Je leest:

Isaac Israels op locatie

Isaac Israels op locatie

Nieuwe ontdekkingen over zijn werk

Auteur: | 28 augustus 2012

Kunstkenners en -handelaren waren een eeuw geleden een stuk makkelijker in het betitelen van schilderijen. Uit recent onderzoek is gebleken dat tientallen werken van de impressionistische schilder Isaac Israels toen de verkeerde titels hebben gekregen. De locaties waarnaar deze werken zijn vernoemd, kloppen vaak niet met de werkelijke locaties.

De cover van het boek ‘Isaac Israels in Amsterdam’.
Stadsarchief Amsterdam

Je leest wel eens een boek waarvan je denkt: hier wil ik meer van weten. Het boek Isaac Israels in Amsterdam van J.F. Heijbroek en Jessica Voeten is zo’n boek. Het is deze zomer uitgekomen bij de gelijknamige tentoonstelling in het Stadsarchief Amsterdam (de tentoonstelling is te zien tot en met 9 september 2012). De auteurs bespreken het leven van de impressionistische schilder Isaac Israels, de zoon van de toen al beroemde kunstenaar Jozef Israëls.

Rond de vorige eeuwwisseling leefde de eeuwige vrijgezel Isaac in Amsterdam, waar hij vele schetsen, tekeningen, pastels en olieverfschilderijen maakte. Zijn favoriete onderwerpen waren de altijd bedrijvige stad en haar (vrouwelijke) inwoners. Drukke straten met dienstmeisjes, winkelende mensen en werkende arbeiders, maar ook kinderen in het Oosterpark. Amsterdam in weer en wind. Amsterdam overdag en bij nacht, met vertier op de Zeedijk en in de rokerige danslokalen: ook hier weer voornamelijk vrouwen.

Toevallige voorbijgangers

Het grootste deel van het boek behandelt de Amsterdamse werken van Israels (1865-1934) per locatie of onderwerp. De schilder maakte meestal meerdere tekeningen en schilderijen vanuit één plek, vaak een bovenverdieping van een hoekhuis. Nadat hij in 1894 een vergunning had gekregen van het stadsbestuur om in de open lucht te mogen werken, zette hij zijn schildersezel ook op straat neer om naar het leven te kunnen schilderen.

Zijn modellen waren meestal toevallige voorbijgangers of dienstmeiden die een paar centen bijverdienden door voor hem te poseren. Wat je misschien niet zou verwachten van een impressionistische schilder, die onmiddellijk weergeeft wat zich op dat moment afspeelt, is dat Israels de omgeving vrij exact afbeeldde. Als een huis drie ramen had, schilderde hij er ook drie en als een grachtenpand een klokgevel had maakte hij daar geen simpele versie van. Dit zou erg van pas komen bij het onderzoek dat aan het boek voorafging.

Gedeelte van krijttekening ‘Meisjes van de Munt’ (circa 1895).
Stadsarchief Amsterdam

In het boek zelf komt dit voorbereidende onderzoek vrij summier aan bod, ondanks dat het heel wat voeten in de aarde heeft gehad.

Veel van de tekeningen van Israels hadden namelijk onduidelijke namen als Drie dienstmeisjes op een gracht. De exacte locatie was niet bekend en voor dit boek, en ook de tentoonstelling, was het wel zo wenselijk om te achterhalen naar welke gracht de bezoekers stonden te kijken.

Conservator Bert Gerlagh ging hiermee aan de slag en deed enkele spectaculaire ontdekkingen. Niet alleen wist hij van tientallen tekeningen zonder naam de locatie te achterhalen, ook kwam hij tot de ontdekking dat een aantal bekende locaties niet klopten.

Het onderzoek

De auteurs van het boek startten een grootschalig onderzoek naar Isaac Israels’ tijd in Amsterdam. Zij boorden voor het eerst alle mogelijke bronnen aan, bestudeerden zijn schetsboeken, lazen zijn correspondentie en plozen de krantenartikelen uit die periode uit. In de kranten en in brieven kwamen titels van schilderijen en tekeningen voor die niet meer te traceren waren. Andere schilderijen bleken door de tijd van titel (waarmee de locatie werd aangegeven) te zijn veranderd. Langzaamaan werd duidelijk dat de titels van de werken een onzekere factor vormden voor de exacte locaties. Diepgaand wetenschappelijk onderzoek was hier noodzakelijk.

