Je leest:

Moedermelk voor sterke en slaperige baby’s

Moedermelk voor sterke en slaperige baby’s

Auteur: | 1 januari 2001

De eerste slokjes aan de borst zijn waterig en lessen baby’s ergste dorst. De laatste teugen zijn volvet en geven een voldaan, slaperig gevoel. Moedermelk bevat alles wat een pasgeborene nodig heeft, bovendien smaakt het lekker zoet, is altijd op temperatuur, werkt rustgevend en doodt bacteriën.

Tot zes maanden na de geboorte levert moedermelk alle eiwitten, koolhydraten en vetten die een kind nodig heeft, in een aangename verpakking. Gezondheidsinstanties verkopen het als ‘de beste start’ en zuivelproducenten mogen geen publieksreclame maken voor hun zuigelingenvoeding. Kinderen die moedermelk drinken, hebben namelijk minder last van oorontstekingen, longinfecties, blaasontsteking en darmkrampen.

Drie jaar geleden becijferden Amsterdamse onderzoekers dat Nederland alleen al op kosten van luchtweginfecties ruim drie miljoen zou besparen wanneer tien procent meer baby’s borstvoeding zouden krijgen. Wie grootgegroeid is op borstvoeding blijkt ook later robuuster. Flesgevoede kinderen hebben vaker overgewicht, astma, eczeem en andere allergieën. Verder zijn er sterke aanwijzingen dat moedermelk beschermt tegen wiegendood, diabetes en chronische darmziekten zoals de ziekte van Crohn. En te vroeg geboren kinderen die borstvoeding krijgen, zijn later gemiddeld intelligenter.

Driekwart van de Nederlandse en zestig procent van de Vlaamse moeders begint met borstvoeding, maar na een maand is bijna de helft al gestopt. Slechts één op de tien Nederlandse kinderen zuigt een half jaar lang aan de moedertepel. Noorwegen is wat borstvoeding betreft koploper in Europa. Na een intensieve campagne van de overheid drinkt meer dan tachtig procent van de Noorse baby’s na zes maanden nog aan de borst; in Mongolië is dat 93%.

Dioxinen

Al deze voordelen zijn te danken aan antistoffen in de moedermelk, de enige component die flesvoeding (nog) niet kan bieden. Moedermelk ‘leeft’; de melk bevat antilichamen, witte bloedcellen en lactoferrine, een eiwit met anti-bacteriële werking. De stoffen bieden bescherming tegen bacteriën en virussen die de moeder – en waarschijnlijk dus ook de baby – in haar directe omgeving tegenkomt. De antilichamen en lactoferrine voorkomen dat bacteriën zich nestelen in slijmvliezen van longen en darmen; de witte bloedcellen doden bacteriën. Maar de melk bevat tevens stoffen die ‘goede’ bacteriën een kans geven in de darmen, zodat er een gezonde darmflora ontstaat.

Moedermelk bevat ook nog groeihormonen, insuline en andere enzymen die de baby helpen bij de groei en spijsvertering. Het kalmerende effect dankt melk waarschijnlijk aan casomorfinen. Dit zijn gedeeltelijk verteerde eiwitten die zijn aangetroffen in de darmen. Op laboratoriummuizen hebben ze een kalmerende en pijnstillend effect. Dat verklaart mogelijk de werking van grootmoeders ‘glaasje warme melk voor het slapen’.

Het enige belangrijke nadeel aan moedermelk is het hoge gehalte aan pcb’s (polychloorbifenylen) en dioxinen, giftige stoffen die door de mens in het milieu zijn gekomen en daar slecht afbreken. De stoffen hopen zich op in lichaamsvet en moedermelk raakt ermee besmet. Een beetje baby drinkt zo’n zeshonderd kilojoules per dag, zodat vetvoorraden worden aangesproken. In de eerste levensjaren is bij de ‘borstdrinkers’ een kleine mentale achterstand te meten, veroorzaakt door de pcb’s. Toch concluderen voedingsdeskundigen keer op keer dat moedermelk netto meer voordelen heeft dan nadelen. Moeders die al jaren geen of weinig vlees eten, hebben overigens een beduidend lagere concentratie pcb’s en dioxinen in hun melk. Vlees is namelijk de belangrijkste bron.

Niet chique

Hoe goed borstvoeding ook mag zijn, de borst geven is niet altijd mogelijk, soms onhandig te combineren met werk of wordt gezien als ‘niet chique’. Vroeger namen sommige welgestelden daarom een min in dienst om de kinderen te voeden of gebruikten ze aangelengde geitenmelk. Dat laatste was niet zo’n slim idee.

Voedingsstoffen bevat deze melk voldoende, maar door het ontbreken van koelkasten en pasteurisatie was de melk vaak niet bacterievrij. De laatste honderd jaar is flesvoeding echter een goed alternatief. Kinderen die opgroeien met de fles zijn wat vaker verkouden en hebben vaker buikpijn, maar buiten dat zijn ze kerngezond. Borstgevoede kinderen groeien in het begin harder, maar flesdrinkers halen de achterstand binnen zes maanden in, waarna ze zelfs wat zwaarder worden.

De zuigelingenmelk die nu in elke supermarkt in de schappen staat, is aangepaste koemelk (zie infografiek). Het gehalte aan eiwitten, vetten en koolhydraten is aangepast en het zoutgehalte is verminderd om de nieren van de baby niet te veel te belasten. Vitaminen en sporenelementen zoals ijzer, zink en seleen worden toegevoegd. De laatste jaren is ook de samenstelling van de vetten aangepast omdat er goede aanwijzingen zijn dat de lange meervoudig onverzadigde vetzuren aanwezig in moedermelk de intelligentie bevorderen.

Pasteuriseren

Het enige wat aan flesvoeding (nog) ontbreekt zijn de moederlijke afweerstoffen. Net als alle zoogdieren, geeft de moederkoe antistoffen door aan haar kalf. De activiteit van deze stoffen gaat echter bij de hoge temperatuur (75°C) van het pasteuriseren grotendeels verloren. En pasteurisatie is absoluut noodzakelijk bij zuigelingenvoeding. Bovendien zijn de afweerstoffen in koemelk gericht tegen de bacteriën uit de stal en de groene wei. Dit zijn hoogstwaarschijnlijk andere bacteriën dan een baby ontmoet in de wieg. Onderzoekers hebben wel eens geprobeerd een koe opzettelijk te besmetten met menselijke ziektekiemen om zo meer ‘humane’ melk te krijgen, maar erg succesvol was die poging niet.

Dankzij de biotechnologie kan zuigelingenvoeding in de toekomst wellicht nog meer op echte moedermelk lijken. Nutricia ondersteunde bijvoorbeeld de creatie van de genetisch gemanipuleerde stier Herman. In de melk van Hermans dochters zat lactoferrine, het menselijke melkeiwit met anti-bacteriële werking. Pharming, het bedrijf dat Herman ‘maakte’, wilde de lactoferrine uit de melk isoleren en als geneesmiddel aan darmpatiënten voorschrijven. Nutricia ziet net als Yakult en Becel veel in gezonde zuivel. Voor grootschalige productie bleek het lactoferrinegehalte echter te laag.

Dit artikel is een publicatie van Natuurwetenschap & Techniek.
© Natuurwetenschap & Techniek, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 januari 2001

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.