaak niet meteen opgemerkt”, zegt Somers, “Daarvoor moet je de koeien één voor één beoordelen, zoals wij gedaan hebben.” Koeien in een potstal bleken beter te lopen dan hun soortgenoten op de verschillende betonvloeren. Overigens hebben de aandoeningen, tenzij ze heel ernstig worden, nauwelijks invloed op de melkproductie, zo was al bekend.

In de jaren dat Somers zijn onderzoek deed, kwam er onder de melkveehouders steeds meer aandacht voor de klauwproblemen en dierenwelzijn. “Er is een discussie op gang gekomen over de betonvloeren, en alternatieven. Boeren willen er ook echt wat aan doen”, zegt de onderzoeker. De potstal alleen is niet de oplossing, omdat daarbij veel stro, extra arbeid, en extra aandacht voor uiergezondheid nodig zijn.

Foto:Ivar Pel

Rubber is beter

Een andere oplossing is een zachte, rubberen stalvloer. “Dan zie je al na een paar weken veranderingen bij de koeien”, merkte Somers, “Ze durven meer, zijn minder bang om uit te glijden. Het lijkt ook veel meer op gedrag in de wei, ze zijn wilder en bewegen zich natuurlijker.” Natuurlijk kost zo’n vloer geld, maar je ziet toch wel dat veehouders daar op overgaan.

Het vinden van veehouders die aan het onderzoek mee wilden werken, kostte Somers haast geen moeite. “Ik had er van tevoren een hard hoofd in of ze allemaal mee wilden doen. Je komt daar toch maar elke maand een hele dag in hun stal rommelen. Maar ze waren juist heel geïnteresseerd.” Ook de koeien zelf werkten prima mee. “Ik heb koeien beter leren kennen”, zegt Somers, zelf geen boerenzoon. “Je leert met ze omgaan. Het belangrijkste is om gewoon rustig te blijven. Het zijn zeker geen domme dieren, heel nieuwsgierig ook en met een eigen karakter. Het waren altijd dezelfde koeien van wie ik trappen kreeg.”

Somers, die tijdens zijn studie nooit de gedachte had te willen promoveren, koos desondanks bewust voor dit project. “Vanwege de combinatie met de praktijk, en vooral omdat het probleem me aansprak. Dan wil je ook helpen om een oplossing te vinden.” Inmiddels werkt Somers als zoötechnoloog bij een bedrijf in kalveren.

Hoewel het veldwerk aanpoten was, heeft de aio-dip, de beruchte onderzoeks-inzinking onder promovendi, zich bij Somers nooit aangediend. Het was door bijzondere omstandigheden eerder omgekeerd, vertelt hij. “Toen ik zes maanden bezig was, kreeg ik te horen dat ik lymfeklierkanker had. Dan wordt het ineens heel donker boven je.” Tussen de chemokuren door werkte Somers zo gauw hij het weer aankon. “Ik vond het fijn als ik weer een paar dagen de stallen in kon.” Na een jaar van ziekenhuisbezoeken ging het weer goed met zijn gezondheid en kon Somers zijn promotie-onderzoek voortzetten. Somers: “De opgelopen vertraging is gecompenseerd. Achteraf een geluk bij een ongeluk, aangezien het tweede onderzoek anders precies tijdens de MKZ-crisis was gevallen. Dan had ik niet eens de stallen in gemogen.”

De artikelen in de brochure Technologisch Toptalent 2005 werden geschreven door wetenschapsjournalist Bruno van Wayenburg.

Dit artikel is een publicatie van Technologiestichting STW.
© Technologiestichting STW, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 20 maart 2007
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.