Je leest:

Muziek is net broccoli

Muziek is net broccoli

Verborgen patronen

Auteur: | 23 februari 2012

Sneeuwvlokjes, verkeersstromen en overstromingen: ze hebben allemaal een fractale structuur. Componisten door de eeuwen heen hebben diezelfde structuur in hun muziek verwerkt. Ons brein is blijkbaar dol op die patronen.

darwin Bell, Wikicommons

De Nederlandse componist Peter Schat noemde het ‘de rede van de droom’: de wiskundige regelmaat die je vindt in muziekstukken die intuïtief, in een moment van inspiratie tot stand zijn gekomen. Waarschijnlijk niet bewust door de componist toegevoegd, maar desalniettemin: een duidelijk herkenbaar patroon.

De Amerikaanse muziekwetenschapper Daniel Levitin heeft nu precies zo’n patroon ontdekt, dat kenmerkend is voor heel veel muziek, schrijft hij in PNAS.

Een patroon dat je terugvindt in de jaarlijkse overstromingen van de Nijl, in de verkeersstromen op drukke snelwegen, de signaaloverdracht tussen hersencellen en de vorm van broccoli. En in 1788 muziekstukken van ruim veertig componisten, waaronder Bach, Mozart, Chopin, Scott Joplin en Dave Brubeck, die samen vier eeuwen muziekgeschiedenis omspannen.

In een fractal komt de globale vorm steeds in het klein terug, zoals in deze sneeuwvlok.

Dat patroon laat zich nog het beste omschrijven als een fractal, de bekende visualisaties van wiskundige vergelijkingen waarin de globale vorm in het klein steeds terugkomt. Elk deel is daardoor een herhaling van het geheel. Hetzelfde vond Levitin in de muziek: alle stukken zijn opgebouwd uit kleine fragmenten die een reflectie zijn van het grote geheel.

Dat ontdekten ze door met behulp van computers elke noot en elke stilte in de 1788 muziekstukken in kaart te brengen, waarbij ze zich specifiek richtten op de lengte ervan.

Bij alle muziekstukken kwamen dezelfde fractale verhoudingen naar voren. Uit eerder onderzoek was al gebleken dat je die verhoudingen ook vindt als je kijkt naar de verschillen in toonhoogte in muziekstukken.

Wel bleek elke componist net een klein beetje af te wijken van het ideale gemiddelde. En het leuke is: op grond van de die afwijking kun je precies vaststellen met welke componist je van doen hebt. Alle stukken van Mozart blijken een specifieke mathematische handtekening te hebben, die verschilt van die van Haydn of Scriabin. Mozart bleek ritmisch gezien de minst voorspelbare componist te zijn, terwijl Beethoven het meest voorspelbaar was. Monteverdi en Scott Joplin lagen, hoewel muzikaal totaal verschillend, qua wiskundige handtekening juist heel dicht bij elkaar.

Mozart ‘Eine kleine Nachtmusik’ uitgevoerd door Les Dissonances in Wenen.

Je kunt je afvragen wat deze bevinding nu zegt over muziek, maar Levitin draait het juist om: die vraagt zich af wat zijn onderzoek zegt over de mens. Hij ziet zijn onderzoek als een bewijs dat het menselijke brein blijkbaar heel geschikt is om bepaalde patronen verwerken. Componisten door de eeuwen heen zijn er – bewust of onbewust – heel bedreven in om hun muziek af te stemmen op dat vermogen.

Bron:

Zie ook

Dit artikel is een publicatie van W24.
© W24, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 23 februari 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.