Je leest:

Medaille kost 4,4 miljoen

Medaille kost 4,4 miljoen

Auteur: | 7 oktober 2008

Nederland heeft zestien medailles in de wacht gesleept op de Olympische Spelen in Peking. Schitterend toch voor zo’n klein land? ‘ ‘Hoe meer, hoe beter’ is echter het motto van de overheid. Het wordt echter óók duurder. Want wat kost zo’n medaille nu eigenlijk? Onderzoek van de Rekenkamer wijst uit dat het de overheid en de Lotto samen 4,4 miljoen euro per medaille kost.

Goed scoren

Goed scoren op de Spelen is een prachtige ambitie; het kost echter wel geld. Want behalve dat zaken als een omvangrijke bevolking, goede voeding en –meer algemeen- gunstige politieke en economische omstandigheden een handje kunnen helpen, doet topsportbeleid dit ook. Dat dit een prijzige aangelegenheid is staat buiten kijf. De vraag is hóe prijzig.

…Goed scoren is een prachtige ambitie, maar kost wel geld…

De Algemene Rekenkamer –de instelling die controleert of het Rijk geld uitgeeft en beleid uitvoert zoals de bedoeling was- heeft zich over deze vraag gebogen in het rapport ‘Topsport in Nederland’. Het rapport kijkt naar Lotto inkomsten die voor topsport zijn aangewend en naar geldstromen vanuit de Rijksoverheid. Over de afgelopen vier jaar heeft de Rijksoverheid gemiddeld 7,5 miljoen euro per jaar aan topsport besteedt, terwijl Lotto inkomsten voor 10 miljoen per jaar instonden.

Simpel maar effectief berekend

De 17,5 miljoen euro gedeeld door de 16 gewonnen medailles in Peking maakt dat een medaille ongeveer 1,1 miljoen euro per jaar kost. En omdat de Olympische Spelen slechts eens per vier jaar plaatsvinden, kunnen we zeggen dat een medaille nominaal 4,4 miljoen euro per jaar kost.

Drie stromen van topsportfinanciering Binnen het onderzoeksrapport ‘Topsport in Nederland’ (2008) heeft de Algemene Rekenkamer onderscheid gemaakt tussen topsportbijdragen die vanuit de private sector komen, opbrengsten uit de Lotto die voor topsport gebruikt worden en de bijdragen die vanuit de publieke sector komen. De stromen vanuit de private sector, zoals contributies en sponsoring, worden vrijwillig gegeven door bedrijven, leden van sportbonden en andere betrokkenen. De geldstromen vanuit de private sector zijn buitengewoon belangrijk, maar hier heeft de overheid geen directe invloed op. Op de geldstromen die vanuit de publieke sector naar topsportbeleid gaan natuurlijk wel; de publieke sector is immers het gedeelte van de economie dat de overheidsinstellingen omvat, terwijl de private sector alle instellingen (bedrijven, verenigingen, stichtingen etc.) behelst die niet in handen zijn van de overheid.

De berekening is nogal simplistisch. Vanuit wetenschappelijk oogpunt is uitvoeriger onderzoek noodzakelijk om tot conclusies te komen over de vraag wat een medaille kost en ook wat het maatschappelijk gezien oplevert. Een simpele kosten-batenanalyse als door de Rekenkamer gedaan kan echter een voorzichtige indicatie geven van wat het in dit geval in directe zin heeft gekost om een bepaald aantal medailles in de wacht te slepen…

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 07 oktober 2008
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.