Bert Gerlagh heeft voor zijn research vele werken van Israels vergeleken. Met elkaar en met foto’s, plattegronden en literatuur. Zo verscheen er eind 19de eeuw jaarlijks een Amsterdams adresboek waarin tienduizenden mensen staan. Niet alle Amsterdammers worden genoemd aangezien ze moesten betalen voor publicatie. Met name winkels, bedrijven en rijkere particulieren zijn met naam, adres en beroep in de boeken opgenomen. Een handige bron: tekeningen waarvan de locatie onbekend was maar waarbij een winkelnaam op de getekende pui was te lezen, konden hiermee gedeeltelijk getraceerd worden. De precisie van de schilder deed de rest: een knik in de straat, exact weergegeven gevels en rondlopende stoepranden zijn in oude foto’s en op stadsplattegronden te herkennen.

Vijgendam bij avond met aantekeningen.
Stadsarchief Amsterdam

Geen Kalverstraat

Op deze manier werd de Vijgendam bij avond (ca.1894) ontdekt. Deze tekening met winkelend publiek, gemaakt van zwart krijt, was eerder gelokaliseerd als de kruising op de Kalverstraat en Spui. Bij nader inzien kon dit onmogelijk waar zijn vanwege de knik in de straat, linksonder op de tekening: de Kalverstraat en het Spui lopen recht.

Nadat duidelijk was geworden dat de verlichte winkelpui toebehoorde aan confectiezaak Magazijn de Leeuw, (dit was te lezen op een andere tekening met dezelfde compositie) is het adresboek uit 1894 erop nageslagen. Magazijn de Leeuw was niet geadresseerd in de Kalverstraat, maar op Vijgendam 7.

Plattegrond van de Vijgendam.
Stadsarchief Amsterdam

Ter vergelijking: op de plattegrond van de Vijgendam was ook een knik in de straat te zien. Deze plattegrond van Amsterdam uit 1909-1910 met schaal 1:1000 is heel gedetailleerd: je kunt de grootte van de percelen aflezen, de huisnummers, bomen en zelfs lantarenpalen. Een foto uit circa 1911 maakte de vergelijking compleet. De winkelpui van het witte gebouw met aan de rechterkant van de straat de ronde pui kloppen precies, evenals de knik in de straat linksonder. In real life is het helaas niet meer terug te vinden: de winkels moesten plaats maken voor de uitbreiding van de Dam.

1911 Magazijn de Leeuw, Vijgendam 7
Stadsarchief Amsterdam

Tot nu toe had niemand getwijfeld aan de locatie van het werk, omdat de titel nog uit de tijd van de schilder stamde. Israels heeft blijkbaar zelf ook niet de moeite genomen om dit recht te zetten. Zou de titel Kalverstraat soms beter hebben verkocht?

In ieder geval schreef Israels in zijn correspondentie met zijn goede vriend Frans Erens dat hij in de Kalverstraat had staan tekenen terwijl tot nu toe nog geen werk van zijn hand te lokaliseren is in deze winkelstraat.

Kenners zaten fout

Op dezelfde wijze ging Bert Gerlagh met meerdere werken aan de slag. Bijvoorbeeld de pastel Windvlaag, die door de jaren heen al aan verschillende locaties in Oost gekoppeld was. Israelskenner van het eerste uur Anna Wagner had het Eikenplein als locatie aangewezen maar ook het Kastanjeplein is de revue gepasseerd.

‘Windvlaag’ door Isaac Israels uit circa 1895
Wikicommons

In het onderzoek van Gerlagh komt het Dapperplein naar voren. Waar men eerst uitging van aaneengeschakelde huizenblokken ontdekte de onderzoeker een uitsparing (linksboven op de pastel). Oude foto’s en de plattegrond uit die tijd bevestigen deze inkijk naar de keukenuitbouwtjes van de achterliggende huizen. Ook is dit het enige huizenblok in die buurt waar drie smalle huizen van slechts twee ramen breed naast elkaar staan (links van de winkelpui). Op de andere pleinen staan bredere huizen met drie ramen. Omdat Israels de bebouwing gedetailleerd weergaf, kunnen we er op vertrouwen dat hij geen smalle huizen zou hebben getekend als ze daar niet stonden.

Dienstmeisjes bij de gracht

Twee Amsterdamse dienstmeisjes, met witte muts en schort, staan langs een gracht met elkaar te praten. Door Isaac Israels, circa 1890-1900.
Rijksmuseum Amsterdam

Israels beeldde op veel werken dienstmeisjes af: ze staan met elkaar te praten of lopen langs de gracht. Welke gracht is vaak onbekend, zo ook van bovenstaand werk uit het Rijksmuseum Amsterdam. Bert Gerlagh heeft de gevels uit dit schilderij (en van een qua bebouwing aanverwant werk) vergeleken met de gevels uit onder andere de Amsterdamse Grachtengids van Tim Killian. In dit boek staan alle gevels van de vier hoofdgrachten exact nagetekend. Na de vergelijkingen hield de researcher zes potentiële locaties over. Bij verder onderzoek naar deze locaties in de beeldbank van het Stadsarchief, sprong de foto van M.M. Jansse er onmiddellijk uit.

