Je leest:

Linnaeus is 300

Linnaeus is 300

Auteur: | 25 mei 2007

Canis Familiaris, Drosophila Melanogaster – Latijnige namen voor hond en fruitvliegje. Ze werden bedacht door de Zweed Carl von Linné, beter bekend als Carolus Linnaeus. De overtuigde creationist introduceerde regels voor het groeperen van diersoorten, die nog steeds worden gebruikt.

Oak, ash, alder, beech, birch, cedar, elm…hoeveel van deze Engelse bomennamen kunt u terugvertalen naar het Nederlands? Bij meer dan drie of vier: petje af! Dieren en planten hebben in elke taal een andere naam en soms is er niet eens een fatsoenlijke vertaling voorhanden. Biologen gebruiken daarom een universele naamgeving. De basisregels zijn opgesteld door de Zweed Carl von Linné (23 mei 1707 – 10 januari 1778). Deze week vieren biologen zijn driehonderdste geboortedag.

Standbeeld van Linnaeus in Lund, waar Linneaus zijn universitaire opleiding voltooide. bron: WikiMedia Commons. Klik op de afbeelding voor een grotere versie.

Dubbele naam

Het schema van Linneaus gaf aan elk organisme een dubbele Latijnse naam. Het eerste deel van zo’n naam, zoals drosophila in drosophila melanogaster, geeft aan bij welk genus een soort hoort. Het tweede deel ( melanogaster) is de specifieke naam van de soort: het fruitvliegje in dit geval. De complete naam betekent ‘dauwminnend zwartbuikje’.

Linnaeus baseerde zijn indeling op uiterlijke kenmerken. Die manier om soorten te ordenen heet een cladistische stamboom. Sinds Darwin zijn evolutietheorie opstelde weten biologen dat bestaande soorten zijn ontstaan uit vooroudersoorten. Een stamboom die aangeeft welke soorten van welke voorouders afstammen heet cladistisch.

Deze fylogenetische stamboom deelt soorten organismen in op hun evolutionaire afstamming. bron: Eric Gaba / WikiMedia Commons. Klik op de afbeelding voor een grotere versie.

Hoe meer genen twee soorten gemeenschappelijk hebben, hoe korter het geleden is dat ze zijn ontstaan uit een gemeenschappelijke voorouder. De gewoonte om soorten Latijnse namen te geven is gebleven, al hebben sommige soorten andere namen gekregen. De gedomesticeerde hond heette eerst canis familiaris maar is omgedoopt tot canis lupus familiaris. De eerste twee woorden geven aan dat we het hebben over de wolvensoort. Wolven en huishonden horen biologisch gezien tot dezelfde soort, met huishonden als subsoort binnen de wolfachtigen.

bron: Cynthia Goldsmith. Klik op de afbeelding voor een grotere versie.

Geen plant of dier, maar…

De oorspronkelijke indeling van Linneaus had een Koninkrijk der Dieren en der Planten, waarin alle levende soorten werden ingedeeld. Bacteriën passen niet in zo’n indeling en kregen dus een eigen Koninkrijk. Er leven nu zelfs nog afstammelingen van oeroude microorganismes die niet eens tot de bacteriën horen: Archaea. Van virussen, parasitaire stukken genetisch materiaal die cellen overnemen, weet niemand zeker hoe ze ontstaan zijn en in welk deel van de levensboom ze passen.

De natuur hanteert zelf geen indelingen in planten, dieren, bacteriën, soorten en rassen. Ook leven en niet-leven zijn maar een menselijke aanduiding: virussen of prionen (eiwitten die andere eiwitten tot kopieën van zichzelf kneden) kunnen zich niet voorplanten zonder gastheer. Parasiet, zelfstandig leven, dood maar reproducerend materiaal? Uiteindelijk is élke manier om de natuur in te delen willekeurig.

Zie verder

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 25 mei 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.