Je leest:

Kepler bevestigt planeet in bewoonbare zone

Kepler bevestigt planeet in bewoonbare zone

Auteur: | 8 december 2011

Met de Kepler-telescoop houdt NASA continu duizenden sterren in de gaten om exoplaneten te vinden. De missie heeft nu voor het eerst een planeet opgeleverd die in de ‘bewoonbare’ zone rondom een ster cirkelt. Kennislink praat over de ontdekking met exoplaneten-expert Gijs Mulders van de Universiteit van Amsterdam.

Vorige week kondigde de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA aan dat ze met hun Kepler-missie voor het eerst een exoplaneet hebben gevonden die, net als de aarde, precies in de bewoonbare zone rondom de ster draait. Gijs Mulders, promovendus op het onderwerp planeetvorming aan de Universiteit van Amsterdam, legt uit wat dat precies betekent. ‘Vloeibaar water is op aarde essentieel geweest voor het ontstaan van leven, dus kijken astronomen op zoek naar bewoonbare exoplaneten naar plekken waar ook vloeibaar water kan voorkomen. Als een planeet te ver van de ster afstaat dan is er alleen maar ijs te vinden. Staat hij te dichtbij, dan zal al het water verdampen.’

Het stelsel waarin exoplaneet Kepler-22b zich bevindt, in vergelijking met ons eigen zonnestelsel. De groene zone wordt als bewoonbaar beschouwd omdat de temperatuur daar precies goed is voor vloeibaar water. Omdat de ster iets kleiner is dan de zon ligt deze zone iets dichterbij de ster.

Rots- of gasplaneet

Neptunus is een voorbeeld van een gasplaneet waar geen vast oppervlak is. Wetenschappers denken dat de kans op leven veel groter is op rotsachtige planeten zoals de aarde.

NASA via Publiek domein

Volgens Mulders is Kepler-22b een bijzondere ontdekking, mede omdat hij rond een ster draait die vergelijkbaar is met onze zon. Dat was bij eerdere ontdekkingen van planeten in de bewoonbare zone niet het geval. Maar hij laat ook weten dat leven op een planeet van meer factoren afhankelijk is. Zo is er bijvoorbeeld niet duidelijk Kepler-22b een rotachtige of gasplaneet is. ‘Daarvoor moet je de dichtheid weten,’ zegt Mulders. ‘En de overgangsmethode waarmee Kepler exoplaneten vindt geeft alleen informatie over de diameter van de planeet (af te leiden uit de vermindering in intensiteit van de ster). Verder kun je de afstand tot de ster bepalen (af te leiden uit de periode waarmee de planeet de ster steeds verduistert). Het zegt echter niets over de massa van de planeet. Uit zo’n massa zouden we kunnen afleiden of we te maken hebben met een ‘aardse’ rotsplaneet of een gasplaneet.’

Kracht van combineren

De massa van exoplaneten is echter wel te bepalen. Maar met een andere meetmethode, de zogenoemde radial-velocity-methode. Die is gebaseerd op het ‘wiebelen’ van de ster, als gevolg van de zwaartekracht van een planeet. Weet je de massa van ster, te bepalen uit het spectrum, dan weet je ook de massa van de planeet. ‘Maar de kracht zit hem in het combineren van de twee methodes,’ laat Mulders weten. ‘Door overgangen én het wiebelen van de ster waar te nemen, krijg je een idee van de dichtheid van een planeet. Iets waarbij we bij Kepler-22b nog in het duister tasten.’

Kepler-22b moeilijk studieobject

Wolken van water zijn, zoals de aarde bewijst, een prima aanwijzing voor de bewoonbaarheid van een planeet.
NASA/Jesse Allen

Dus springen we nu in een ruimteschip op weg naar Kepler-22b om aliens te gaan spotten? ‘Nee, dat gaat een beetje moeilijk,’ zegt Mulders. ‘De planeet is zo’n 600 lichtjaar van ons verwijderd. Die grote afstand maakt het ook vanaf de aarde een moeilijk studie-object. De ultieme aanwijzingen voor een bewoonbare planeet zijn vloeibaar water op het oppervlak en wolken in de atmosfeer. Verder kunnen er biomarkers aanwezig zijn voor al aanwezig leven op de planeet: bijvoorbeeld zuurstof en methaan. Door de afstand tussen ons en Kepler-22b is de kans dat we een glimp van de samenstelling van de atmosfeer te pakken krijgen klein. Maar desondanks creëert deze ontdekking natuurlijk een grote motivatie voor het verder zoeken naar een aardachtige planeet die dichterbij staat en die we daardoor beter kunnen bestuderen.’

Kepler en planeetovergangen

NASA’s Kepler-telescoop werd in 2009 gelanceerd en houdt sindsdien zo’n 100.000 sterren in het vizier. Het doel is kortdurende en minieme verduisteringen van de sterren waar te nemen. Zo’n verduistering kan veroorzaakt worden door een planeet die heel even voorbij zijn ster gaat en daarbij de helderheid van de ster vermindert. Dit is vergelijkbaar met bijvoorbeeld een Venusovergang in ons eigen zonnestelsel. De planeet beweegt dan vanaf de aarde gezien voor de zon langs.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 08 december 2011
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.