Foto van de Leidsegracht.
Stadsarchief Amsterdam
Ter vergelijking: tussen de hoofden van de dienstmeisjes zijn een rode en een groene deur te zien, op verschillende hoogte. Deze deuren zijn precies terug te vinden aan de linkerkant op Jansse’s foto, inclusief de streep op de groene deur. Deze streep is de scheiding tussen twee deuren binnen dezelfde deurpost. Het ging hier om de Leidsegracht, een plek die vandaag de dag nauwelijks veranderd is.
Vergelijking gevels aan de Brouwersgracht.
Stadsarchief Amsterdam

Klap op de vuurpijl

In de schetsboeken van Israels kwamen veel tekeningen voor met werklui en dienstmeisjes op dezelfde, onbekende plek. Steeds terugkomend waren twee achter elkaar liggende bruggen met aan weerszijde bebouwing. Zoek dat maar eens uit. De gevels kwamen niet overeen met de gevels uit de Amsterdamse Grachtengids. Na vergelijking met oude foto’s waarop Bert Gerlagh wel dezelfde gevels had gevonden, was hij overtuigd van zijn ontdekking: het ging hier om de Brouwersgracht, gezien vanaf de brug aan het begin van de Herengracht en richting de Keizersgracht. Met deze vondst heeft hij tientallen tekeningen voor het eerst kunnen lokaliseren.

Dienstmeisjes op een bolle brug met een rij keien.
Stadsarchief Amsterdam
Herengracht 2 op een foto uit 1916, met de geheel gepleisterde zijgevel.
Stadsarchief Amsterdam

Nu was er nog een brug en daar kon de onderzoeker zijn vinger maar niet op leggen. De bolle brug is te zien op enkele werken met dienstmeisjes met verder grote bomen op de achtergrond, een rij keien in het plaveisel en een hoge zijmuur zonder ramen aan de rechterzijde. Gerlagh kon dit aanzicht nergens plaatsen. Totdat hij een keer door de stad liep en de geheel gepleisterde zijgevel van Herengracht 2 zag. Dit was op de hoek met de Brouwersgracht, bij diezelfde brug als van de reeks voorgaande tekeningen.

Herengracht bij de Warmoesgracht (later: Raadhuisstraat), Jacob Olie, 1894
Stadsarchief Amsterdam

Dit viel nogal op: er zijn maar weinig gepleisterde zijgevels zonder zijramen en zeker niet bij zo’n prominente hoek. Uit oud fotomateriaal (1916) bleek dat ook toen de muur al compleet gepleisterd was en dat er grote bomen aan de gracht stonden. De brug was alleen niet bol meer: hij was enkele jaren daarvoor vervangen door een platte brug. Maar wanneer je kijkt naar foto’s rond 1900 van de fotograaf Jacob Olie, zie je hoe de bruggen uit die tijd geplaveid waren. Rijen van grote keien scheidden het voetgangersgedeelte af van de rijweg. Dit type plaveisel heeft dus hoogstwaarschijnlijk ook in de brug over de Brouwersgracht gezeten.

Op deze plek heeft Israels duidelijk veel tekeningen staan maken: zowel richting de Keizersgracht als een kwartslag gedraaid, langs de Herengracht richting het zuiden.

Dansende vrouwen in een danshuis op de Zeedijk. Isaac Israels, ca.1893.
Stadsarchief Amsterdam

Verder onderzoek is nodig

Met de verschijning van het boek is het onderzoek afgerond maar nog niet compleet. Er zijn nog meer werken van Israels waarvan onduidelijk is waar ze zich precies afspeelden. Zo zijn de nachtelijke voorstellingen in rokerige danslokalen niet precies te lokaliseren. Ze bevonden zich aan de Zeedijk maar waar…?

De adresboeken uit de 19e eeuw bevatten helaas geen namen van danslokalen. Bert Gerlagh heeft vervolgens het politiearchief geraadpleegd in de hoop op verslagen van politieagenten die dienst hadden gehad op de Zeedijk. Helaas zijn de archieven inmiddels opgeschoond en bevatten ze dit soort hulpvolle details niet meer. De raadsels zijn daarmee nog niet allemaal opgelost.

Op de valreep

De tentoonstelling Isaac Israels in Amsterdam is nog te zien tot en met 9 september. Voor wie geen tijd heeft om de werken van Israels in levende lijve te gaan bekijken, is het uitgebreide boek met mooie afbeeldingen een aanrader: J.F. Heijbroek en Jessica Voeten, Isaac Israels in Amsterdam (Amsterdam 2012).

Met medewerking van Bert Gerlagh, Conservator Prenten en Tekeningen (1600-heden) van het Stadsarchief Amsterdam.

Lees meer op Kennislink:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 28 augustus 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.