Je leest:

Niet meer kleurenblind dankzij nieuw gen

Niet meer kleurenblind dankzij nieuw gen

Auteur: | 16 september 2009

Kleine aapjes die kleurenblind waren, kunnen voor het eerst in hun leven kleur zien nadat wetenschappers een nieuw gen in het oog injecteerden. Nog nooit lag het oplossen van kleurenblindheid bij mensen zo dicht binnen handbereik.

Kun je lezen welk getal hier staat? Zo niet, dan lijd je aan rood-groene kleurenblindheid. Nu nog pech hebben, maar vanaf vandaag is het waarschijnlijker dat je binnenkort behandeld kan worden voor kleurenblindheid.

Je kunt je leven op allerlei manieren kleurrijk invullen, maar voor wie kleurenblind is houdt het een keer op. De meeste kleurenblinden – vaker mannen dan vrouwen – zijn het omdat ze zo geboren zijn: kleurenblindheid zit dus in de genen. Hoe hard zij door training of goed geloof hun best doen om alsnog kleuren te zien, beter wordt het er niet van.

Een oplossing zou voorlopig niet komen, maar vandaag blijkt er voor kleurenblinden ineens veel hoop te zijn. Amerikaanse onderzoekers hebben namelijk kleurenblinde doodshoofdaapjes toch aan het kleurenzien gekregen, zo schrijven ze in het vakblad Nature.

Tada! Dalton, het kleurenblinde doodshoofdaapje, kan weer kleuren zien. Op deze overdreven bewerkte foto’s krijg je een indruk van hoe Daltons wereld er voor en na de behandeling uitzag. Ik zeg ‘overdreven’, want onze kleurenblinde lezers hebben laten weten wél een verschil te zien tussen de foto’s.
Dalton het doodshoofdaapje laat hier zien dat hij rood van grijs kan onderscheiden. Iedere keer als Dalton het goed deed, beloonden de wetenschappers hem met fruitsap.

De aapjes waren net als veel mensen kleurenblind geboren. Bij hen ontbrak het gen dat oogeiwitten maakt die rood licht ontvangen, waardoor ze roodgroen-kleurenblind waren. Om dat te verhelpen spoten de onderzoekers een nieuw gen in dat de groei van de rood-licht-eiwitten – rode kegeltjes dus – alsnog aanwakkert. Kijktoetsen wezen uit dat de aapjes inderdaad niet meer kleurenblind waren en zelfs net zo goed konden zien als hun soortgenoten die altijd al kleuren zagen.

Op zich is gentherapie voor kleurenblindheid niet nieuw, maar zo veelbelovend als nu is het nooit geweest. Vorig jaar kreeg een muis dezelfde gentherapie en kon daarna eveneens weer onderscheid maken tussen rood en groen. Maar omdat muizen weinig op mensen lijken, twijfelden veel onderzoekers of mensen met kleurenblindheid hier echt wat aan hadden. Nu mogen ze in hun handen wrijven, want als doodshoofdaapjes met gentherapie geholpen zijn, is de kans behoorlijk groot dat het voor mensen ook werkt.

Overigens hadden de doodshoofdaapjes na de behandeling wel enige training nodig voordat ze van de kleurenblindheid af waren. Na vier weken hadden de dieren nog moeite met verschillen tussen rood en groen, maar na zestien weken was dat voorbij. Toen konden ze evenveel kleur zien als hun gezonde soortgenoten.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink, en hoort bij het thema Ziekten genezen op Biotechnologie.nl.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 16 september 2009

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.