Je leest:

Naar de ortho door de oermens

Naar de ortho door de oermens

Auteur: | 2 december 2011

Heb je liever een dieet met zacht of hard voedsel? De oermens koos vanaf 10.000 jaar geleden voor het zachte voedsel met de ontwikkeling van de landbouw. Een niet voorzien gevolg was dat het gebit hierdoor veranderde…

Een derde van de kinderen heeft een gaaf gebit, nog een derde deel heeft absoluut een beugel nodig en nog eens 33% zit er tussenin. In Nederland krijgt maar liefst 45% van de kinderen dan ook een beugel. Maar waarom zoveel kinderen scheve en/of onjuist geplaatste tanden hebben was lange tijd het grote raadsel. Dat raadsel is nu beantwoord door Noreen von Cramon-Taubadel (Universiteit van Kent, Engeland) in een artikel in het wetenschapsblad Proceedings of the National Academy of Sciences.

Vroege landbouw

Zo’n 10.000 jaar geleden ontstond de landbouw in het Midden-Oosten. In de millennia daarna verspreidde dit fenomeen zich onder meer naar Europa. In Nederland arriveerde de landbouw uiteindelijk zo’n 8000 jaar geleden. Het dieet van de oude Homo sapiens veranderde hierdoor: jagers en verzamelaars aten voornamelijk hard voedsel waaronder vlees, terwijl de landbouwers zachter, meer plantaardig voedsel aten. Dit vereiste minder kauwen voor de landbouwers.

Meetwerk

Wat het gevolg daarvan is, wilde Von Cramon-Taubadel graag weten. Ze onderzocht schedels van elf tegenwoordige populaties: zes daarvan hebben een dieet gebaseerd op landbouw- en veeteeltproducten en vijf populaties eten voornamelijk vlees, vis en wat men verzamelde. Deze populaties komen uit verschillende delen van de wereld: van Japan tot Groenland en van Australië tot Italië. Von Cramon-Taubadel mat onder meer de lengte en breedte van de kaakdelen alsook andere delen van de schedel.

Dieet

Het dieet had haar weerslag op de vorm van de kaak. De jagers en verzamelaars hebben een lange, smalle kaak, terwijl de landbouwers een relatief brede, korte kaak hebben. Daarnaast bleek ook het voorste gedeelte van het gehemelte anders van vorm. Volgens Von Cramon-Taubadel kunnen de verschillen tussen de twee groepen niet verklaard worden door verschillen in de locatie van de populaties, klimaat en de genetische geschiedenis. Hierdoor blijven er twee theorieën over hoe de kaak veranderd kan zijn na de introductie van de landbouw: kinderen passen de groei van hun kaken aan het zachtere voedsel aan, of de kaak is al anders bij de geboorte.

De volwassen tanden komen er door. Spannend voor kind en ouders: zit alles op zijn plaats na het wisselen?

Jonge proefpersonen vinden om de eerste optie te testen is uiteraard uit den boze. Een uitkomst biedt echter een eerder onderzoek aan klipdasachtigen. Van jonge dieren die zachter voedsel aten, bleek onder meer de kaak langzamer te groeien. Mogelijk is aanpassing in de kindertijd dus het antwoord.

Blijft er nog één vraag over: hoe zit het nu met die scheve tanden? Het kauwen duurt korter en is minder intensief bij zachter voedsel. Hierdoor groeit de kaak langzamer dan de kaak van jagers en verzamelaars. De tanden worden echter niet kleiner bij de landbouwers, waardoor ze dus in het nauw komen door de kortere kaak. Hierdoor gaan tanden scheef groeien en/of komen op een iets verkeerde plaats terecht. In dat laatste geval is de occlusie van het gebit niet meer optimaal.

De overgang van jager/verzamelaar naar landbouwer 10.000 jaar geleden had dus grote gevolgen voor het gebit. Geen wonder dus dat veel kinderen tegenwoordig naar de orthodontist gaan. De uitvinding van de landbouw kan dus onverwacht kostbaar blijken voor hedendaagse ouders.

Bronnen:

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 02 december 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.